Recensie The Man Who Stole Banksy

The Man Who Stole Banksy biedt een warboel aan onderwerpen, die zonder duidelijke ordening over de kijker worden uitgestort ★★☆☆☆

De hectische, iets te zelfbewuste guerrillastijl van regisseur Marco Proserpio maakt de documentaire er niet overzichtelijker op.

De ‘gestolen’ Banksy: een plak beton met een gewicht van vier ton.

Documentaire
Regie Marco Proserpio.
93 min., in 16 zalen.

In 2007 maakte de Britse kunstenaar Banksy een muurschildering in Bethlehem die door een Palestijnse handelaar met slijptollen werd uitgezaagd. Het resultaat, een plak beton met een gewicht van vier ton, werd verkocht op veilingsite eBay. Documentairemaker Marco Proserpio neemt het incident (was het diefstal? Of gewoon kunsthandel?) als uitgangspunt voor een film over straatkunst en de bijbehorende eigendomskwesties, de Israëlische muur, de rol van westerse kunstenaars in de rest van de wereld, de oververhitte kunstmarkt en nog een handvol andere onderwerpen, die zonder duidelijke ordening over de kijker worden uitgestort. 

De documentaire (met sporadische vertelstem van Iggy Pop) biedt een warboel aan interviews en verschillende meningen, waarbij soms interessante gezichtspunten opduiken. Het inkijkje in de Palestijnse gemeenschap is intrigerend, maar blijft een nauwelijks uitgediepte zijlijn, net als de zoektocht naar de waarde van openbare kunst. De hectische, iets te zelfbewuste guerrillastijl van Proserpio, een voormalig MTV- en commercialregisseur, maakt het er niet overzichtelijker op. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden