Tragische toon op dolle bonte avond verdonkeremaand

Kleine Sofie en Lange Wapper door het RO Theater. Regie: Rieks Swarte en Javier López Pinón. Muziek: Fay Lovsky. In: Schouwburg Rotterdam, 20 december....

MARIAN BUIJS

Voor menige theatermaker zal Kleine Sofie en Lange Wapper, het beroemde boek van Els Pelgrom, een uitdaging zijn. Zelden bood een aandoenlijk verhaal zoveel theatrale aanknopingspunten: de poppen van het doodzieke meisje voeren voor haar een kant en klaar toneelstuk op: Wat Er In Het Leven Te Koop Is. Compleet met kermisattracties, poppentheater en een keur aan visuele mogelijkheden.

Een koud kunstje dus voor het RO Theater om dat boek om te bouwen tot hun jaarlijkse groots aangeklede familievoorstelling. Wie anders dan Rieks Swarte zou dat kunnen? En als bovendien Fay Lovsky niet alleen de muziek componeert, maar ook met haar driemansformatie aanschuift op toneel, wat kan er dan nog mis gaan?

De makers, tekstschrijver Niek Barendsen, Swarte zelf en zijn coregisseur Javier López Pinón, blijven opvallend trouw aan het boek. De prachtige tekeningen van Thé Tjong-Khing waren uitgangspunt voor de poppen van Beatrijs Persijn en voor de ragfijn gepenseelde decordoeken. In een fraai houten coulissendecor schuiven de acteurs het ene doek na het andere aan.

Het scheefgezakte huisje van de straatarme familie Wapper, is nog niet verdwenen of de boerderij waar Lange Wapper uit stelen gaat, is alweer tevoorschijn gekomen. Niets is vergeten: De rijke berenfamilie, ronddollend in de sneeuw, het diner bij de koning met de voluptueuze Anabella die uit een taart kruipt, of het lenteparadijs waar Sofie na haar dood in belandt. Het is allemaal even beeldschoon.

Zoals we van Rieks Swarte zijn gewend, zet hij de charme van het schuifdeurentoneel over naar het grote podium. De spelers zijn zowel toneelknecht als poppenspeler. Maar zodra het op acteren aankomt, gaat er het nodige mis. Het verhaal wordt gedragen door de kater Terror, de pop Lange Wapper en het meisje Sofie. Maar zodra dit drietal overblijft op het toneel, valt de spanning weg.

Ferdi Janssen, een katachtige betweter, zingt een prachtig lied als 'geholpen' kater, maar die schwung ontbreekt in zijn spel. Hetzelfde geldt voor Cees Geel als Wapper, hij mist de brutaliteit om de slungelige avonturier onweerstaanbaar te maken. De Sofie van Esther Scheldwacht is nu eens pruilend, dan weer manhaftig. Juist zij zou een verbond moeten sluiten met de zaal, zodat we door haar ogen naar heel die wondere wereld konden kijken.

Dat ze doodziek is, blijkt pas aan het eind als ze plotseling sterft. Barendsen heeft in zijn bewerking van Sofie een kranig meisje gemaakt, tuk op avontuur, maar haar ziekte heeft hij te veel verdonkeremaand. Dat is doodzonde, die tragische ondertoon is onmisbaar en vormt in het boek juist zo'n mooi contrast met alle vrolijkheid.

Nu valt er alleen te lachen om de groteske vondsten en de liedjes. Vooral de acteurs die daarin gloriëren, Hans Leendertse, Elsje de Wijn en Guus Dam, blijven voortreffelijk overeind. Met de soms manshoge poppen halen ze de mafste grappen uit.

Een hoogtepunt is het Tehuis voor Mislukte Kinderen waarin de poppen een groot aandeel hebben. De lach golft door de zaal als die lappen mislukkelingen, Blinde Bennie en dove Annie onder aanvoering van Manke Wim zingen: 'Ben je mank of melaats? Kom bij ons want we hebben nog plaats.'

Dat het vooral voor de pauze nog mankeert aan vaart en spanning zal wel opgelost worden als de voorstelling meer ingespeeld raakt. En wie niet meer verwacht dan een vermakelijk kijkspel komt ruimschoots aan zijn trekken. Eindigt het soms niet met een geheide meezinger 'Heb medelij Jet?' Niet zeuren, het is gewoon een bonte avond.

Marian Buijs

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden