Trojaanse vrouwen verstaan de kunst van het klagen

Trojaanse vrouwen van Euripides. Door: het Zuidelijk Toneel. Regie: Johan Simons. Stadsschouwburg Eindhoven. 17 januari. Tournee...

Johan Simons werkt bij zijn eigen groep Hollandia gestaag aan een oeuvre van Griekse tragedies. Hij regisseerde tot nu toe Prometheus, Perzen en Fenicische vrouwen - allemaal in de voormalige autosloperij van Jan Smit te Westzaan. In een gastregie bij het Zuidelijk Toneel heeft Simons zich nu gestort op Euripides' Trojaanse vrouwen. Keurig in de schouwburg dit keer, het publiek zit er niet op autobanden maar in comfortabele stoelen. Het toneelbeeld van Hollandia-vormgever Leo de Nijs is vertrouwd: een nagenoeg kaal toneelhuis, met wat stalen kantoorkasten en hard werklicht.

Op de vloer ligt een dood paard. Dat ene dode dier in die immense ruimte symboliseert het verlies, de slachting. Euripides' tragedie begint als de Trojanen de oorlog tegen de Grieken hebben verloren. Alle mannen en zonen zijn dood, de stad is verwoest. De vrouwen wachten op hun verscheping naar Griekenland, waar ze als slavinnen de vijand moeten dienen.

Hoe verwerk je een dergelijk leed? Daarover gaat dit stuk, dat tevens een niet mis te verstane boodschap uitdraagt. Euripides schreef het toen de Grieken op het punt stonden opnieuw een natie aan te vallen, Sicilië dit keer. In Trojaanse vrouwen heft Euripides een waarschuwende vinger: 'landgenoten, dit gebeurt er als we weer een volk gaan afslachten'.

We treffen de Trojaanse vrouwen vlak voor het moment dat ze worden afgevoerd. Als altijd spelen de goden hun eigen spel. Dit keer gaat de strijd op goddelijk niveau tussen Poseidon die de Trojanen steunt en Athena, de raadsvrouw van de Grieken. De vrouwen moeten hun eigen ellende zien te overwinnen. Hekabe is de oer-Trojaanse vrouw - koningin, weduwe van de vermoorde koning Priamos. Verder treuren ook haar dochters Kassandra en Andromache om hun lot. En Helena natuurlijk, om wie de hele oorlog is begonnen, nadat ze de Griekse aanvoerder Menelaos in de steek had gelaten voor de mooie Trojaan Paris.

Het stuk Trojaanse vrouwen is een staalkaart van soorten verdriet, de voorstelling een staalkaart van soorten acteren. Aan deze productie doen topactrices als Frieda Pittoors (Hekabe), Chris Nietvelt (Andromache) en Elsie de Brauw (Kassandra) mee. De jonge Camilla Siegertsz speelt Helena en zangeres Astrid Seriese zingt in haar eentje de koorteksten. De enige man tussen al deze vrouwen is Peter Paul Muller die zowel de god Poseidon als Menelaos speelt.

De personages van Euripides en de actrices van Simons beoefenen in deze voorstelling de kunst van het klagen. Ze doen dat ieder op hun manier - Elsie de Brauw in een ultiem gestileerde hysterie, Chris Nietvelt in een angstaanjagende klaagzang. Frieda Pittoors bedient zich zo ongeveer van alle genres. Haar Hekabe schakelt superieur van ironie naar vertwijfeling, van schouder ophalen naar een smachtelijk ter aarde storten. Ze is weduwe, moeder, grootmoeder en vrouw, en in al die hoedanigheden toont ze een ander verdriet. Aan het eind van de voorstelling draait ze alleen nog maar rondjes om het lijk van haar kleinzoon - op handen en voeten, jankend als een wolvin. Hier bereikt Simons bij de gratie van Pittoors wat hem voor ogen moet hebben gestaan: een volledige, haast geëxalteerde overgave.

De koorteksten zijn op muziek gezet door Astrid Seriese zelf en door Peter Meuris die slagwerk en accordeon bespeelt - minimale, bewonderenswaardig mooi gezongen muziek.

Die bewondering geldt overigens ook het algehele acteergeweld, inclusief dat van Peter Paul Muller die een prachtige Menelaos speelt. Het verbale gevecht tussen Frieda Pittoors en Chris Nietvelt is een van de huiveringwekkendste duetten die sinds lang door twee actrices zijn gespeeld - een partituur van de waanzin.

Trojaanse vrouwen geeft op verstandelijk niveau inzicht in hoe verdriet eruit ziet, hoe het klinkt. Het leert misschien iets - al is het maar een fractie - over het leed van Bosnische oorlogsweduwen en de wanhoop van Hoofddorpse kindermoordenaars. Maar gek genoeg blijft het hart onberoerd, waarschijnlijk omdat de extreme speelstijl afleidt van de echte ellende.

'Beschouw niemand die in voorspoed leeft gelukkig, voordat hij gestorven is', zegt Hekabe. Na deze voorstelling moet zelfs de grootste optimist geneigd zijn haar te geloven.

Hein Janssen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden