Reportage De achterkant

Theater over de achterkant van Brabant: ‘Iedereen kent hier wel iemand aan wie iets verdachts kleeft’

Het Zuidelijk Toneel heeft een voorstelling gemaakt om het beeld van Brabant als drugsprovincie te nuanceren. ‘Drugs zijn van alle tijden, het gebruik en de handel ook.’ 

De acteurs van De achterkant van..., vanaf links: Erwin Boschmans, ­Michiel Kerbosch, Mike Weerts, Dries Alkemade en Björn van der Doelen. Beeld Bart Grietens

Groot nieuws vorige week: in het onderzoeksrapport De achterkant van Amsterdam constateren auteurs Pieter Tops en Jan Tromp dat Amsterdam bijna verzuipt in de drugs. Eerder schreef dit duo al een boek over dezelfde problematiek, maar dan in Brabant: De achterkant van Nederland: hoe onder- en bovenwereld verstrengeld raken. Waar in Amsterdam drugs vooral worden gebruikt en verhandeld, worden ze in Brabant gemaakt. De bijbehorende criminaliteit krijgen stad en provincie er gratis bij: bedreigingen, verborgen xtc-fabrieken en wietplantages, brandstichtingen, geheime geldtransporten, witwassen, geweldsdelicten, moord. Over de drugsindustrie - ‘het zwarte goud van de moderne geluksindustrie’ - heeft Het Zuidelijk Toneel (HZT) een theatervoorstelling gemaakt, die zaterdag in première is gegaan. Piet Menu, artistiek leider van HZT, is daarvan de bedenker.

Menu: ‘Het beeld bestaat dat in Brabant de ene helft van de bevolking verslaafd is aan drugs, en de andere helft er goed aan verdient. Dat het zelfs een beetje bij de Brabantse volksaard hoort. Maar dat klopt niet, en juist dat beeld willen we in De achterkant van... rechtzetten. In Brabant is het niet anders dan op andere plekken waar mensen op zoek zijn naar verdoving, een snelle roes of een oppepper. Drugs is van alle tijden, het gebruik en de handel ook.’

De achterkant van... is geschreven door A.H.J Dautzenberg en Diederik Stapel, die in 2014 samen De fictiefabriek, ‘een bevrijdingsroman in brieven’ publiceerden. Dautzenberg is schrijver en Stapel was hoogleraar sociale psychologie in Tilburg, maar raakte in diskrediet toen bleek dat hij onderzoeksgegevens had verzonnen. Voor Menu was dat geen reden hem niet te vragen. ‘Iedereen verdient een tweede kans. Bovendien wilde ik per se twee schrijvers uit het zuiden. Dautzenberg heeft mede de Quiet 500 (een glossy over stille armoede, als tegenhanger van de Quote 500, red.) opgericht, dus hij kent de onderkant. Stapel werkt een aantal dagen per week in een verslavingskliniek, dus hij weet waar hij het over heeft. Bij hen was ik er bovendien zeker van dat het geen documentair theater zou worden. Uiteraard ken ik ook de tv-serie Undercover, die zich in het Brabantse drugsmilieu afspeelt, het is goed gemaakt en spannend, maar in het theater kun je dat realisme ontstijgen.’

De achterkant van... is zeker geen theaterversie van het boek van Tops & Tromp, zo verzekeren ze alle drie. Menu noemt de cijfers en anekdotes die Tops en Tromp beschrijven ‘verbijsterend’, maar hij vindt ook dat het boek te eenzijdig wordt gelezen. Menu: ‘Met de achterkant wordt bij hen ook de onderkant bedoeld: ‘dat soort volk’, de onrendabelen, mensen die we gemakkelijk kunnen wegzetten, en dat vind ik te simpel. Ik geef overigens meteen toe dat de drugsoverlast in Brabant heftiger is dan elders. Dat komt vooral doordat Brabant en Limburg grensgebieden zijn en te maken hebben met drugstoerisme uit Duitsland, België en Frankrijk. Iedereen kent hier wel iemand aan wie iets verdachts kleeft, die denkt: hé, er staan wel erg dure auto’s bij de manege, hoe kan dat?’

Dautzenberg en Stapel schreven De achterkant van... als een vijfluik dat zich afspeelt in het hoofd van de getraumatiseerde hoofdpersoon, en heen en weer gaat in de tijd, van oude man naar tiener, en terug. Ook werken de schrijvers met diverse afsplitsingen van de hoofdpersoon, om aldus een ‘prismatische vertelling’ te maken. Het is dus allesbehalve een documentair toneelstuk, maar meer ‘een verbeelding van de mentale achterkant, de psychische onderwereld’.

Dautzenberg: ‘Tops en Tromp wijzen verontwaardigd met het vingertje, ze gaan voorbij aan de complexiteit van drugsgebruik en –criminaliteit, aan het feit dat het gebruik tegenwoordig wordt gedoogd. Coke snuiven is bon ton, tot in de hoogste kringen aan toe, de festivals staan bol van de pillen. Ik ben opgegroeid in Heerlen, destijds drugsstad nummer 1. Ik moest in die tijd verplicht naar de film Christiane F., zo bang waren mijn ouders voor drugs. De gebruikers werden als ongedierte gezien. Pas toen er genuanceerd naar het geheel werd gekeken, dienden de oplossingen zich aan.’

Stapel: ‘Wij hebben allemaal onze verlangens, onze hedonistische wensen, wij vieren met elkaar die drugscultuur, wij kijken met zijn allen naar Scarface, The Godfather, The Sopranos en Breaking Bad. De crystalmethproducent in die series is onze held. Tegelijkertijd zien we nu de keerzijde, de achterkant, daarvan.’

Dautzenberg: ‘Nee, zelf heb ik nauwelijks ervaring met drugs. Ik ben nogal neurotisch van aard en bang voor controleverlies, dus ik houd het bij alcohol. Maar ook dat met mate.’

Stapel: ‘Ik drink vooral Pellegrino en dat bevalt me uitstekend. Ik weet wat het is om te veel te willen en gigantisch uit de bocht te vliegen. Mijn streven is om mijn verbeeldingskracht zo effectief mogelijk in te zetten. Daarvoor is helderheid een voorwaarde. Bovendien zie ik mijn werk in de verslavingszorg wat voor ellende drugs kunnen veroorzaken. Liever niet.’

De achterkant van..., tournee door Zuid-Nederland t/m 27/10.

Een seizoen vol criminaliteit

HZT reist met De achterkant van... naar Tilburg, Eindhoven, Roosendaal, Den Bosch, Terneuzen en Breda. Per stad doen plaatselijke figuranten mee en worden lokale filmbeelden vertoond. Daarnaast is er een reizende tentoonstelling, met daarin ook criminaliteitscijfers voor die specifieke regio. Ook de rest van het seizoen van HZT staat in het teken van criminaliteit. Zo ging eerder al True Copy in première, over de kunstvervalser Geert Jan Jansen. Later volgen De vrouw die de honden eten gaf (over de zaak-Dutroux), Casting The Pass (over macht, moraal en #MeToo) en Eldorado (ook over drugscriminaliteit, maar dan op het platteland).

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six passeerden al de revue.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden