'Tom, ik voel mij oprecht niet fit genoeg'

Tom Kellerhuis over een interview dat moeizaam tot stand kwam. De journalist sprak donderdag 3 september urenlang met Joost Zwagerman.

Tom Kellerhuis
Joost Zwagerman in 2011. Beeld Ivo van der Bent
Joost Zwagerman in 2011.Beeld Ivo van der Bent

Het is koud en regenachtig wanneer ik donderdagochtend 3 september om kwart voor tien aanbel bij het huis van Joost Zwagerman, vlak bij het station in Haarlem. Hij ging hier wonen toen hij net bekomen was van een tweejarig bestaan in een houten vakantiehuisje in het godverlaten gehucht Tuitjenhorn, waar hij noodgedwongen verbleef na de scheiding en een huwelijk van twintig jaar.

Ik ben benieuwd of hij opendoet, twee eerder gemaakte afspraken werden te elfder ure afgezegd. En dat terwijl hij me begin juni zelf gebeld had. Hij wilde exclusief met mij praten, in een groot en persoonlijk vraaggesprek voor HP/De Tijd. Ik zeg toe dat ik na zijn vakantie een afspraak met hem maak. Maar op 5 augustus mailt hij terug: 'Beste Tom, ik vind het eveneens enorm jammer, ik had mij op onze ontmoeting verheugd, het is voor mij overmacht en zeker geen onwil. En ik begrijp terdege dat je je natuurlijk op het interview had voorbereid, ook hierom schaam ik mij dan ook dat ik me bij je moet afmelden. Als jij inderdaad nog genegen bent om mij in een komend nummer alsnog te interviewen, dan vind ik dat natuurlijk prima. Ik had je over de telefoon een keer iets verteld over mijn gezondheidsproblemen. Ik heb een auto-immuunziekte, een ontstekingsreuma (niet te verwarren met 'gewone' reuma), en dat zou het probleem niet zijn, maar ironisch genoeg zijn het de vrij harde en nare bijverschijnselen die het 'm doen, zeg maar. Overigens heb ik al mijn afspraken, ook anderszins, voor deze en volgende week moeten annuleren, idem mijn rubriek in de V'krant. Dat je niet denkt dat ik mij partieel moest afmelden. Mijn afmelding vind ik vervelend en ook gênant, en ik bied je er mijn excuses voor aan. Goede groet, Joost.'

Ik waag nog een poging, en Joost stemt opnieuw in. Maar op 9 augustus mailt hij toch weer: 'Tom, ik voel mij oprecht niet fit genoeg om een interview van lange adem te geven - de antwoorden zouden jou en mijzelf tegenvallen. Ik ben in het geheel niet in vorm; door nieuwe medicatie waar je innerlijke huishouding aan schijnt te moeten wennen, mis ik scherpte en snelheid. Je moet zo'n interview kunnen 'dragen', met goede antwoorden die ertoe doen. Daartoe ben ik op het moment niet toegerust, al zou ik dolgraag anders willen. Met dezelfde gêne als bij mijn vorige mail wil ik je vragen of ik 'in de wacht' kan worden gezet. Ik meld mij terstond wanneer ik alsnog en opnieuw fris en fit ben.'

Maar dan komt alsnog op 31 augustus de verlossende mail: 'Beste Tom, ik herneem weer onze mailconversatie. Wanneer zou jij kunnen en willen afspreken? Ik kan bijvoorbeeld aanstaande donderdag- of vrijdagochtend. Met excuses voor de vertraging, goede groet, J.'

Rust

Joost is bijzonder goedgemutst, deze donderdagochtend. Ik heb zojuist ter verhoging van de feestvreugde bij een lokale bakker een flinke aardbeienslof gekocht, Joost zelf heeft bij de delicatessenzaak allerlei patés en exclusieve kaasjes in huis gehaald, in de verwachting dat ik zal blijven lunchen. Eerst koffie.

Ik zet de tape aan. We beginnen te praten en ik laat de band gewoon lopen. 'We zien wel', zeg ik, 'hoe lang je het volhoudt. Desnoods doen we het in kleine etappes en kom ik nog een paar keer terug.'

Het gesprek verloopt vreemd genoeg anders dan normaal. Ik ben niet hard zoals doorgaans in mijn vragen. Joost praat honderduit en toont zich bereid al mijn vragen goed te beantwoorden. Hij kiest zijn woorden afgewogen, hij heeft een rust over zich die ik niet van hem ken. Hij verzit af en toe en verschuift het kussen in zijn stoel vanwege zijn pijnlijke rug. We drinken koffie en roken als ketters.

Alles komt ter sprake: zijn vroege succes, zijn bejubelde en veelgelezen werk, het einde van dat verkoopsucces, zijn verschuiving naar de essayistiek en zijn rap te verschijnen nieuwe bundel kunstbeschouwingen De stilte van het licht. De mislukte zelfmoordpoging van zijn vader, de zelfgekozen dood van zijn vriend Rogi Wieg afgelopen zomer. Zijn eigen dood. Zijn mislukte huwelijk, zijn pas gediagnosticeerde chronische ziekte, zijn depressie.

De Haagse boekhandel Paagman eert Joost Zwagerman. Beeld anp
De Haagse boekhandel Paagman eert Joost Zwagerman.Beeld anp

Wijn

We spreken uiteindelijk ruim tien uur. Achteraf bezien een luguber afscheidsgesprek, ruim vier dagen voor zijn zelfgekozen dood. Bijna drie uur lang praten we aan één stuk, dan wordt hij moe. Ik besluit te gaan, maar hij wil wijn met me drinken. Daar heeft hij nu behoefte aan en hij maant me om samen naar een café te rijden in de binnenstad van Haarlem. We drinken zeven glazen witte wijn de man, eten wat en besluiten goede wijn te kopen om thuis verder te drinken.

Twee flessen later biedt hij me aan naar Amsterdam te brengen met de auto. 'Dat kunnen we beter niet doen', zeg ik, 'je hebt veel te veel op.' Het is tegen achten 's avonds. Hij rijdt me nog wel naar het station. Het afscheid is hartelijk. We gaan elkaar snel weer zien, dan in Amsterdam. Dat beloven we. Ik krijg een zojuist bij zijn buren bezorgd exemplaar mee van De stilte van het licht en ook een gesigneerd exemplaar van een prachtig bibliofiel werkje van zijn hand over Francisco de Zurbarán, dat afgelopen zaterdag werd gepresenteerd. Wat een kostbaar geschenk, denk ik nog.

De presentatie van De stilte van het licht in het nieuwe Van Gogh Museum op woensdag 9 september gaat niet door, meldt hij me terloops. Hij heeft er geen zin in. 'Je krijgt daar nog bericht van', zegt hij, terwijl hij me vanuit het openstaande portierraampje uitwuift. Dat bericht is nooit meer gekomen.

Het interview van Tom Kellerhuis met Joost Zwagerman staat in het komende nummer van HP/De Tijd, dat 29/9 verschijnt. Het gehele interview is vanaf donderdagavond te lezen op Blendle.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden