BESCHOUWING

U2 is in ons leven, U2 is bij onze dood

U2, 40 jaar geleden opgericht op een school in Dublin, is voor de fans als een levenspartner. Willem Vissers schetst hoe de Ierse band al jaren metgezel is en troost biedt in vrolijke en trieste tijden.

Willem Vissers en zijn gezin, dansend op U2. Het nummer Elevation staat op, van het album All That You Can't Leave Behind, maar hier van een live-opname van een concert uit Ierland waar Willem zelf bij was. Vanaf links: Samuel, Joshua, David, Willem en Bernique. Beeld Marijn Scheeres

Het donkerblauwe dvd-mapje van onze zoon Samuel zit vol popmuziek. Bløf, Coldplay, The Eagles, Seal, Live8. En veel U2. Heel veel U2.

Samuel heeft het Kleefstra-syndroom. Het is moeilijk uit te leggen wat dat precies is. Een afwijking in het dna, houd het daar maar op. Zijn epilepsie is onder controle, met dank aan twee bescheiden doseringen depakine per dag. Zijn autisme bepaalt voor een deel ons leven. We nemen zijn gedragingen eerder met een glimlach dan met ongeduld, hoe moeilijk dat soms ook is. Mocht u een keer bij ons op bezoek komen, hang uw jasje dan gewoon aan het knaapje in de gang en niet zomaar over de rugleuning van de stoel in de kamer. Dat pikt Samuel niet. Hij heeft opruimwoede: sleutels, brillen. Vuile borden na het eten nog even op tafel laten staan? Onverstandig. Meteen de afwasmachine inruimen.

Samuel is 15. In zijn ontwikkeling is hij 1,5. Hij praat niet, eet niet zelfstandig, is niet zindelijk. Hij loopt met behulp van spalken, een beetje waggelend als een robotje, van keuken naar kamer. Hij maakt brommende geluiden. Aan de muur hangt een bord met zijn dagprogramma in pictogrammen. Eten. Drinken. Schone luier. Wandelen. Naar het voetbal van zijn broertje.

Hij mag kiezen welke dvd hij wil zien. Dat gaat achter elkaar door. Hij heeft mapjes vol. Teletubbies. Bassie en Adriaan. Kabouter Plop. Sesamstraat. Disney. Vaak wil hij dat we meezingen. Meestal hebben wij daar weinig trek in. Gelukkig houdt Samuel ook van popmuziek. Als muziek hem in vervoering brengt, gaat hij flapperen met zijn rechterarm. Of hij gaat dicht bij de tv staan. Of hij geeft zijn bromgeluiden meer volume mee. Hij pakt vaak het blauwe mapje uit de ladekast, het mapje met popmuziek, hij bladert en trekt dan een dvd uit het hoesje. Vaak U2.

We hebben concerten in Dublin, in Los Angeles, in Boston, ergens in Australië. Dublin is een van zijn favorieten, een concert van 1 september 2001. Slane Castle. Home. Een thuiswedstrijd voor U2, op het landgoed van een of andere vriend. Toevallig was ik daar zelf bij, een paar uur nadat het Nederlands elftal zijn laatste kans op deelname aan het WK van 2002 in Japan en Zuid-Korea had verspeeld. We hadden kaarten geritseld. Het was een legendarische dag, met een schitterende wedstrijd, waarin bondscoach Louis van Gaal op een gegeven moment Jerrel Hasselbaink rechtsbuiten zette en Jaap Stam van een meter of dertig ging schieten, zo groot was de paniek. Het was een pandemonium op de tribunes. En toen moest dat concert nog beginnen.

Samuel in een U2-shirt. Beeld Marijn Scheeres

Oranje-U2

Bijna iedereen op het veld op Slane Castle was dronken, van geluk en van bier. Collega Jochem Lippmann van het ANP en ik waren na de wedstrijd met een huurauto naar het veld gereden, waar we precies op tijd aankwamen om U2 te zien. 's Middags, tijdens een van de andere optredens tijdens het festival, hadden de festivalgangers op grote schermen naar het voetbal gekeken. Bono trapte toen de duisternis inviel een strandbal het publiek in, vroeg of wij even onze ogen wilden sluiten en ons wilden voorstellen dat we Jason McAteer waren, de maker van het enige doelpunt in het stadion aan Lansdowne Road. Een week eerder was Bono's vader overleden. Na afloop stonden Jochem en ik urenlang in de file, op de landweg van Slane Castle naar de bewoonde wereld in Dublin. Wandelaars waren sneller dan wij.

We namen twee liftende Ieren mee op de achterbank. Een jongeman en zijn vriendin, of een vriendin, dat werd niet helemaal duidelijk. Het ging zo langzaam met dat rijden van ons, dat ze ons mee uit vroegen in een dorp, in een disco onder een hotel. Dan zouden we eens iets beleven. We vonden het een uitstekend idee: even een paar uurtjes stukslaan, dan was de opstopping richting Dublin wel verdwenen. Toen we om een uur of 5 in de ochtend in de buurt van het hotel arriveerden, na een paar uur dansen, was de straat afgezet. Er was een schietpartij geweest, zei de agent bij het lint. We wekten de nachtportier en toen die, slaapdronken als hij was, weer op de bank wilde gaan liggen, zeiden we dat hij beter even wakker kon blijven. Jochem pakte alleen zijn tas. Hij ging meteen weer weg, naar het vliegveld. Het was zo'n dag die je altijd zal bijblijven: Oranje-U2, en dan die hele omlijsting.

Levenslied

Ik wilde een dag later een ingenieus artikel schrijven over het verschil tussen Ierse en Nederlandse voetballers, aan de hand van muziek. Ierland, dat was U2, bij wijze van spreken. Rauw, puur, pittig. Nederland, dat waren Jan Smit en André Hazes. Beetje gladjes soms. Aan de hand van de muziek zou ik dan verklaren waarom Nederland op deze gedenkwaardige middag in Dublin van het kwalitatief veel mindere Ierland had verloren. Dat kwam omdat zij rockers waren, rauwdouwers, en wij liefhebbers van polderpop. Maar ik was toch niet helemaal tevreden over alle vergelijkingen en hield mijn stuk voor de krant sober.

Wat in elk geval duidelijk is, voor mij althans: U2 zingt het levenslied, U2 is met ons opgegroeid en wij met U2, vanaf de puberteit tot nu, nu we al vijftigers zijn, de ene dag bedaagd of bedaard, de andere dag wild als in vroeger tijden.

Mijn U2-geschiedenis begon al met Jos Simons, een vriend uit Echt uit de vwo-tijd. Hij had meer geld dan ik. We lagen op zijn kamer aan het Bloemenplein in Echt, Midden-Limburg, urenlang te luisteren naar muziek, van Softcell tot The Clash, van Iggy Pop tot Joy Division en Simple Minds. Hij kocht Boy en October, de eerste twee lp's van U2. Ik mocht de platen opnemen op cassettebandjes.

Onder een bloedrode hemel

Het verhaal van Willem Vissers, voetbalverslaggever van de Volkskrant, komt uit de bundel U2 - Onder een bloedrode hemel, samengesteld door U2-fan Erik van Bruggen. Het boek, gemaakt ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan van de band, bevat 35 persoonlijke verhalen over de Ierse band van verschillende Nederlanders. Maandag 26/9 wordt het boek ten doop gehouden in Paradiso in Amsterdam, met voordrachten en livemuziek. De organisatie stelt drie maal twee kaartjes beschikbaar. Mail naar v@volkskrant.nl. Wie het eerst komt...

U2 - Onder een bloedrode hemel.

Meeloper

Mooie hoezen zaten om die lp's. En we genoten van die intrigerende ogen van dat ventje op Boy, de energie van de band, de uit duizenden herkenbare gitaarriffs van The Edge, de hemelse, soms bombastische zang van Bono, het ritme van bassist Adam Clayton en drummer Larry Mullen jr. U2 bekoorde ons, tieners, op zoek naar identiteit, naar stijl, naar bier en meisjes. We vroegen liedjes van U2 aan bij de Stoba, de tent met de wat ruigere muziek in het dorp, de tegenhanger van Spee. In Spee dansten de mooiere meisjes, maar daar draaiden ze disco. Wij gingen liever naar de Stoba.

We bleven ze goed vinden, de mannen van U2, ook toen verschillende studies de levens van Jos en mij uit elkaar trokken. Ik zag ze alleen nooit in het echt, althans, niet in de jaren tachtig. U kent ze wel, die duizenden mensen die bij dat concert met tweehonderd toeschouwers in pakweg Sittard zijn geweest, toen de band nog totaal onbekend was. Ik hoor daar niet bij, bij die duizenden. Ik was er namelijk nooit bij. Ik ben een meeloper, in zekere zin. Ik was ook geen type om in de rij te gaan liggen voor een kaartje, bij de VVV of voor de platenzaak met de betere muziek. Dan maar niet. Trouwens: 50 gulden voor een kaartje, hoe lang kon je daarvan niet eten als student? Hoeveel bier kon je er niet van kopen?

Concerten van U2 bezoeken, dat begon pas in 1993, in het Goffertpark in Nijmegen, met collega's van Bernique, de vrouw met wie ik een jaar eerder was getrouwd. Bono was verkleed als de duivel en hij belde met Janmaat, als ik me niet vergis. 'I just called to say I love you', zong hij toen een vrouw opnam. Was dat eigenlijk de vrouw van Janmaat, Wil Schuurman, of zomaar een vrouw? De zon ging schitterend onder.

Mentos als microfoon

Mag ik mee, vroeg onze oudste zoon David jaren later, toen hij een jaar of 3 was en U2 optrad in de Gelredome in 2001. Nee, hij mocht niet mee, hij bleef bij opa en oma. Hij was echt nog te klein voor een concert, vonden wij. Ja, de volgende keer mocht hij mee. Beloofd. Dat was dus in de Arena, in 2005. David was net 7 en een van de jongste bezoekers. Op een gegeven moment stond hij op de tribunes Beautiful Day mee te blèren, een rolletje Mentos als microfoon. Sommigen keken meer naar hem dan naar Bono. Tegenwoordig is hij best een groot fan. Bij het laatste concert in de Ziggo Dome stond hij vlak bij de catwalk waarover Bono liep. Hij was met Ruben, een vriend, tevens talentvol gitarist. Die jongens zijn gek op dezelfde muziek als hun vaders, dat is mooi. Ruben zei, toen ze op Pinkpop naar The Stones gingen: 'Ik moet gewoon Keith Richards zien. Ik moet hem eigenlijk zelfs aanraken.' Zo wil hij ook The Edge kunnen bekijken, hoe hij speelt, wat hij doet.

David regelde in een handomdraai via eBay kaarten voor mij, voor een concert op 13 juni 2015 in Montréal. Ik was in Canada voor het WK vrouwenvoetbal, arriveerde op 13 juni, mijn verjaardag nota bene, in Montréal, en was er bij toeval achter gekomen dat U2 daar op dat moment optrad. 'Hier, voor je verjaardag', zei de knul na een minuutje of tien onderhandelen via de computer. Twee kaarten van 40 dollar het stuk.

Dat concert, daar in Canada, was zo onvergetelijk mooi, zo emotioneel, zo overweldigend. Ik keek naar twee andere Nederlanders naast me. Ze waren voor het eerst bij U2 en huilden een beetje. Ze wisten eigenlijk niet zo goed wat ze meemaakten. Ik huilde zelfs wat harder, wat me een paar maanden later in de Ziggo Dome opnieuw overkwam. U2 was beter dan ooit. Bono liep door het decor van zijn jeugd, tijdens Cedarwood Road. Zo knap als dat was geconstrueerd, zo intens als de hele zaal kon meegenieten; U2 was al die jonge bands weer eens jaren vooruit.

Lp's en cd's van U2. Onder andere War en The Joshua Tree. Beeld Marijn Scheeres

Bruiloft

U2 bleef altijd een rol spelen, bij ons, in onze omgeving. Wat hebben we gelachen toen we hoorden dat een stel uit het dorp tijdens de trouwplechtigheid in de kerk I Still Haven't Found What I'm Looking For liet spelen. Mooi lied, maar een bruiloft veronderstelt toch dat je elkaar hebt gevonden.

U2 bij bruiloften, partijen en bij de dood. Soms gebeurt er iets wat zo toevallig is, dat het je rillingen bezorgt. Op sinterklaasavond 2013, als de cadeautjes zijn uitgepakt, zit ik een beetje met mijn telefoon te spelen en denk ik aan een liedje dat ik ben vergeten op mijn iPod te zetten. Even doen nu, snel. De song heet Ordinary Love en hoort bij een film over het leven van Nelson Mandela, The Long Walk to Freedom. Even downloaden en beluisteren. Een uur later, als de jonge kinderen naar bed zijn, kijken we met mijn schoonouders naar het journaal. Eerste bericht: Nelson Mandela is overleden.

Versnelling

Mijn zus Trudy stierf in 1994. Onverwacht, en toch ook weer niet. Ze was overspannen, zei mijn moeder in januari, bij het doopfeest van een nichtje in Budel. Hoe kon dat nou, vroegen wij ons af. Mijn zus overspannen? Zij was juist zo ontspannen, zo goedlachs. Op zaterdag 5 februari begon ze zomaar over te geven, in de groentezaak van mijn broer in Roermond waar ze zaterdags werkte. Ze werd naar het ziekenhuis gebracht, waar een dag later bleek dat ze een hersentumor had. Niets meer aan te doen. Ze konden haar niet eens meer vervoeren naar een ander ziekenhuis, met betere apparatuur. Zaterdag opgenomen, zondag uitslag van het onderzoek, maandag gestorven. De schok was te groot om meteen te beseffen dat deze vrouw van 32 opeens dood was.

Ik reed vanuit Echt, waar mijn ouders woonden, een paar keer op en neer naar het ziekenhuis in Roermond, om wat zaakjes te regelen, over de Rijksweg, en altijd stond Achtung Baby aan. Keihard, raam open. Althans, de muziek stond zo hard als een cassettebandje in een auto kan klinken. Af en toe veegde ik de tranen van verdriet en van de wind uit mijn ogen. Bij The Fly gaf ik extra gas. In dat nummer zit een geweldige versnelling en de gitaar van The Edge scheurt door je hart, zeker als je bent gegrepen door emoties. Daarom is The Fly altijd een van mijn favoriete nummers gebleven, niet alleen van U2, maar van alle nummers ter wereld. Dat komt door die versnelling. En omdat ik dan denk aan mijn zus, hoe droevig dat ook kan zijn. Ik zie Bono altijd weer over dat levensgrote hart rennen in een van die dvd's waarnaar Samuel kijkt. The Edge speelt dan zijn solo en hij kijkt bijna verliefd naar de hollende Bono. In dat beeld zit eigenlijk het geheim van de hele band besloten: de geniale Edge, wetende dat zijn muziek werkelijk tot ware hoogten kan stijgen door die wat excentrieke frontman. Vier jongens van een bandje. Altijd bij elkaar gebleven, altijd dezelfde opstelling. Kom daar eens om bij een voetbalelftal.

De beste avond

Eigenlijk hebben alle leden van ons gezin wel wat met U2. Onze jongste zoon heet Joshua. Hij is niet vernoemd naar The Joshua Tree, maar als we dat een vreselijke plaat hadden gevonden, had hij geen Joshua geheten. We hebben nog een foto waarop Bernique baby Joshua de fles geeft op een boomstronk. Onder die foto staat: The Joshua Tree. Joshua wil ook een keer mee naar een concert. Wanneer treden ze weer op eigenlijk?

Met David, onze oudste, zijn we trouwens ook al naar De Kuip geweest, in 1997. David was net verwekt. Bernique wist een dag of twee dat ze zwanger was. Hij is nu een groot U2-fan - het kan niet anders of hij heeft het concert al beleefd, destijds in 1997. Het was een fijn optreden. Ik weet nog dat Bernique een beetje gek werd van het geschreeuw in het voorprogramma, van Skunk Anansie. U2, dat was mooi, dat was rustgevend. En in de trein terug naar onze toenmalige woonplaats Den Haag zeiden mannen die altijd en overal naar U2 gaan dat het deze avond beter was geweest dan de vorige dag. Want dat is altijd cruciaal: dat je bij het beste concert bent, als een band een paar dagen achter elkaar op dezelfde locatie optreedt. Je zult maar net een kaartje hebben gekocht voor de avond van de offday.

Joshua Vissers in het shirt van de laatste concerttour van U2. Beeld Marijn Scheeres

In ons leven, bij onze dood

Zo wisten we ook dat Theo Ruizenaar in Londen was, toen wij, Bernique, David en ik, ook in Londen waren voor een concert van U2, in 2009. Theo Ruizenaar is een kerel van goud uit Rotterdam, 2 meter 11 lang. Hij is overal naar U2 geweest, hoewel hij de laatste tournee min of meer uit protest oversloeg omdat hij Songs of Innocence geen goed album vindt en omdat hij een beetje afknapt op dat 'linkse gewauwel' van Bono, zoals hij dat noemt. Theo ging vrijdag, wij zaterdag, naar de 360 Tour, met dat grote podium in het midden van het stadion.

Op zaterdagmiddag troffen we Theo in Swallow Street, vlak bij Piccadilly Circus. We dronken wat, zoals dat hoort in een straat die Swallow Street heet. We dronken nog wat. Er past best veel drank in Theo, viel ons op. Theo twijfelde of hij met ons zou meegaan naar het concert van zaterdag. Het was nog niet uitverkocht. Hij besloot uiteindelijk in het café te blijven, want wat kost zo'n kaart wel niet? Dat zijn veel versnaperingen.

Theo was alleen bang dat U2 Bad zou spelen. Dat was op vrijdag niet gebeurd en hij zou er behoorlijk van balen als Bono op zaterdag zijn favoriete nummer wel zou zingen. Hij vroeg ons hem op de hoogte te houden. Op zaterdagavond, rond een uur of 11, toen we in file liepen van stadion Wembley naar de metro, belde ik Theo. Theo dronk ergens iets, rosé vermoedelijk. Hij vroeg: 'En?' Ik antwoordde, naar waarheid: 'Ja, ze speelden het.' Uit de mond van Theo kwam een vloek.

U2 is in ons leven, U2 is bij onze dood. Op de crematie van onze vriendin Caroline, ook al overleden aan die ziekte, liet haar man André het prachtige Running to Stand Still uit de boxen klinken. André en Caroline hadden elkaar in 1987 ontmoet, tijdens een concert van Prince. Een paar weken later zoenden ze voor het eerst, op een nummer van U2.

Vlak voor haar dood was ik nog bij Caroline op bezoek geweest, bij het hospice in Santpoort. Het was in 2009. Onderweg luisterde ik naar de nieuwe cd van U2, No Line on the Horizon. Bij het derde nummer draaide ik de straat van het hospice in. Dat nummer heet Moment of Surrender. Een paar dagen later was ze dood.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden