Toegewijde biografie van in Auschwitz omgebracht schilder

Felix, de gelukkige. Riskant om een kind zo te noemen. Het leven van schilder Felix Nussbaum (1904-1944) begon gelukkig, als kind in een warm, welgesteld gezin en als een uitzonderlijk schilderstalentje. Het eindigde zeer voorbarig in Auschwitz, na ongelukkige jaren als balling in Brussel.

Lange tijd leek het alsof Hitler niet alleen Nussbaums leven, en dat van zijn vrouw Felka, had afgepakt, maar ook zijn werk had vernietigd. Het liep anders, gelukkig.

Beeld EPA

200 Werken

Ook al werd het bestaan van Nussbaum in 1944 'tot op de grond verschroeid', in de woorden van biograaf Mark Schaevers, zijn schitterende werk herrees als een feniks uit de as. Midden jaren vijftig kregen twee nichten van de kinderloze Nussbaum het bericht dat er werk van hun oom in een kelder opgeslagen zou liggen. Ze vonden het, half beschimmeld. Het ging in 1970 naar zijn geboorteplaats Osnabrück. In de loop der tijd kwamen steeds meer schilderijen tevoorschijn. Sinds 1998 is er in Osnabrück het Felix-Nussbaum-Haus, ontworpen door de Amerikaanse architect Daniel Libeskind. Er hangen meer dan 200 werken.

Expressionisme

Nussbaums werk doet denken aan dat van Duitse expressionisten als George Grosz en Max Ernst. Misschien is het naïever, minder grotesk en letterlijker. Anders dan deze twee was Nussbaum niet eens officieel 'entartet', al is het werk uit zijn laatste levensjaren een macaber en illusieloos commentaar op de Duitse vernietigingsdrift. Misschien hadden de nazi's dat niet eens in de gaten. Dat Felka en Felix joods waren, was genoeg om hen - met het allerlaatste transport uit Mechelen, een maand voor Brussel werd bevrijd - af te voeren.

Nussbaums werk heeft trekken van expressionisme en Nieuwe Zakelijkheid - kantelende flatgebouwen - maar zijn in lachen of huilen verstarde mensen doen ook denken aan de mannetjes en vrouwtjes van Henri Rousseau. De spookachtige lege straten met donkere schaduwen herinneren aan De Chirico. Maar het typerendst is dat Nussbaum verhalen vertelt. Over het bloeiende kunstleven in Berlijn, begin jaren dertig, over het beknotte leven in exil, in Oostende en Brussel. Hij tekent zichzelf als postbode en als orgelman; hij wil gehoord, gezien, gelezen worden. Zijn geliefde ouders en zijn vrienden wonen niet ver, maar zijn onbereikbaar. Hij tekent argeloze kinderen die zouden worden gedeporteerd, hij tekent schijtende medegevangenen in het kamp in Saint-Cyprien. En tussendoor zichzelf, telkens weer. Een knappe man met een waakzame blik, in goed zittende jasjes en propere overhemden.

Deze schilder schrikt niet terug voor symbolen. Als Nussbaum beklemming verbeeldt, schildert hij een blinde muur, hypocrisie verbergt zich achter een masker, wie hoopt op vrede draagt een olijftak. Als hij het over de dreigende dood wil hebben, laat hij skeletten dansen, of samen een kist tillen. Het orgel van de orgelman krijgt knoken als pijpen. Veel te raden blijft er niet. De kleuren, apocalyptisch blauw, droevig bruin, trots rood, zetten de toon.

Toegewijde reconstructie

Op grond van weinig gegevens - soms eerder verzameld door medewerkers van het museum in Osnabrück, vaak nieuw gevonden documenten in archieven reconsstrueert Schaevers dit korte, smartelijke leven. Hij neemt ons mee in zijn zoektocht. De lezer mag alles meemaken, elke verrassing of teleurstelling, elke norse, leugenachtige of vriendelijke geïnterviewde. Open plekken in het verhaal vult Schaevers met wél overgeleverde verhalen van mensen in soortgelijke omstandigheden. Geen moeite is hem te veel. Die toewijding is mooi.

Schaevers, al een leven lang journalist, vertelt losjes en aangenaam. Tegelijk voel je dat zijn verlangen om dichterbij deze ongrijpbare man te komen bijna obsessief wordt. Een medegevangene die de laatste uren voor Nussbaums deportatie met hem doorbracht, vond hem 'een door en door onwezenlijk wezen', iemand die 'vragend stond tegenover zijn eigen werk'. Dat is het mooie aan deze biografie: het verhaal is verteld, maar de vragen blijven. Het kwaad kun je misschien alleen maar schilderen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden