Interview

'Van Beijnum gun ik graag enige reputatieschade'

Hugo Röling schreef een boek over zijn vader, maar werd ruw gepasseerd door Kees van Beijnum, die over diezelfde Röling een roman schreef. Het was dé literaire rel van 2014. Zoon Hugo wil er eigenlijk geen woorden meer aan vuil maken, maar spreekt toch.

Hugo Röling Beeld Jiri Buller

Hij dacht deze zomer het rijk alleen te hebben met het boek over zijn vader, Bert Röling (1906-1985). Deze wees namens Nederland vonnis in het Internationaal Militair Tribunaal van het Verre Oosten in Tokio, waar van 1946 tot 1948 28 Japanners, politici en militairen terechtstonden voor oorlogsmisdaden. Maar het relaas in De rechter die geen ontzag had kreeg onvoorzien gezelschap van de roman De offers, waarin schrijver Kees van Beijnum dezelfde jurist, hier Rem Brink genaamd, een hoofdrol geeft.

Aan het eind van de herfst is de gramschap bij historicus Hugo Röling (69) nog niet geweken: hij wist tot augustus niks van de roman, terwijl hij dagboekfragmenten en briefwisselingen van zijn vader in vertrouwen beschikbaar had gesteld aan Van Beijnum. Die werkte samen met regisseur Pieter Verhoeff aan een scenario voor een film over het tribunaal. Overleg met de uitgeverij leidde in een laat stadium tot enkele aanpassingen in de roman.

Bert Röling was een van de rechters van het Tokio-tribunaal. Beeld Privécollectie

Dat was niet genoeg?

'Ik wil er eigenlijk nog maar weinig over kwijt. Maar Van Beijnum is hondsbrutaal. Hij blijft maar volhouden dat hij mijn informatie helemaal niet nodig had, dat hij hooguit kleine dingetjes heeft gebruikt. Het wemelde van de details die hij alleen uit mijn documenten heeft kunnen lichten. Hoe weet hij dat mijn vader graag vroeg ging paardrijden en van de ochtendnevel genoot? Mijn vertrouwen is geschonden, daar gaat het om.'

Wat vindt u eigenlijk van Deoffers zelf?

'Ik ben de laatste die daarover iets gaat zeggen. Ik gun Van Beijnum graag enige reputatieschade, maar laat ik volstaan met de vermelding dat ik niet van dit soort boeken houd.'

Röling begon in 2009 op verzoek van de filmmakers met het verzamelen en doornemen van de familiepapieren.

Wanneer dacht u, net als Van Beijnum kennelijk overkwam: dit is een boek?

'Meteen. Het verhaal van het tribunaal is wel verteld. Juridisch-technisch zeer gedegen, maar ook wel verduiveld saai. Hier zag je de worsteling van mijn vader met de materie. Wat moest hij doen? Kwam wat de westerse landen eeuwenlang in Azië hebben misdaan, niet overeen met waarvoor de Japanners nu na een periode van vier jaar werden aangeklaagd?

'Het was voorts een openbaring hoe scherp mijn vader en moeder in hun onderlinge brieven observeerden. Hoe gedetailleerd, hoe raak ook. Mijn moeder signaleert bijvoorbeeld loepzuiver dat mijn tante uit Indië, die na de oorlog alleen maar privébeslommeringen heeft, terugverlangt naar het zorgeloze bestaan van het interneringskamp op Java. Dat vind ik ongelooflijk, zoiets. Dit boek is dan ook niet alleen een eerbetoon aan mijn vader, het is een monument voor mijn ouders. Ik kon laten zien hoe ze het samen hebben gedaan.'

Röling was bijna 4 toen zijn vader na een afwezigheid van 2,5 jaar weer in de huiskamer stond van de Utrechtse gezinswoning, te midden van de familie. De kinderen vijf waren er, Hugo was de jongste kregen een moorkop, een nauwelijks voor te stellen traktatie destijds. Hij herinnert zich een lange, statige man. Altijd een sigaret in de hand. Maar wel een vreemdeling.

'Dat is hij gebleven. Hij was een absolute workaholic en sinds zijn terugkomst veel op reis. Hij zat drie maanden per jaar in New York bij de Verenigde Naties. Het was een vader op grote afstand. Pas vanaf het moment dat ik kon meepraten over onderwerpen als de Italiaanse Renaissance en Shakespeare, was er meer contact. Maar erg goed heb ik hem niet gekend.'

Kwam de periode in Japan vaak ter sprake?

'Zeker, het was voor hem het keerpunt in zijn leven. Hij was een gewone criminoloog toen hij vertrok, 39 jaar oud en veruit de jongste rechter in Tokio. Hij wist niets over internationale betrekkingen en volkenrecht. Na het tribunaal was hij iemand die zich had bemoeid met de grote wereldpolitiek. Het provincialisme lag achter hem.

'Mijn vader was trots op zijn rol. Hij had er een afwijkende mening durven geven, het anti-kolonialistische standpunt ingenomen: de Japanners hadden een legitieme anti-imperialistische oorlog gevoerd. Maar ze waren in zijn ogen daarin wel te ver doorgeschoten. Hij sprak zelfs meer doodvonnissen uit dan er voltrokken zijn. Hij kwam uit op negen, allemaal militairen. Er zijn er zeven geëxecuteerd.'

Hij was intussen wel verliefd geraakt op het land.

'Hij was misschien wel de enige rechter van het tribunaal die contact zocht met de Japanners. Anderen golfden de hele dag, hij beklom Mount Fuji, hij maakte vrienden. Maanden na zijn thuiskomst kwamen er nog kisten met spullen thuis. Speelgoed, porseleinen serviezen, hij had behoorlijk ingekocht op het laatst. Kijk, hier heb je nog een schaal: made in occupied Japan. Thuis aan de muur hingen kakemono's, schilderijen van landschappen op zijde. Hij hield van de esthetiek, de beschaving van het zenboeddhisme, hij was zeer onder de indruk van de prachtige vrouwen.'

U bent erg open in het boek. Hij bekende laat aan u dat er Japanse meisjes zijn geweest. In de brieven staan alleen bedekte toespelingen.

'Kennissen hebben het me wel voorgehouden: waarom hang je de vuile was buiten? Maar zo ben ik opgevoed. Een rücksichtslose eerlijkheid is het fundament van het leven. Er kunnen betreurenswaardige dingen zijn gebeurd, maar die ga je niet onder het tapijt schoffelen.'

Geen dank

De dankbetuiging van schrijver Kees van Beijnum in zijn boek De offers aan het adres van filmregisseur Pieter Verhoeff zal in de volgende drukken van de roman niet meer te vinden zijn. Verhoeff, die met Van Beijnum een scenario schreef voor een film over het Tokiotribunaal, heeft uitgeverij De Bezige Bij gevraagd de passage te verwijderen. Volgens de regisseur heeft hij op geen enkele wijze bijgedragen aan het boek.

Of het conflict tussen Van Beijnum en Röling een rol bij het verzoek heeft gespeeld, laat hij in het midden. 'Hugo heeft zijn eigen gevecht gehad. Ik vind wel dat hij te laat is ingelicht dat Kees ook met een boek bezig was.'

Voor de film wordt nog naar internationale financiering gezocht. De plannen voorzien in een vierdelige serie en een speelfilm. Het scenario van Van Beijnum en Verhoeff is inmiddels door schrijvers uit Australië en Canada aangepast.

U bent ook kritisch. Uw vader leverde een jezuïetenstreek.

'De aanklacht behelsde het plegen van misdaden tegen de vrede. Daar bestond nog geen wetgeving over, dan kun je niemand veroordelen. Hij had zijn zetel om die reden kunnen opgeven. Maar hij vond een oplossing: het is misschien geen misdaad in het internationaal recht, maar wel een politiek vergrijp. Daar mocht het tribunaal wel een uitspraak over doen. Zo kon hij blijven zitten. Het was een woordspelletje. Een trucje.'

Nu het boek er ligt, is het beeld van uw ouders veranderd?

'Er is veel verhelderd. Ik heb ze beter leren kennen. Veelzeggend, en ook wel pijnlijk, is dat mijn moeder na de dood van mijn vader veel brieven heeft vernietigd. Ze had, denk ik, het gevoel dat ze niet heeft gedaan wat ze had willen doen. Ze was boos op mijn vader: hij is al die tijd gewoon zijn gang gegaan, het was een egocentrische en ijdele man. Hij hing de grote sinjeur uit in Japan, zij zat thuis met vijf kinderen.

'Wat nu ook wel vaststaat, is dat mijn vader in Japan het op enkele punten bij het verkeerde eind heeft gehad, vooral de positie van de keizer schatte hij niet goed in. Uit de biografie van Herbert Bix blijkt dat Hirohito een totale opportunist was. Enerzijds afficheerde hij zich als iemand die geen oorlog wilde, anderzijds heeft hij het leger wel degelijk aangemoedigd. Maar mijn vader heeft hem tot op het laatst als een machteloze constitutionele monarch gezien. Natuurlijk had Hirohito destijds in de beklaagdenbank moeten zitten.'

Heeft de liefde voor het land zijn oordeel beïnvloed?

'Hij heeft min of meer genegeerd dat Japanners er helemaal niet op uit waren landen te bevrijden van de westerse overheersing. Ze wilden zelf koloniën stichten. Dat had brede steun in de samenleving. Mijn vader kwam niet veel verder dan het beeld van de bevrijders. Het was wishful thinking.

'Tegelijkertijd wist mijn vader als geen ander dat het vonnis inadequaat zou blijken. De taak van het tribunaal was eigenlijk te groot, het moest snel. Maar hij had er geen moeite mee. Dit was toen het meest haalbare. Als later zou blijken dat de werkelijkheid anders lag, was dat all in the game. Zo werkt het recht.'

Kees van Beijnum zegt: 'Het is toch mooi dat we samen een vergeten geschiedenis opnieuw tot leven wekken.'

'Hij wekt geen verleden tot leven, hij fabuleert. Dat mag, maar hij gebruikt het tribunaal als historisch decortje. Een voor iedereen als mijn vader herkenbare hoofdpersoon is daarin een hoerenloper die zijn Japanse vriendin met een kind laat zitten. Ik kan daar weinig moois in zien.'




Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden