Uit brieven leer je de mens kennen

In een brieffie

Uit de brieven van Albert Verwey, August Willemsen en J.M.H. Berckmans leert Arjan Peters de mens kennen.

Foto Io Cooman en Eva Roefs

Niemand schrijft meer brieven, en dat is erg voor iedereen. Een mens laat zich niet zien door fotootjes die het verkeerde moment vastleggen, maar door zijn unieke hanepoten.

Om zicht te krijgen op de altoos denkende dichter Albert Verwey (1865-1937) nam historica Madelon de Keizer tienduizend brieven door, voor haar Verwey-biografie Als een meeuw op de golven (Prometheus; € 39,99).

Droeg Verwey voor, dan werd je afgeleid door zijn psalmerende toon, die een criticus deed denken ‘aan den afgescheiden dominé Zemelknoop’. In zijn brieven kun je hem zien denken.

Dit schreef hij in 1889 over zijn vriend, de dandy Van Deyssel: ‘Hij is wat hij was, een lijder aan grootheidswaan, maar die zich zelf tegen den grond houdt (…) Iedere stemming heeft een ander achter zich op de loer liggen. Kijken is de voorste stemming, dan leit: je slag slaan vlak erachter. Zijn hele lichaam is ernaar geplooid (…) Zie zoo, nu heb je den heelen Van Deyssel in een brieffie.’ Verweys werk is dood. Uit zijn brieven komt hij weer tevoorschijn.

August Willemsen, de meester-vertaler uit het Portugees (Fernando Pessoa! Machado de Assis!), is in 2007 overleden. In zijn Brieven aan De Lantaarn (75 exemplaren, uitgeverij ­Fragment; € 17,50) zien we de man die nooit half werk leverde, zoals hij ook nooit een half glas dronk.

Prachtig is zijn brief uit 1983 waarin hij aarzelt over een nawoord bij een verhaal van Guimaraes Rosa, en dan zo’n mooie interpretatie geeft, dat hij ongemerkt dat nawoord al levert: ‘Als je het letterlijk neemt, is het een larmoyante draak, begint er gelovigheid te stinken, en is de vechtpartij op het eind zo onwaarschijnlijk als een opera-dood. Maar ik geloof dat Rosa je dwingt om niet letterlijk te lezen, en dan maakt het verhaal, althans op mij, nog steeds grote indruk.’

Later dit jaar verschijnt de ­biografie van J.M.H. Berckmans (1953-2008), de Antwerpse vagebond die bij zijn ouders inwoonde. In Dietsche Warande & Belfort (nr. 1; uitgeverij Vrijdag;

€ 15,-) staan brieven van Berckmans aan schrijversvriend ­Kamiel Vanhole.

Hem gaf hij zijn telefoonnummer, en lichtte toe: ‘Als gij belt en het is een zagerige stem dan is het mijn moeder en moet gij alles negen keer zeggen. Als gij moest gehoest en gebries ­horen, alternerend met gepuf en genies, dan is het mijn vader en dan moet gij alles zeventien keer zeggen.’

Mij waren zijn boeken te veel pose. Gelukkig schreef hij ook brieven. Nu kan ik J.M.H. Berckmans alsnog leren kennen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.