Recensie Ed Sheeran

Van herriehutspot naar extase: Ed Sheeran in de Johan Cruijff Arena (vier sterren)

Wie zich donderdagavond een beetje rechts vooraan in de Johan Cruijff Arena bevindt, heeft geluk. Die ziet Ed Sheeran namelijk het voetbalstadion betreden via een zij-ingang onder de tribunes, en kan een begin maken met een verklaring van het verschijnsel. Een ontrafeling van het mysterie-Sheeran.

Ed Sheeran tijdens zijn concert in de Johan Cruijff Arena Beeld Ben Houdijk

De man die met een houten gitaar een massa mensen kan benevelen: ja, we weten inmiddels dat hij dat kan. Het is zelfs een beetje oud nieuws, dat tot vervelens toe wordt rondgepompt. De Ziggo Dome ging nog maar een jaar geleden op de knieën. En daar is hij alweer, met nagenoeg hetzelfde showpakket, inclusief decor. Maar voor 55 duizend man dit keer. Kan hij die ook plat spelen? En hoe doet hij dat dan?

Zie hem binnenkomen. In een entourage als die van een bokser die zijn titel gaat verdedigen: een paar veiligheidsmensen, wat fotografen, zo te zien iets van een manager. Maar Sheeran is in dat groepje eigenlijk de zonderling, de jongen die niet snapt waarom iedereen ineens zo opgewonden loopt te doen.

Er staat een bijna schamper lachje op zijn gezicht, als hij zijn gitaar aanpakt van de gitaaraangever aan de rand van het podium. Hij rent het trappetje op, slaat de handen tegen elkaar. Een knikje naar het publiek: ‘Hoi!’ Jan met de pet die zijn stamkroeg binnenwandelt. En dan begint Sheeran maar gelijk met het driftige slaggitaarwerk van Castle on the Hill, dat opgewekte nummer met toch best weemoedige bijklanken, over jeugd en vriendschappen en de dingen die voorbij gaan. Zijn rechterbeen stampt de maat. Sheeran heeft er zin in.

Maar de Arena nog niet zo. Het stadion mét dak is een nauwelijks te bespelen galmcontainer, dat blijkt maar weer. Ed Sheeran had bij het nummer Eraser iets moois in gedachten, met afgemeten rapwerk naast staccato percussie op de gitaar, maar door de rondrazende echo wordt Eraser een hutspot van herrie. Dat hoort Sheeran zelf ook, want de echo rolt natuurlijk ook over het podium.

Beeld Ben Houdijk

Niet dat het zijn stemming drukt. Bij de drie volgende liedjes klautert Sheeran wat onhandig over de monitoren voor hem. Dat kan zomaar mis gaan: als er een omvalt, breekt Sheeran zijn enkels: einde Europese stadiontournee. Het maakt hem kennelijk niet uit. Doet hij dat nou bewust, om de indruk te wekken dat hij de boel nog altijd maar gewoon een beetje aan elkaar pielt op zijn gitaar, alsof hij in de pub staat te spelen? Dat zou wel heel listig zijn. Hoe dan ook: hij haalt met zijn onbekommerde gedoetje op het podium wel de spanning uit de lucht. En vermindert zo de kopzorgen van de Arena, waar Sheeran het echomonster het eerste uur van zijn show toch niet echt onder controle weet te krijgen.

Zijn repertoire biedt een uitweg. Sheeran heeft een aantal aanstekerliedjes in de reistas, en als het stadion tegen tienen eindelijk een beetje donker en dus sfeervol wordt, mogen de lampjes branden. We vinden weer een sleutel tot het succes-Sheeran. Hij kan met toch alleen dat ene instrument dynamiek in zijn spel leggen en een verhaal vertellen. Soms een beetje fluisterend, dan weer met gebalde vuisten. Zoals de beste singer-songwriters dat kunnen, en dan alleen de állerbeste singer-songwriters – we noemen geen namen.

Sheeran zingt I See Fire met een ijle folkstem en de Arena vaart met hem mee in een bootje langs de Britse kusten. En luistert. Nu spant hij toch echt een draadje, tussen zijn eenzame zelf op dat enorme podium en die 55 duizend man voor zijn neus. Hij kondigt een speciale gast aan: Robbie Williams. Samen zingen ze Angels, en het stadion moet even slikken. Maar gelukkig blijft Williams niet lang hangen. Sheeran kan de ontroering zelf prima vasthouden en zelfs nog uitbouwen, in een finale die tot de meest verbluffende concertfinales van het afgelopen decennium gerekend mag worden.

Beeld Ben Houdijk

Bij het nummer Sing, even weer een lekker oud hitje, zingt Sheeran het stadion in een gelukzalige roes, met een gek hoog piepstemmetje maar dat maakt niet meer uit. De Arena brult mee: ‘Sing, o-o-o-ooh, sing!’ En maakt van dat toch vrij eendimensionale liedje een stadion-anthem. En van Shape of You natuurlijk, de verplichte toegift.

Wie er bij was, kan het navertellen. Of in ieder geval proberen de extase te beschrijven die op 28 juni 2018, tegen halfelf ’s avonds door de Johan Cruijff Arena golft. En die extase heeft Sheeran zelf, jawel, in zijn eentje en mét zijn gitaartje uit het stadion gestampt.

Zo doet hij dat, en vanavond doet hij het waarschijnlijk weer. We gaan het al bijna als vanzelfsprekend beschouwen, maar mogen het wonder ook nog best even koesteren.

Ed Sheeran

Pop

Ed Sheeran, Johan Cruijff Arena Amsterdam, 28/6.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden