Toen wetenschappers het paranormale nog bloedserieus bestudeerden

Geesten, telepathie, psychokinese. Ruim een eeuw lang onderzochten serieuze Nederlandse wetenschappers wat de kern van waarheid is in het paranormale. Maar waarom eigenlijk? En heeft het ook wat opgeleverd?

Hans Croiset in actie. Beeld Hollandse Hoogte

Het gebeurde in 1964, op de landelijke tv, en meer dan 3 miljoen mensen keken ernaar. Een wetenschappelijk experiment, zo werd het nadrukkelijk genoemd, begeleid door liefst drie hoogleraren. Plechtig liet men een reeks balletjes door een soort doolhof rollen: of de kijkers met gedachtenkracht de knikkers naar de hoeken konden sturen. De kijkers hoefden niets te doen, verzekerden de wetenschappers: 'alleen ontspannen naar de kogeltjes blijven kijken gelijk men naar een haardvuur kijkt en wensen dat ze links of rechts gaan'.

Bij 108 extra balletjes naar opzij zou het geen toeval meer zijn, had men berekend. Het werden er 47. Een fout in het experiment? Want dat psychokinese niet zou bestaan, was een optie die niet direct bij alle betrokkenen opkwam.

Ingrid Kloosterman, Wetenschap van gene zijde - Geschiedenis van de Nederlandse parapsychologie.
Boom; 328 pagina’s; € 24,90.

Het is zomaar een van de vele wonderlijke gebeurtenissen die wetenschapshistoricus Ingrid Kloosterman beschrijft in haar boek over de opkomst en ondergang van de Nederlandse academische parapsychologie, Wetenschap van gene zijde. Want de parapsychologie mag tegenwoordig een kwijnend bestaan leiden in de esoteriehoek van de speciaalzaak, er was een tijd dat het vak in ons land springlevend was. Met een heuse leerstoel in Utrecht, een privaatdocentschap in Leiden, een keuzevak, een vakblad, een beroepsvereniging en zelfs een gebouw en een onderzoekslab, beide in de domstad.

Meteen maar even de hamvraag: bestaat het paranormale nou wel of niet?

'Laat ik het zo zeggen: de parapsychologie heeft niet genoeg gevonden om de academische gemeenschap te overtuigen dat de fenomenen die ze onderzoekt werkelijk bestaan. In academische kringen is het niet meer gangbaar.'

En wat denkt u zelf?

'Tja, het leukste zou zijn als ik nu een paranormale ervaring van mijzelf kon vertellen. Maar helaas heb ik die niet. In mijn wereldbeeld komt het niet voor. Maar ik ben ook geen militante scepticus. Ik ben ervan overtuigd dat deze ervaringen voor veel mensen van grote betekenis zijn. Daar wil ik recht aan doen. En of het paranormale écht is, daarvan wil ik me verre houden. Interessanter vind ik de vraag: hoe kan het dat er nog steeds discussie over is, terwijl het voor heel veel mensen helemaal niet bestaat?'

Parapsycholoog Wilhelm Tenhaeff Beeld Hollandse Hoogte

De parapsychologie ontstond aan het einde van de 19de eeuw. De wereld was in de ban van het spiritisme. Dansende tafels, mediums, geesten. Nep, vonden opvallend veel wetenschappers toen al. Waarom is men het toch gaan onderzoeken?

'Omdat er ook een andere stroming was. Er kwamen spiritisten en telepaten naar Nederland, en dat fascineerde toch een aantal artsen en psychologen. Met name Gerard Heymans (1857-1930, filosoof en grondlegger van de Nederlandse experimentele psychologie) was een aanjager. Hij richtte de Studievereniging van Psychisch Onderzoek op, samen met andere vooraanstaande geleerden, zoals de psychiater Gerbrand Jelgersma.'

Ze geloofden erin.

'Dat weet ik zo net niet. Dit waren gewoon keurige wetenschappers. De gedachte was vooral: misschien is het de moeite van het onderzoeken waard. Ze hoopten ergens ook op een revolutie. Het idee dat er hier iets interessants kon gebeuren.'

Dit was ook de tijd van Darwin, van elektriciteit, van oprukkend materialisme. God is dood, zei Nietzsche. Waren die parapsychologen niet gewoon op zoek naar een vervangingsreligie?

'Misschien een beetje. Wat op het spel stond, was de overtuiging dat niet alles terug te voeren is op materie, op stof, op hersenprocessen. Ik denk dat dat de beweging deels motiveerde.'

Vooral in de decennia na de Tweede Wereldoorlog kwam de parapsychologie tot bloei. Het waren de jaren van Wilhelm Tenhaeff, de stereotiep geworden parapsycholoog met zijn dikke bril, pijp en altijd ietwat geheimzinnige blik, die met zijn vaste medium Gerard Croiset de media bespeelde, in een wonderlijke vermenging van show en wetenschap. De jaren ook waarin parapsychologie uitgroeide tot een keuzevak dat tientallen studenten trok, en er aan de Utrechtse Springweg een heus parapsychologisch instituut verrees.

Het vak werd 'gedoogd', schetst Kloosterman, die haar boek als proefschrift schreef. 'Het paranormale leefde in de samenleving. Zozeer dat men op een gegeven moment een leerstoel toekende aan parapsycholoog Wilhelm Tenhaeff: goed, laten we eens kijken wat het oplevert.' Daarin liftte het vak mee met de psychologie: 'De psychologie ontwikkelde zich, er ontstonden allerlei subdisciplines en leerstoelen. En de parapsychologie was er daarvan één.'

Zo beleefde de parapsychologie in het tijdperk van de ufo-waarnemingen, de Bermuda-driehoek en de Lemniscaat-boekenreeks 'De Grote Mysteries' vette jaren. De bruikbaarheid van telepathie in de 'psigiatrie', heette een promotie in 1963. En toen er gedoe was rond de opvolging van Tenhaeff, kwamen er zelfs bezorgde Kamervragen, omdat de Nederlandse parapsychologie internationaal zo vooraanstaand was.

'Er waren altijd wetenschappers, vooral uit medische hoek, die zich luidkeels verzetten', zegt Kloosterman. 'Maar binnen de psychologie vond men het vaak wel oké.'

En ze vonden ook weleens wat. U beschrijft het Van Dam-experiment, waarbij het medium Abraham van Dam in een laboratorium vakjes zat in te vullen op een vel met 48 hokjes, op telepathische aanwijzing van iemand anders die elders zat. Tot wel driekwart van de keren zat hij goed!

'Ja-haaa. Hoe kan het, hè?'

Nou? Hoe kan dat?

'Tja. Toen het experiment met andere proefpersonen werd herhaald, kreeg men deze resultaten niet. Er is wel gesuggereerd dat Heymans, die het experiment van een afstand registreerde, bijziend was. Of dat Van Dam een of andere truc uithaalde. Je weet het gewoon niet. Ik was er niet bij.'

Wacht even. Je hebt hier een laboratorium vol wetenschappers die dit serieus onderzoeken. Allemaal domkoppen en fraudeurs?

'Eén proefpersoon zegt natuurlijk niet zoveel. Interessanter vind ik wat er daarna gebeurt. Voor veel mensen was het reden om te zeggen: zie je nou wel, telepathie bestaat, het is bewezen. En zo ging men verder: wat heeft Van Dam, dat hij dit wel kan en anderen niet? En later, toen Van Dam minder sterke resultaten haalde: waarom was het fenomeen tijdelijk?'

Men leed aan tunnelvisie?

'In de wetenschap heb je op een gegeven moment oorzaken, verklaringen, redenen nodig. Een theorie van wat hier aan de hand is. Voorspellingen die je kunt toetsen.'

En daar ging het uiteindelijk mis?

'Dat denk ik wel. De theorieën die men had, stonden vaak haaks op de heersende opvattingen. Zoals het 'wereldbewustzijn', de gedachte dat alles geestelijk is. Daarmee overtuig je de academische wetenschap niet. En dat is natuurlijk wel nodig.'

Want de parapsychologie leefde op geleende tijd. Of het nu kwam door het gebrek aan ondubbelzinnige successen in het lab, de verzakelijking van de universiteit of gewoon door persoonlijke conflicten achter de schermen, langzaam groeide de parapsychologie in de jaren negentig toch een beetje uit tot de gekke henkie van de wetenschap.

Hans Croiset in actie. Beeld getty

Belangrijk deel van de verklaring, denkt Kloosterman, zijn de parapsychologen zelf. Want terwijl Nederland in de jaren negentig massaal Jomanda omarmde, en de paranormaalbeurzen als wonderpaddestoelen uit de grond schoten, keerde de parapsychologie zich juist af van de volkse opvatting van het paranormale.

'Enkele parapsychologen wilden het gelovige wereldbeeld een beetje corrigeren', zegt Kloosterman. 'Ze wilden serieus genomen worden als wetenschap. Maar daarmee denk ik dat ze zelf hebben bijgedragen aan hun ondergang. Je hebt die steun van de samenleving natuurlijk toch nodig.'

Ze herinnert zich hoe ze in de nadagen van het vak eens aanschoof bij een college van Dick Bierman, de laatste op de leerstoel van Tenhaeff. Het waren 'twee werelden', zegt ze. 'De studenten waren op zoek naar duiding: hoe moet ik later in mijn beroepspraktijk met iemand praten die dit soort verhalen vertelt, hoe moet ik mensen helpen bij zingevings- en stervensprocessen? Maar Bierman wilde het gewoon hebben over de methodologie, hoe je dit soort fenomenen wetenschappelijk kunt onderzoeken.'

In 2011 werd Bierman met leerstoel en al overgeheveld naar de Universiteit voor Humanistiek, waar de leerstoel parapsychologie drie jaar later stilletjes verdampte. Einde verhaal?

Sluit een wonderlijke herrijzenis nooit helemaal uit; het is tenslotte wel parapsychologie waarover we het hier hebben. Met de parapsychologie heeft de psychologie ook een belangrijke functie bij het grofvuil gezet, denkt Kloosterman: dat wollige, ietwat vage besef dat veel mensen nu eenmaal hebben, dat de mens meer is dan een klont hersenweefsel op pootjes. Al is het maar omdat ongeveer een op de drie Nederlanders zich omschrijft als 'spiritueel' meer dan er in God geloven.

'Tegenwoordig gaat het veel over hersenen', zegt Kloosterman. 'Ik denk dat de psychologie daarmee armer is. Bij een rijk soort psychologie horen ook persoonlijke ervaringen en overtuigingen: hoe denken mensen over leven na de dood, wat betekent het om mens te zijn?'

Het golvende brein

Een van de onverwachte bijvangsten van de parapsychologie behoort nog altijd tot het standaardarsenaal van de hersenwetenschap. Dat is het elektro-encefalogram, de elektriciteitsmeting van het brein met de badmuts met elektrodes. Het EEG werd in de jaren 1920 ontwikkeld door de Duitse psychiater Hans Berger (1873-1941) om te onderzoeken hoe het brein signalen kon uitzenden. In 1892 had Berger iets wonderlijks meegemaakt: na een val van zijn paard kreeg hij een bezorgd telegram van thuis, omdat zijn oudere zus het gevoel had dat er iets was gebeurd. Dat maakte zo’n indruk op hem dat hij besloot op zoek te gaan naar de ‘psychische energie’ van het brein. In 1929 wist Berger EEG’s, onder meer van zijn zoon Klaus, te presenteren.

Misschien is dit wel de belangrijkste les van de eeuwlange flirt met de parapsychologie: wat geldt als wetenschap, is maar net wat de beoefenaren ervan maken. 'We zitten nu in dit wereldbeeld, dit paradigma. En in de toekomst is dat vast weer anders. Je zou willen dat studenten sterker beseffen dat onderzoek niet per se de ultieme waarheid geeft.'

Erkende fenomenen wetenschappelijk verklaard

Het paranormale is nooit ver weg uit de menselijke ervaring. Volgens aards ingestelde wetenschappers kunnen deze alom erkende fenomenen veel ervan verklaren.

Geheugenillusies
Afwijkende dingen vallen meer op. Die keer dat u nét aan uw oom dacht op het moment dat hij belde, blijft u meer bij dan al die keren dat u aan iemand dacht die níét belde. Bovendien raken herinneringen vervormd naarmate we ze vaker oprakelen. Wonderlijke zaken kunnen daardoor in onze herinnering uitvergroot raken.

Hallucinaties
In onze cultuur ten onrechte geassocieerd met drugs en geestesziekte, want een volstrekt normaal fenomeen. Het brein vult wat we zintuiglijk waarnemen voortdurend in en aan. En hoe minder de zintuigen waarnemen, des te meer het brein aanvult. Met als gevolg schaduwen die tot leven lijken te komen, ruis op de radio waarin we stemmen horen en complete visioenen als we onszelf bewust desoriënteren in een stille, halfdonkere ruimte of met meditatie.

Onbewuste waarneming
U denkt aan iemand staat-ie opeens voor u. Voorgevoel, telepathie? Waarschijnlijk had u de persoon in kwestie al opgemerkt, want de meeste waarneming dringt niet meteen door tot het bewustzijn.

Foutmeldingen in het brein
Bij bepaalde prikkeling door drugs, epilepsie, operaties of zuurstoftekort kan men een 'buitenlichamelijke' ervaring krijgen of zelfs een euforische 'bijnadoodervaring'. De ervaring is echter neurologisch goed te verklaren, en relatief gemakkelijk op te wekken.

Het placebo-effect
In onderzoek blijkt dat zo'n 30 procent van proefpersonen reageert op een behandeling die in feite 'nep' is. Vooral bij complexe en ietwat onduidelijke aandoeningen kan het placebo-effect sterk zijn. Ook kunnen klachten spontaan verdwijnen: het lijkt of de behandeling werkt, terwijl het zónder ook zo was gelopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.