Actie / Thriller / Misdaad

Trance

Het fladderende scenario is er debet aan dat er nauwelijks een gebeurtenis beklijft

Met een semicryptisch zinnetje wordt de kijker in het eerste half uur van Trance op het goede spoor gezet. 'We bewaren veel geheimen voor anderen', zegt hypnotiseur Elizabeth tegen kunstrover Franck, 'maar de meeste geheimen bewaren we voor onszelf.' In Trance is niemand te vertrouwen, bedoelt ze. Er moet aan alles worden getwijfeld.

Verteller is de jonge Simon (James McAvoy), beveiligingsmedewerker van het fictieve Britse veilinghuis DeLancey's. In de vlotte introductie van de film richt hij zich tot zijn publiek: met een blik in de camera zet hij uiteen hoe lastig het tegenwoordig is om een kunstwerk te stelen. Gewoon naar binnen wandelen en pakken wat je pakken kan, zoals vroeger, is er niet meer bij.

Zelf is hij de man die het werk zo snel mogelijk in een geheime kluis moet verstoppen, mocht er een overval plaatsvinden. Dat zijn werkgever direct daarop wordt overvallen, tijdens de veiling van het in 1798 vervaardigde Witches in the Air van de Spaanse schilder Francisco Goya, komt dus niet als een verrassing. Bijzonder is dat het schilderij tijdens de overval verdwijnt, Simon door een klap op zijn hoofd niet meer weet waar het is gebleven en ook de rovers in het duister tasten.

Vanaf daar verliest de plot van Trance stap voor stap zijn fundament. Onder druk van Franck, de door Vincent Cassel losjes gespeelde aanvoerder van de bende, bezoekt Simon een bloedmooie hypnotiseur (Rosario Dawson) die in zijn geheugen begint te graven. Speelde Simon onder één hoedje met de overvallers? Dringt de hypnotiseur zich niet te opzichtig op als de verleidelijke helpende hand?

Nog belangrijker: maakt het überhaupt wat uit? Wanneer aan alles moet worden getwijfeld, is immers alles mogelijk. Regisseur Danny Boyle, die zich de afgelopen twee decennia met films als Trainspotting, Slumdog Millionaire en 127 Hours bewees als een begenadigd visueel verteller, creëert vanuit die gedachte zijn filmspeeltuin, een plek waar het verhaal in de eerste plaats in dienst staat van zijn eigen audiovisuele fantasie.

De beweegredenen van de personages komen op het tweede plan. Dat resulteert in een moderne, hypergestileerde, maar ook holle film. Het hoge tempo van de openingssequentie blijft ruim anderhalf uur in stand; scènes ogen als op zichzelf staande videoclips, de stuwende soundtrack van Underworlds Rick Smith (sinds Born Slippy in Trainspotting een van Boyles vaste medewerkers) pookt het audiovisuele vuurtje zo mogelijk nog verder op. Om de verwrongen werkelijkheid te benadrukken staat de camera geregeld uit het lood, hippige kleurfilters en driedubbel gespiegelde beelden doen de rest. Het mag een wonder heten dat de drie hoofdrolspelers zich staande houden.

Toch is het fladderende scenario er debet aan dat er uiteindelijk nauwelijks een gebeurtenis beklijft. Trance werpt potentieel interessante gedachten op over de werking van het geheugen, realiteit, kunst en erotiek, suggereert een onderlinge samenhang, maar valt in betekenisloosheid uiteen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden