Recensie The Happy Prince

The Happy Prince is een grimmig en bedwelmend kunstenaarsportret over Oscar Wilde (vier sterren)

Everett zet hem nu eens neer als dwingende kolos, dan weer als vaal schrikbeeld van zichzelf.

The Happy Prince, Filmstill

In The Happy Prince wordt de teloorgang van Oscar Wilde (1854-1900) gespiegeld in de locaties waar de legendarische schrijver, estheet en dandy zijn laatste jaren slijt. Van de Londense salons gaat het naar een zwaarbewaakte gevangenis, nadat Wilde is veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf met dwangarbeid vanwege ‘grove onzedelijke handelingen’ met jonge mannen.

Na zijn vrijlating komt Wilde (Rupert Everett) als banneling terecht in een chic Frans strandhotel. Dierbaren Robbie en Reginald – dienende, maar sterke rollen van Edwin Thomas en Colin Firth – hopen dat hij aldaar de draad van zijn leven enigszins zal oppakken. Dat doet Wilde, zij het niet zoals gewenst: binnen de kortste keren hervat hij het contact met zijn verboden minnaar, societyjongen Alfred ‘Bosie’ Douglas (Colin Morgan). En dan gaat het van Frankrijk naar Italië en, als eindstation, een troosteloos appartement in Parijs. Op die laatste locatie vindt de vereenzaamde en berooide Wilde zijn sterfbed.

Niet dat dit traject chronologisch wordt gevolgd. The Happy Prince is het regiedebuut van de Engelse acteur Rupert Everett, die ook de hoofdrol speelt én het scenario schreef. Heden en verleden, hallucinaties en herinneringen lopen alsmaar door elkaar; de film, gevat in Death in Venice-achtige homo-erotiek en draaierig camerawerk, is als de koortsdroom van de stervende Wilde. Of ook wel alsof we op de vleugels zitten van de zwaluw uit het door Wilde geschreven titelsprookje; alleen scheert de vogel hier niet over een sombere stad, maar kriskras langs episoden uit Wildes leven.

The Happy Prince, Drama, Regie Rupert Everett.

Met Rupert Everett, Edwin Thomas, Colin Morgan, Colin Firth, Emily Watson.

105 min., in 21 zalen.

Dan zie je hem met Bosie zwijmelen op een verlaten treinperron. Of we zien hoe hij, Robbie en Reginald in Frankrijk worden achtervolgd door een stel opgeschoten Engelsen, tot Wilde woedend van zich afbijt – misschien wel de beste scène van de film. Soms toont de film ook glimpen van het geluk dat Wilde ooit kende; het zijn echo’s uit een inmiddels verloren tijd, die de werkelijkheid van Wildes bannelingenbestaan des te schrijnender maken.

Everett, voorzien van een indrukwekkend uitpuilende kin, zijn ogen priemend boven het kwabbige vlees, deinst er niet voor terug van Wilde een soms onuitstaanbare narcist te maken. Vanwege het onrecht dat Wilde werd aangedaan, is het evenwel makkelijk om met hem te sympathiseren en tenminste enig begrip op te brengen voor zijn roekeloze, zelfdestructieve gedrag. Intrigerend ook hoe Everett, die Wilde eerder al op de bühne vertolkte, hem nu eens neerzet als een dwingende kolos, dan weer als vaal schrikbeeld van zichzelf.

Niet alles werkt. Soms geven de dialogen de plot een houterig zetje. Het voelt inconsistent dat herhaaldelijk wordt uitgeweken naar het perspectief van anderen, onder wie Wildes verbitterde ex-echtgenote Constance (Emily Watson). Niettemin is The Happy Prince een geslaagd, even grimmig als bedwelmend kunstenaarsportret geworden, dat fraai afsteekt tegen de brave kost die binnen het kostuumgenre maar al te vaak wordt geserveerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden