Tussen kakkers en normalo's

Ze zijn dol op status, op merkkleding en op luidruchtig, plat vermaak. Strookt dat beeld van hedendaagse jongeren met de werkelijkheid?Nee, blijkt uit nieuw onderzoek van deze 'moeilijk grijpbare' groep....

'Het shirt dat ik draag is van Donna Karen, de broek van Indian Rose ende laarzen zijn van Esprit. Die heb ik gisteren gekocht', zegt devwo-scholiere Sophie (15). En Boy (18), student bedrijfseconomie: 'Met mijnvrienden gaan we regelmatig naar de Hollywood. Dat is een grote disco hier.Ze hebben vaak thema-avonden; dat is lachen. Mag je bijvoorbeeld gratisnaar binnen als je in een zwembroek komt.'

Jongeren als Sophie en Boy bepalen in sterke mate het beeld van dehedendaagse jeugd: dol op status en merkkleding, verzot op luidruchtig,lichtelijk plat vermaak. Ze zijn goedgebekt en assertief, bijna op hetagressieve af. Ze komen jaloersmakend zorgeloos over, omdat de modernewereld helemaal voor hen gemaakt lijkt. 'Deze jongeren domineren in destedelijke cultuur en de media. Ze zijn het zichtbaarst, omdat ze graag inde schijnwerpers willen staan', zegt Huub Nelis, directeur van Young Works,bureau voor jongerencommunicatie.

Toch vormen zij slechts een minderheid, blijkt uit een vandaagverschijnend onderzoek van YoungMentality onder vierduizend jongeren. Destudie is opgezet door de onderzoekers van Motivaction en Young Works endoor Sanoma Uitgevers Young, de uitgever van jongerenbladen als DonaldDuck, Break Out! en Fancy. Sinds 1997 voert Motivaction hetMentality-onderzoek uit, waarin de Nederlandse bevolking wordt verdeeld inacht leefstijlen, van postmaterialistisch (trefwoorden: Nederland 3,kwaliteitskrant, linkse politiek) tot 'opwaarts mobiel' (commerciëleomroep, materialistisch, rechts met populistische trekjes).

Diezelfde methodiek is nu toegepast op jongeren van 8 tot 18. Deonderzoekers onderscheiden zes leefstijlen (zie kader). In deleeftijdsgroep van 14 tot 18 zijn de zogeheten 'extraverte statuszoekers',zoals Sophie en Boy, goed voor 22 procent. De grootste afzonderlijke groepwordt met 24 procent gevormd door de 'eigenzinnige idealisten', die mindermaterialistisch zijn en zich druk maken over het milieu en de Derde Wereld.

Daarnaast zijn er grote groepen die nauwelijks opvallen en zelden demedia halen. De 'honkvaste gemakszoekers' bijvoorbeeld, die graag thuis opde bank zitten, of de 'sociale aanpassers', die vooral op zoek zijn naargezelligheid en geen grote ambities hebben.

De jongerenfauna wordt vaak in beeld gebracht aan de hand vanmodestijlen. Die zijn echter betrekkelijk vluchtig - wie heeft het nogover gabbers? Bovendien zegt uiterlijk niet alles. 'Een meisje met eenkabbala-armbandje geeft een statement: ik kijk verder dan mijn neus langis. Maar ze heeft zich echt niet verdiept in de joodse mystiek', zegt HuubNelis. 'Symbolen worden vaak gebruikt als mode-artikel. Stijlen zijn ookniet zo hecht verankerd als vroeger. De punks in de jaren zeventig haddeneen heel eigen leefwereld. Ze zouden er ook niet over peinzen om een dagjeandere kleding te dragen.'

De idealisten dragen ook niet allemaal een Palestina-sjaal. Veelidealisten noemen zichzelf 'normalo' of zelfs 'kakker'. 'Dat maakt jongerenvoor ons ook zo moeilijk grijpbaar. We hadden behoefte aan onderzoek datwat dieper graaft en de onderliggende waarden blootlegt, waardoor we watdichter op de huid van jongeren zitten', zegt Lot Carlier, uitgeefdirecteurvan Sanoma Uitgevers Young.

De grootste groep wordt gevormd door de 'eigenzinnige' idealisten, zoalsde havo-scholier Mithril (18), die in het onderzoek geciteerd wordt: 'Sindsdrie jaar ben ik bezig met een Nicaragua-project dat onze schoolorganiseert. Wij zetten kleine bedrijfjes op die de mensen daar zelfdraaiende kunnen houden. Bijvoorbeeld een naaiatelier. Ik ben er geweesten je ziet dat er dingen veranderen. Na mijn school wil ik er weer heen enmateriaal voor een voorlichtingsfilm schieten. Met die film willen wevoorlichting geven aan Nederlandse jongeren. Om te laten zien datontwikkelingswerk leuk is.'

Net als veel andere idealisten droomt Mithril van verre reizen. 'Japan,China en Nieuw-Zeeland staan nog op mijn verlanglijstje.' Ze hechten nietzo aan merkkleding, maar proberen zich vaak op een koortsachtige manier vananderen te onderscheiden door creatief en 'authentiek' te zijn. 'Op demarkt koop ik vaak dingen die andere mensen niet hebben', zegt devwo-scholier Ronja (16). 'In Frankrijk heb ik bijvoorbeeld voor drie eurozwarte puntschoenen gekocht. Mensen vinden dat net heksenschoenen. Maar ikvind ze leuk. Mijn laatste tas heb ik van een oud schortje gemaakt.'

Als kinderen van hun tijd hechten ook deze idealistische jongeren meerwaarde aan materieel bezit dan voorgaande generaties. Ook is hun idealismepragmatischer en minder ideologisch. 'Veel jongeren zijn bijvoorbeeldparttime-vegetariër. Ze hebben ook helemaal geen hekel aan De Telegraaf',zegt Martijn Lampert, research director bij Motivaction. 'Er zijnreisbureaus die vakanties aanbieden waarbij je een week aan het strand ligten een week helpt in een Afrikaans weeshuis. Leden van de protestgeneratiekijken daar misschien op neer omdat het geen structurele hulp is, maar hetis wel heel praktisch', zegt Lampert.

Uit het onderzoek blijkt dat de appel niet ver van de boom valt: de matewaarin jongeren idealistisch of materialistisch zijn, wordt sterkbeïnvloed door hun ouders. Jongeren zullen zich weliswaar altijd tegen hunouders afzetten, maar dat betreft doorgaans puberaal gedrag, zoals verzettegen huisregels als 'op tijd thuiskomen'. In de jaren zestig konden oudersen kinderen nog hele veldslagen uitvechten over kerkbezoek of ongehuwdsamenwonen, maar zulke conflicten over waarden komen niet veel meer voor.

In de toekomst zullen idealisten en materialisten scherper tegenoverelkaar staan, verwacht Lampert. Nu wordt de tegenstelling nog enigszinsgedempt door het traditionele midden, de plichtsgetrouwe, vaak kerkelijkeburgerij. Die wordt echter steeds kleiner. Die ruimte wordt vooral gevulddoor wat Lampert het 'materialistische midden' noemt. Omdat dezemiddengroepen gemiddeld ook meer kinderen voortbrengen, zal hunmaatschappelijke positie steeds belangrijker worden, verwacht hij.

Daarnaast blijft een tamelijk stabiele groep bestaan, van ongeveer 30procent van de bevolking, die zich min of meer afzet tegen de dominantecommerciële cultuur. 'Die tegenstelling zie je nu al. Ik voorzie dat zijzal uitgroeien tot een cultuurkloof, een seculiere versie van de klooftussen liberals en conservatieven in de Verenigde Staten.'

Karakteristiek voor de hedendaagse jongerencultuur is het overvloedigeaanbod aan informatie en communicatiemogelijkheden. Toch is het idee vaninformatie-overload jongeren helemaal vreemd. 'Alleen ouderen denken datze bepaalde dingen moeten weten', zegt uitgever Lot Carlier. 'Jongerenpikken gewoon de informatie op die ze interessant vinden of denken nodigte hebben.' Huub Nelis: 'Als je voor 1980 geboren bent, begin je een krantte lezen op de voorpagina. Jongeren zoeken direct naar wat ze interessantvinden, ze beginnen onder op pagina 3 en gaan dan door naar pagina 12. Zemaken ook heel weinig onderscheid tussen media. Vaak weten ze niet eenswaar ze iets vandaan hebben, van de radio, internet of een vriendin.'

Het probleem van de informatie-overload wordt op een doeltreffendemanier opgelost door niet meer in hiërarchische termen over kennis tedenken. Er is maar weinig dat je als jongere echt móet weten. Er is veeldat je tussen de bedrijven door oppikt. Maar zo vrijblijvend als jongerenmet informatie omgaan, zo koortsachtig is het belang dat zij aancommunicatie hechten. De meesten blijven de hele dag in contact met hunvrienden, via de mobiele telefoon en vooral MSN. Nelis: 'Tachtig procentvan alle jongeren heeft 's nachts zijn telefoon aanstaan. Wat gebeurt erdan, vroeg ik een jongen. Af en toe krijg ik een sms'je, zei hij: Slaapje al?' Nee, nou niet meer, lul', sms'te hij dan terug. Het isvoortdurend elkaar checken, bevestiging zoeken dat je nog bij de groephoort.'

Mede door technologische vernieuwingen als MSN hebben jongeren een heeleigen wereld gecreëerd, waar ook hun ouders nauwelijks meer in kunnendoordringen. Lampert, Carlier en Nelis zijn alledrie voorstander van eensociale dienstplicht, om jongeren wat meer bij de samenleving te betrekken.Lampert: 'De traditionele burgerij was heel plichtsgetrouw en heeft haarkinderen ook op die manier opgevoed. De babyboomers hebben dat losgelaten.De cultuur is steeds materialistischer geworden, ook door de komst vancommerciële televisie. Veel jongeren zijn niet de actiefste burgers.Daarom denk ik dat een maatschappelijke stage heel goed zou zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden