Theaterspektakel Maalstroom slingert zich door Den Bosch 'Wat ik nodig heb, is het geluid van bloppend water'

Zo'n plek in het donker waar je overal spinrag in je gezicht verwacht, waar de duisternis tastbaar is, en soms zelfs vies....

Van onze verslaggever

Eric van den Berg

DEN BOSCH

Een plek waar een verslaggever van het Katholiek Weekblad in 1948 een boottochtje maakte met zijn fotograaf, om de Bosschenaren kond te doen van het leven onder de stad: 'Het schijnsel van de olielamp tekent hier dansende schaduwen op de ronde wanden. Dan, om de sensatie compleet te maken, dooft een plotseling zuchtje de lamp. (. . . ) Dan verandert onze goedmoedige schipper in de Helle-veerman en wij - och arm - zijn de schimmen op weg naar het dodenrijk.'

Hoe de sfeer te schetsen uit vervlogen tijden, toen de Binnendieze werd gebruikt door alles en iedereen: brouwers en smeden haalden hun water eruit, vuurmeesters hielden er toezicht omdat met dit water ook de branden moesten worden geblust. En vooral: de eeuwenoude stadsrivier - het water van de Dieze, maar dan binnen de stadsmuren - was een riool. Uitwerpselen, matrassen, schoenen en fietsen dreven erin, en toch had het water 'zoo'n hartelijke smaak'.

Nu, in 1998: de restauratie die in 1973 begon is bijna voltooid (kosten 43,5 miljoen gulden), en Den Bosch wil het weten en vieren. Want de St. Jan is dan natuurlijk wel nummer 1, de 'Diest' is een goede tweede. Het theaterspektakel Maalstroom, vanavond de opening van het veertiende Boulevard-theaterfestival, presenteert het riviertje waarlangs jaren geleden nog weleens mensen flauwvielen vanwege de stank.

Elke avond vertrekken twintig bootjes met zestien toeschouwers van de Uilenburg, níet voor een geschiedenisles op het water, benadrukken de regisseurs. Geen jaartallen, wel een terugblik op het Bossche gevoel door de eeuwen heen. Hoe heilig waren de Bosschenaren, en hoe zwak of gierig?

De ene regisseur tegen de andere, tijdens de voorbereiding in een Amsterdamse studio:

'Ik heb het geluid van bloppend water nodig, weet je wat ik bedoel?'

'Bloep?'

'En vogeltjes.'

'De meest prachtige vogeltjes heb ik, birds.'

'De kneu, die is mooi.'

'Als er veel ruis op zit, heb ik er niets aan.'

'We hebben ook pianospel nodig. Niet Jan Vayne of zo, dat is een saus van niks. Ballroom, maar dan mét piano.'

'Misschien filmmuziek, misschien heb ik iets waarvan ik zeg: hé, dit is geil! Strictly Ballroom?'

'Ik wil ook van die hoge vrouwelijke gilletjes. Maar het moet theater blijven, het mag geen porno zijn.'

Van dat soort keuzen. Aad Spee, regisseur uit Haarlem, en artistiek leider Michael Helmerhorst, bekend om zijn regie van de theaterspektakelgroep Vis à Vis, stapten enkele maanden geleden zelf in een bootje op de Binnendieze, zoals jaarlijks tachtigduizend toeristen doen.

Ook zij aanschouwden de gewelven, de huizen die bijna overal met de achterzijde grenzen aan het water, de foeilelijke parkeergarage, de trappetjes naar de bewoonde wereld, en de duisternis daar waar de Binnendieze werd verstopt onder nieuwe huizen omdat er geen bouwgrond meer was in de stad.

Spee liet alles op zich afkomen, voelde de kinderlijke verwachting en verwondering die hij ook in de Fata Morgana van de Efteling voelde, of tijdens de Droomvlucht ('met die elfjes en herten, dat blijft hangen'). 'Den Bosch zoals het was', vond Spee niet interessant als uitgangspunt voor zijn rondvaarttheater; dat leggen de gidsen maar uit op de normale rondvaartboot, niet de speciaal opgeleide schippers annex acteurs in Maalstroom.

Het spektakel ('zeer visueel') moet zijn 'eigen Efteling' worden, of 'Disneyland unplugged'. Omschrijvingen als een 'klamme fantasie' of een 'natte droom' zijn wat Spee en Helmerhorst betreft net zo adequaat. 'A-priori zuigen we alles uit onze duim', zegt Helmerhorst. En net zo gemakkelijk: 'De main thing voor mij was dat ik een format moest hebben.'

In elk geval kwam het idee van de directeur van Boulevard, Wim Claessen. Al jaren geleden, toen de restauratie van de Binnendieze nog in volle gang was, bedacht hij dat zijn festival deze ader van Den Bosch eens als decor moest gebruiken. Een feestje op een boot was het; vooral de verstilde ruimte en de schoonheid van het traject waren hem opgevallen.

'Misschien is het begonnen als een grap op een verjaardagsfeest, maar ik wist dat we er iets mee konden', zegt Claessen. Jaren geleden probeerde hij al geld los te weken voor het project (nam ambtenaren en sponsoren mee op een boot met pianist en sopraan), maar die pogingen mislukten. Maar nu dan is het jaar waarin 's Neerlands grootste waterbouwkundige restauratie tot een einde wordt gebracht, en is er ineens geld (anderhalf miljoen, waarvan zes ton uit een werkgelegenheidsproject).

'Heel Den Bosch vindt het hartstikke leuk. Iedereen is blij met de restauratie', zegt trouble shooter (productieleider) Bob Vermeulen. En hij kan het weten als geen ander: veel terrein boven en naast de Binnendieze is particulier bezit, dus zomaar een theatertoer organiseren gaat niet. Een blacklight onder een keukenraam, een beeld in een of andere nis - toch even vragen. 'We varen door de achtertuin van een hoop mensen.'

Nu gaan er ook dingen níet, erkent Vermeulen. 'Leuk bedacht, een acteur op een balkonnetje zetten, maar die moet dan wel elke dag door iemands huiskamer. De hele maand augustus, dat wilden die mensen dus niet.'

En de regisseurs hadden een trapeze-act aan een boomtak gepland, aan het einde van de twee kilometer lange route bij de Cavaleriebrug, maar die boom bleek een monument.

Het Noord-Brabants Museum werkt niet mee ('er mogen geen lampen aan de buitenmuur, iets met beveiliging was het'), V & D had geen bezwaar (de stroom gaat in dit gedeelte van het centrum ondergronds). Met dank overigens: de onderbuurman van V & D heet in Maalstroom 'De Gang der Hebzuchtigen'.

De zeven hoofdzonden uitbeelden, dat was het eerste plan van regisseurs Helmerhorst en Spee. Achteraf niet helemaal gelukkig, zeggen ze nu, want het is niet de bedoeling dat iedereen gaat zitten tellen.

Ze zijn wel een soort leidraad, al heeft regisseur Vincent de Rooy - verantwoordelijk voor 'zinsbegoochelende scènes' op De Grote Hekel, een stuk water net buiten de stadsmuur - gekozen voor 'leven en dood'.

Geef Maalstroom een noemer, het maakt Helmerhorst niet uit. 'Maar het wordt géén Ontdek-Je-Plekje! En voor je het weet heb je een Anton Pieck-voorstelling. Dat moet dus niet.'

Mimespelers, dansers, acteurs en vooral veel licht en geluid leiden de toeschouwers langs de achterkant van Den Bosch. Elke dag, maar als Boulevard is afgelopen niet meer op maandag. Dat is dan weer de dag voor de gemeenteboot: die dregt geen verhalen of illusies op, maar gewoon, net als vroeger, schoenen en fietsen.

Theaterfestival Boulevard, Den Bosch: Maalstroom. Regie Michael Helmerhorst, Aad Spee en Vincent de Rooy. Vanavond première, daarna t/m zondag 30 augustus. Afvaart tussen 21. Na het festival, dat eindigt op 16 augustus, geen voorstellingen op maandag. Afvaart tussen 21.00 uur en 22.00 uur, vanaf de Uilenburg.

Andere premières: Liasons Dangereuses van Feria Musica (7 augustus), Mad(e) in Paradise van Gosh (11 augustus) en Mirage van Vis à Vis (11 augustus).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden