PROFIEL

Tussen Kunst en Criminaliteit

Zijn zoektocht naar gestolen kunstwerken brengt Arthur Brand regelmatig in James Bond-achtige situaties. Binnen anderhalf jaar wist Brand al drie keer verloren gewaande kunst boven water te halen. De sleutel van zijn succes: criminelen een manier bieden om zonder gedoe van gestolen kunst af te komen.

Ad Geerdink, directeur van het Westfries Museum , Arthur Brand, specialist in kunstcriminaliteit (rechts) en Yvonne van Mastrigt, burgemeester van Hoorn, geven uitleg tijdens een persconferentie over de in 2005 gestolen kunst uit het museum. (Beeld uit december 2015).Beeld anp

'Nou dit moet hem dan zijn', zegt Arthur Brand, terwijl hij voor de camera met een keukenschaar het tape losknipt rondom het in badhanddoek gewikkelde schilderij 'La Musicienne' van Tamara de Lempicka. Het filmpje waarin de kunstdetective op een hotelkamer het verdwenen miljoenenwerk uitpakt ging donderdag de wereld over. Net als het beeld waarop Brand zittend op een skylederen bank zijn arm slaat om het andere topstuk dat hij vorige week boven water wist te krijgen: Adolescence van Salvador Dalí. Beide doeken werden in 2009 op klaarlichte dag door drie gewapende mannen geroofd uit het Scheringamuseum in Spanbroek.

Het is de derde keer binnen anderhalf jaar dat Brand met zijn bedrijf Artiaz geroofde topkunst weet op te sporen. In mei 2015 waren het twee metershoge bronzen paarden die Hitler voor zijn Kanselarij had laten plaatsen. Tot dan toe werd algemeen aangenomen dat de pronkstukken verloren waren gegaan bij de slag om Berlijn. En begin dit jaar kwamen in de Oekraïne mede door zijn tussenkomst vier schilderijen boven water die in 2004, samen met twintig andere werken waren gestolen uit het Westfries Museum in Hoorn. In mei dit jaar bracht een anonieme kunstverzamelaar na contact met Brand een vijfde schilderij uit de collectie terug.

Ingewikkeld spel

De in Deventer geboren Brand (46) is een gesjeesde student Spaans die lang zijn geld verdiende als vertaler Spaans en handelaar in antieke munten. Zijn fascinatie voor het schimmige spanningsveld tussen kunst en criminaliteit bracht hem in 2002 in contact met Michel van Rijn. Een omstreden figuur die als voormalige kunstsmokkelaar zijn leven zou hebben gebeterd en opsporingsdiensten hielp kunstvervalsers te ontmaskeren. Brand bezocht Van Rijn in Londen en werd geleidelijk aan zijn assistent. 'Van Michel heb ik het vak geleerd', zegt Brand zelf.

Dat vak bestaat uit een ingewikkeld spel, waarbij hij goede contacten onderhoudt met zowel opsporingsdiensten in verschillende landen als met het criminele milieu. Kunst wordt daar vaak als onderpand gebruikt voor financiële transacties. Probleem is alleen dat de schilderijen weliswaar grote waarde hebben, maar praktisch onverkoopbaar zijn zolang ze als vermist geregistreerd staan. Volgens Brand is dat de reden dat veel criminelen, die na een mislukte deal met het onderpand achterblijven, al snel in hun maag zitten met de gestolen schilderijen. 'Als het gevonden wordt hebben ze een probleem met justitie, als ze het vernietigen - en dat komt uit - hebben ze helemaal een probleem met justitie, en als ze het doorstoten naar andere criminelen kunnen ze met die mensen problemen krijgen.'

Brand biedt dergelijke criminelen de mogelijkheid om zonder verdere problemen van de kunst af te komen. Het brengt hem in James Bond-achtige situaties met vermomde criminelen en Oekraïense krijgsheren. Verhalen die hij graag met zijn Overijsselse accent mag opdissen, in de media, bij de lezingen die hij in het land geeft.

Dolblij

Bij het Westfries Museum zijn ze dolblij met de detective. 'Hij bijt zich in de zaak vast als een terriër en is ongelofelijk goed in het opbouwen van contacten met zowel politici, opsporingsdiensten als met de criminelen.' Maar er is ook kritiek op zijn werkwijze, vooral dat hij de criminelen daarbij vrijuit gaan.

Brand zit zelf niet mee die kritiek. 'In ons vak zeggen wij vaak: ga je voor de dief of ga je voor de kunst. Als je achter de dief aangaat weet je bijna zeker dat de kunst vernietigd zal worden. Dat hebben we bijvoorbeeld gezien bij de schilderijen die door Roemenen uit de Kunsthal werden gestolen. Die dader is nu alweer vrij en de doeken krijgen we nooit meer terug.'

Rijk wordt Brand naar eigen zeggen niet van zijn spectaculaire acties. Het Westfries Museum betaalde hem nog geen 8 duizend euro in vijf maanden. Voor zijn speurwerk naar de negentien Westfriese schilderijen die nog altijd vermist zijn, krijgt hij niets meer. 'Die musea hebben het al zo krap.' De zoektocht naar Hitler-paarden kostte hem naar eigen zeggen zelf vooral geld. 'Er is niemand bij wie ik alle reizen en diners kan declareren die nodig waren om die kunst vrij te krijgen.' Het is Brand dan ook niet om het geld te doen. 'Daar geef ik niet om, het gaat mij om het avontuur en het oplossen.'

Arthur Brand geeft eind 2015 uitleg tijdens een persconferentie over de in 2005 gestolen kunst uit het Westfries Museum.Beeld anp

Profiteren

Wel profiteert hij van de publiciteit. Dat levert lezingen op, en lezers voor zijn boek Het verboden judas-evangelie en de schat van Carchemish. En klanten voor zijn bedrijf Artiaz, de particulieren en verzamelaars die advies willen over de echtheid van kunstaankopen of bij het bepalen van strategie na de aankoop van een vals of gestolen kunstwerk. Ook staat hij Joodse families bij die de kunst zoeken die ze tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn kwijtgeraakt.

Klaar met zijn speurtochten is Brand nog lang niet: 'Bovenaan mijn lijstje staan de negentien schilderijen uit het Westfries Museum die nog weg zijn.' En de twee Van Goghs die 2002 uit het Van Goghmuseum werden gestolen. Verder is er nog de collectie uit het Isabella Gardner Museum in Boston uit 1990, de grootste kunstroof uit de geschiedenis. En het 'De Rechtvaardige Rechters' van de broers van Eyk, het paneel dat meer dan tachtig jaar geleden uit de Sint-Baafs Kathedraal in Gent verdween.

Brand heeft in sommige van die zaken al sterke aanwijzingen, zegt hij. 'Maar meer kan ik daar nu echt niet over loslaten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden