Tino Sehgal kronkelt, buigt en strekt

Marina Abramovic.

Een behoorlijke dosis champagneconsumptie heeft haar sporen zichtbaar achtergelaten op de gezichten. Gecombineerd met het late tijdstip van naar bed gaan. Toch zijn op nieuwjaarsochtend om 10 uur al een paar dozijn belangstellenden getuige van de eerste performancebewegingen op de overzichtstentoonstelling van Tino Sehgal in het Amsterdamse Stedelijk Museum.

Bijzonder zijn die eerste bewegingen wel, want ze worden uitgevoerd door de meester zelf. De 38-jarige kunstenaar - casual gekleed in witte sneakers, zwarte broek, bruine trui, waaronder weer een wit T-shirt - beweegt zich in slowmotion over de vloer alsof hij een gat in de grond probeert te drukken. Soms richt hij zijn bovenlijf wat op, laat het dan weer even langzaam zakken, buigt en strekt vervolgens iedere ledemaat, zijn rug en buik, als spasmen waarover de kunstenaar zelf schijnbaar geen zeggingskracht lijkt te hebben.

Dat het werk, met de titel Instead of allowing some thing to rise up to your face dancing bruce and dan and other things (uit 2000), een verwijzing zou zijn naar video's en performances van Bruce Nauman en Dan Graham, is niet te zien. Daarbij zal deze eerste performance, die de hele maand januari zal worden uitgevoerd, wellicht niet iedereen direct bekoren. Te weinig spectaculair, te ingetogen. Maar voor wie zich de tijd gunt, komt in een meditatieve mood. Anderhalf uur kronkelt Sehgal, en na hem een jonge vrouw, geconcentreerd over de museumvloer, in een hoekje van de lege ruimte, als een vreemd, stuiptrekkend organisme.

Onder het motto A Year at the Stedelijk: Tino Sehgal zal het komende jaar iedere dag, nee, iedere minuut in het Stedelijk zo'n 'geënsceneerde situatie' te zien zijn. Elke maand een andere. Beginnend met (relatief) eenvoudige uitvoeringen, zoals deze, door acht dansers die elkaar als in ploegendienst zullen afwisselen. Halverwege het jaar, tijdens het Holland Festival, wordt het werk uitgebouwd tot een complexe productie met meerdere dansers, figuranten en acteurs. En dan weer afgebouwd richting eind 2015.

Afgezien van de vraag of deze eerste aflevering direct overtuigend is, is de opzet wel degelijk geslaagd: het initiatief van het Stedelijk zoveel tijd en ruimte (en geld) vrij te maken om een performancekunstenaar als Sehgal een retrospectief te geven. Waardoor het museum deze kunstvorm een status verleent die het tot nu toe zelden binnen zijn muren heeft gekregen. Als onderdeel van de vaste collectie, tussen de schilderijen van Chagall, Mondriaan, Breitner en Malevitsj.

Een status die vergelijkbaar is met de overzichtstentoonstelling van de 'oma van de performancekunst', Marina Abramovic in het Museum of Modern Art in New York, vier jaar geleden. De drie maanden durende expositie waarop Abramovic elke dag tegenover iemand uit het publiek aan tafel zat.

In dezelfde league bevindt Sehgal zich nu. En mogelijkerwijze het Stedelijk ook. Een mooi visitekaartje van de nieuwe directeur, Beatrix Ruf, om dit gedurfde plan te organiseren.

Marina Abramovic. Foto epa
Meer over