postuumToots Hibbert (1942-2020)

Toots Hibbert (1942-2020) zette met zijn Maytals reggae wereldwijd op de kaart

Een week nadat hij met corona-symptomen werd opgenomen in een ziekenhuis in Kingston, Jamaica, is vrijdagnacht in het bijzijn van zijn familie Frederick Nathaniel Hibbert overleden- beter bekend als reggae-zanger Toots Hibbert, voorman van Toots & The Maytals.

Toots Hibbert, zanger van Toots and the Maytals. De foto gemaakt in 2018 in TivoliVredenburg in Utrecht.Beeld Ben Houdijk

Toots was sinds hij in 1962 met twee Jamaicanen de zanggroep The Maytals oprichtte naast Bob Marley misschien wel de belangrijkste promotor van reggaemuziek ter wereld. In elk geval was hij in 1968 de eerste die het woord ‘reggae’ zong - al spelde hij het net iets anders in zijn hit Do The Reggay.

Met zijn Maytals verhuisde Toots als tiener van het dorpje May Pen naar Kingston, om kapper te worden. Hij heeft de bekendste reggae en ska-liedjes (de oudere, snellere variant op de reggaebeat) uit de popgeschiedenis op zijn naam staan.

Bam Bam, Sweet and Dandy en zijn bekendste 54-46 That’s My Number zijn enkele van de maar liefst 31 nummer 1-hits die Toots met zijn Maytals op Jamaica wist te scoren. Meer dan welke artiest ook. Meer dus ook dan Bob Marley, die in de jaren zeventig een veel grotere ster zou worden.

Toots kon daar niet mee zitten. Zijn naam in de popgeschiedenis werd definitief bezegeld met zijn bijdragen aan de film The Harder They Come (1972), en dan vooral met de soundtrack ervan die een wereldwijde doorbraak van reggae-muziek inluidde. 

Pressure Drop (vijf jaar later opgenomen in het standaardrepertoire van de Britse punkband The Clash) trok wereldwijd de aandacht en leverde Toots & The Maytals (zoals The Maytals inmiddels heetten) een internationaal platencontract op bij Island, het platenlabel waar ook Bob Marley & The Wailers onder contract kwamen.

Albums van Toots & The Maytals als Funky Kingston (1973) en Reggae Got Soul (1976) deden het lang niet zo goed als de platen van Bob Marley uit die tijd, maar doen er kwalitatief nauwelijks voor onder.

Raspende zang

Wat Toots zo goed maakte, was - behalve zijn oor voor pakkende, opbeurende liedjes - zijn geweldige stem. De raspende zang deed denken aan die van Otis Redding en Ray Charles. Ook op mindere platen was het altijd zijn magistrale soulstem die overtuigde.

En dat niet alleen met ska en reggae-repertoire. Hij zong ook meesterlijke bewerkingen van garagebeat-klassiekers Louie, Louie, John Denvers Take Me Home en Country Roads. In 1988 nam hij een compleet album Toots In Memphis (1988) met soulklassiekers op. Op zijn beurt zag hij eigen liedjes weer gecoverd worden door The Specials en Amy Winehouse (Monkey Man). Zo bleef zijn werk altijd actueel en zou Toots & The Maytals dankzij de sterke presentatie tot de laatste optredens in Nederland, twee jaar geleden, een geliefde podiumattractie blijven.

Wat hadden we hem graag nog een keer verwelkomd, zeker omdat hij nog geen maand voor zijn dood met een van zijn betere albums kwam: Got To Be Tough, zijn eerste in tien jaar. Maar we zullen het met de plaatversie van het hoogtepunt Three Little Birds moeten doen. De klassieker van Bob Marley die Toots Hibbert samen met Marleys zoon Ziggy opnam leeft voort en zal naast Toots’ eigen catalogus tot in lengte van jaren menig feestje blijven opvrolijken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden