Tuinier van de nacht

Duivelse daden en dansende dialogen

Washington D.C., 1985. Over de stad verspreid zitten jonge inwoners thuis lijntjes coke te snuiven terwijl ze naar Miami Vice kijken.

Anderen lezen bestsellers van Tom Clancy en Stephen King of kletsen in het café over de Washington Redskins. Sommigen kijken naar huurvideo's van Beverly Hills Cop en Code of Silence of werken zich half in het zweet op Jane Fonda's Workout.

De oudere inwoners geven in cafés en restaurants hun vrij besteedbare inkomen uit aan een kogelbiefstuk en dure whiskey. De mannen in antracietgrijze pakken en rode powerstropdassen, de vrouwen in jurken met schoudervullingen, pumps met hoge hakken en getoupeerd haar à la Krystle Carrington in Dynasty. Uit elke radio schalt 'Money for nothing', de Simple Minds zullen de stad aandoen en het gerucht gaat dat Prince dat weekend in Georgetown zal komen winkelen. Op feestjes worden aids-moppen verteld en wordt er gepraat over een nieuwe drug die op cocaïne lijkt, alleen moet je deze roken en is ze voor zwarten bedoeld.

'Terwijl die zwaargewichten van de Reagan-generatie zich vermaakten, werkten de rechercheurs en forensisch deskundigen verder op de plaats delict op de kruising van 33rd en E, in de buurt Greenway in het zuidoosten van Washington D.C. Voorlopig wisten ze alleen dat ze te maken hadden met een dode tiener, het derde slachtoffer in een reeks onopgeloste moorden, en dat er ergens iemand rondliep die de moorden op zijn geweten had. Op een koele, regenachtige avond in december 1985 waren twee jonge agenten in uniform en een oudere rechercheur Moordzaken ter plaatse.'

Wie niet alleen een spannend verhaal maar ook een tijdsbeeld wil, is bij de Amerikaanse auteur George Pelecanos, ook in zijn nieuwste boek, Tuinier van de nacht, aan het goede adres. Met wat hij zelf 'een vorm van verslaggeving, verwerkt in fictie' noemt, brengt hij, sharp as a knife, in heel zijn werk een aantal sociale elementen in. Persoonlijke verhalen tekenen zich zo nog duidelijker af tegen een achtergrond van filmische documentaireflitsen. Hij beschouwt het zelfs als zijn missie om de waarheid te vertellen, met name over zijn woonplaats, Washington D.C., waar in de schaduw van het Witte Huis armoede en misdaad hoogtij vieren in de vele probleemwijken, met voornamelijk zwarte bewoners. 'It's always in your face.' Als je het net als Pelecanos wilt zien. En daar zorgt hij wel voor in de als zoutzuur bijtende realistische geschiedenissen, vaak gekenmerkt door extreem geweld, waar drugsgebruik en drugshandel niet vreemd aan zijn.

De terugkerende hoofdpersonages in zijn diverse series zijn zowel zwart als wit, met even uiteenlopende leeftijden als levensverhalen, hoewel degenen met een minder kansrijke of uitzichtloze achtergrond in de meerderheid lijken. Dat de auteur daarbij ook ruimte laat voor kleinere of grotere overwinningen op het kwaad, geeft het vele noir soms een lichtgevend randje. Een omlijsting die ook de duidelijke stokpaardjes van Pelecanos past: sport, auto's, eten, film en vooral muziek. In zijn laatste thriller wordt bij herhaling over bepaalde nummers gegrofbekt.

"'Closed for the Season'', zei de eerste man. "Brenda Holloway." "Dit is Bettye Swann, hoor", zei de tweede. "Brenda Holloway heeft dat nummer gezongen dat door Blood Sweat and Tears beroemd is geworden." "Al heeft ze de jingle voor Pacific Gas and Electric gezongen. Dit is Brenda, hoor, die dit zingt." "Bettye Swann. En als ik het mis heb, kus ik je hond z'n reet." "Als je die van mij nou eens kuste?"'

Tuinier van de nacht verenigt alle goeds dat Pelecanos te bieden heeft. Een sterk verhaal, over drie onopgeloste moorden op zwarte tieners in 1985 en een soortgelijke moord in 2005, die erop lijkt te wijzen dat de moordenaar is teruggekeerd. Daarnaast spelen een paar andere moordzaken die ook opgelost moeten worden. Er is het rechercheteam, afdeling Geweldsdelicten - met in de leidende rol brigadier Gus Ramone - waarvan zakelijke- en privélevens tot in detail worden ge

volgd. In 1985 waren er de agent die later het korps moest verlaten, en de beste rechercheur uit die tijd die allang met pensioen is en een beroerte heeft gehad. Beiden wensen ze zich te mengen in de zaak die ze nooit vergeten zijn.

De diverse wijken in Washington worden uitgebreid en beeldend beschreven. Opvallend is dat in de, zoals gewoonlijk, ongekuiste taal van boeven en politie vooral homo's - en homoseks - het te verduren krijgen. 'Ik krijg pijn in mijn reet van al dat zitten.' 'Weet je zeker dat die pijn niet ergens anders van komt?' 'Hè?' 'Heeft iemand 'm in je hol geparkeerd?' 'Fuck you, eikel.' Aan het einde van het verhaal wordt duidelijk waartoe dat allemaal kan leiden. Geweld van het grofste soort is weer onvermijdelijk - functioneel, zou je bijna zeggen. Maar uitgesprokener dan ooit is de Moraal van het verhaal. De oorzaak van het kwaad: slechte omgeving, misbruik, vooroordelen. De remedie tegen het kwaad: vooral een goed gezinsleven. Pelecanos komt er rond voor uit. What the world needs now, is love, sweet love.

Wederom heel sterk en mooi opgeschreven, al die duivelse daden en dansende dialogen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden