Theatrale adaptatie Dido en Aeneas eindigt met een kaakslag

Niet iedereen is dol op een barokaria, maar uiteindelijk legt iedereen het af tegen de pure kracht van Purcells noten. De voorstelling eindigt met een kaakslag, met een poppen-Dido dood op de grond.

Dido Dido van muziektheatercollectief Silbersee in Frascati in Amsterdam

In de Top 2000 van 17de-eeuwse hits staat Dido's Lament bovenaan. Ook wie de titel niet kent, kan de klaagnoten probleemloos meezingen. De Engelse barokcomponist Henry Purcell heeft ze in de mond gelegd van Dido, de koningin van Carthago. Net heeft ze in de aangespoelde held Aeneas de liefde van haar leven gevonden of de lulhannes neemt alweer de benen. Gekrenkt steekt Dido zichzelf dood.

Niet voordat Purcell haar nog een paar goddelijke minuten heeft laten zingen. 'When I am laid in earth', heet voluit de aria uit zijn opera Dido and Aeneas. Op droevig dalende basnoten zingt Dido haar lamento, met als ultiem meezingmoment het hartstochtelijke 'Remember me!'

Het muziektheatercollectief Silbersee besloot de beroemde noten eens uit elkaar te schroeven. Voor de theatrale herschikking zocht de groep de samenwerking met choreograaf en regisseur Nicole Beutler. Dido Dido heet de voorstelling, die rituelen verkent rond leven en dood, rouw en afscheid.

Aan het begin heerst stilte. Zes spelers zitten op een rij, met de rug naar het publiek. Ze kijken naar een zeeschilderij met stormlucht. In het Amsterdamse Frascati Theater ruist iets: ademhaling. Het wordt weer stil. Een zucht. Stil. Hijgen. Stil.

Langzaam blaast Silbersee de voorstelling adem in. Het ademen gaat over in praten. Losse woorden zijn het. When. I. Am. Laid. Er komt ritme in, bijna wordt het een rap. Iemand pakt een doedoek en laat het Armeense rietinstrument weemoedig gloeien op de noten van Dido's klacht. Als een mediterrane zangstem komt meehuilen, is de jamsessie compleet.

Nicole Beutler levert er subtiele beelden bij. Uit een rondstappend koortje maakt zich een danseres los. De zangers leiden haar rond als een marionet. Het blijken vingeroefeningen te zijn voor een echte marionet: een Dido in rode mantel, uit de poppenspelpraktijk van Ulrike Quade. Het mes waarin Dido zich werpt, past keurig in de poppenhand.

Wie afkwam op de naam van danscoryfee Beutler had misschien een stroeve avond. Muziek voert in Dido Dido namelijk de boventoon. Niet iedereen zal opveren bij een barokaria die van achter naar voren wordt gezongen. Ook voor fijnproevers zijn de zwiepende, krassende dubbeltonen van een contrabasblokfluit.

Uiteindelijk legt iedereen het af tegen de pure kracht van Purcells noten. De voorstelling eindigt met een kaakslag. De poppen-Dido ligt dood op de grond. De dans-Dido krabbelt overeind en loopt trekkebenend weg. Het koortje zingt de slotmaten van Dido and Aeneas. 'With drooping wings', met afhangende vleugels, houden liefdesgodjes de wacht bij Dido's graf. Zie het maar eens droog te houden als in het publiek verstopte zangers plotseling mee gaan doen.

Dido Dido

Klassiek
Door Silbersee, Nicole Beutler en Ulrike Quade Company.
9/11, Frascati, Amsterdam. Tournee t/m 26/5.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.