ReportageKunstbeurs Unfair

Unfair biedt een bruisende presentatie van het beste wat Nederland aan jong kunsttalent te bieden heeft

Vanwege de coronacrisis is de kunstbeurs Unfair omgevormd tot een tijdelijk museum.

Feline Whispers van Afra Eisma, op Unfair. Beeld Max Hart Nibbrig

Je een vip wanen op een kunstbeurs: op Unfair in Amsterdam kan het deze zomer. Op de beurs in de Zuiveringshal van de Westergasfabriek worden normaal gesproken in een lang weekend duizenden bezoekers toegelaten, maar nu zijn dat er maar zo’n vijftig per keer. In het bijzondere tentoonstellingsontwerp vol hoeken en kamertjes waan je je regelmatig alleen met de nieuwste kunst.

Veel grote kunstevenementen, van Sonsbeek in Arnhem tot Manifesta in Marseille, moesten dit jaar hun maandenlang voorbereide edities uitstellen door corona. Deze week werd ook bekend dat fotobeurs Unseen 2020 in september is afgelast; de volgende editie is in 2021. 

Unfair is het eerste kunstfeest in Nederland dat toch doorgaat, zij het in iets andere vorm. Om het evenement coronabestendig te maken koos de organisatie ervoor de beurs om te vormen tot een tijdelijk museum, dat gedurende de zomermaanden ieder weekend te bezoeken is. Het beursoppervlak is wat kleiner dan normaal en de doorgaans uitbundige randprogrammering is afgevallen. Maar de kern staat er: een bruisende presentatie van het beste wat Nederland aan jong kunsttalent te bieden heeft.

Flexibiliteit zit in het dna van Unfair, zegt Adam Nillissen, een van de directeuren, aan de telefoon. Het rebelse zusje onder de Nederlandse kunstbeurzen werd opgericht in 2012, na de financiële crisis en in een tijd die werd gekenmerkt door culturele kaalslag. Nillissen en medeoprichter Peter van der Es wilden met de beurs een podium bieden aan jonge kunstenaars die na het afstuderen in een gat dreigden te vallen. 

Acht jaar later is de beurs niet meer weg te denken uit het Nederlandse kunstlandschap. ‘Als we van de beginjaren iets hebben geleerd, dan is het dat het ontzettend belangrijk is om vooruit te kijken en in beweging te blijven’, zegt Nillissen. Een nieuw plan was dan ook snel gesmeed, toen duidelijk werd dat de beurs in gewone vorm niet door kon gaan.

Omdat de festivaldrukte ontbreekt op deze uitgerekte editie, heeft de kunst zelf alle kans om te stralen. En dat is pure winst. Want wat een sprankelende selectie is er dit jaar te zien. Deze nieuwe generatie kunstenaars – deelnemers zijn maximaal tien jaar geleden afgestudeerd aan een Nederlandse academie – is speels, uitbundig, en heeft een grote liefde voor materialen. Of er nu wordt gewerkt met klei, textiel, verf of neonlicht, de experimenteerdrift en het maakplezier spatten ervan af.

Vooral de overdaad aan keramiek valt op: de tijden dat klei een beetje een lullig medium was, blijken voorgoed voorbij. Een van de gezichten van die heropleving is ‘ceramic influencer’ Koos Buster, die in 2018 opviel met zijn afstudeerwerk aan de Gerrit Rietveldacademie: Sierborden van bijna alles wat ik niet leuk vind. Voor Unfair stak hij alledaagse objecten – van een brandblusser tot een waterkoeler – in een keramisch jasje: het banale wordt bijzonder. 

Iets verderop speelt Katrein Breukers met het tuttige imago van de kleikunst, met bloemenvazen en knullig gekleide roosjes die de vrolijkheid van camp vieren. Intrigerend zijn ook de tegeltjesschilderijen van Gilles de Brock. Van een afstand lijken het posters met geometrische patronen, van dichtbij blijken ze opgebouwd uit geglazuurde tegels. Het glazuur glanst zo uitnodigend dat je er haast aan zou willen likken.

Keramiek van Koos BusterBeeld Lotte van Uittert

Andere kunstwerken nodigen juist weer uit om te aaien, ook textielkunst is goed vertegenwoordigd. Maar het hoogtepunt van materiaalfetisjisme is te zien bij Jop Vissers Vorstenbosch, die de grenzen van de schilderkunst oprekt door te werken met lichtbakken, plexiglas en metaal. De blikvanger van de tentoonstelling is zijn reusachtige autowrak, met daarop een schilderij van een golvende zee in snelle streken en krassen. Zoek je naar een duidelijke boodschap of een concept in deze schijnbaar toevallige ontmoeting tussen golf en karkas, dan loop je al snel vast. Maar het beeld op zichzelf is prachtig: de kleurschakeringen van het water rijmen met de verwering in het metaal, het geheel kolkt en beweegt in stilstand.

Al met al is dit tijdelijke museum zo’n fijn alternatief voor het stampvolle, hijgerige beursgevoel, dat je je haast zou afvragen of we daar nog wel naar terug moeten willen. Wordt het tijdelijke museum een blijvertje? Directeur Nillissen vindt het nog te vroeg om daar uitspraken over te doen. Hij wil vooral alle opties open houden, zoals Unfair eigen is: ‘Toen iemand ons in 2018 vroeg wat de volgende stap zou worden, zeiden we: een museum. Niemand vermoedde toen dat we twee jaar later door externe omstandigheden inderdaad een tijdelijk museum zouden neerzetten. Wat de volgende stap wordt, weten we nog niet. De kracht van Unfair is dat we heel snel kunnen inspelen op veranderingen in de kunstwereld. Dat gaan we absoluut blijven doen.’

Beeld Matthijs Immink

Unfair Temporary Museum

Zuiveringshal, Westergasterrein Amsterdam

T/m zondag 23/8 elk weekend open van do-zo, van 11.00 tot 18.00 uur

Kunst kopen

Anders dan in een echt museum is in het tijdelijke museum van Unfair alle kunst direct vanaf de muur te koop. De opbrengst gaat volledig naar de kunstenaars zelf, een unicum in de kunstbeurzenwereld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden