Review

The Good Dinosaur is minder ambitieus dan Pixar kan zijn

The Good Dinosaur toont vooral in de puntgave eerste scènes een vindingrijkheid die voorbehouden lijkt aan de Pixarstal. Wanneer de plot op gang komt, schuift de film meer richting automatische piloot.

null Beeld null

In het jaar waarin Pixar met zijn meesterlijke gevoelensfilm Inside Out een creatieve wedergeboorte doormaakt, zou je bijna vergeten dat de Amerikaanse animatiestudio ook af en toe groen licht geeft aan gewone, aardige tussendoortjes. The Good Dinosaur is er zo een: een eenvoudig, op kinderen gericht avontuur over een bangige, plantenetende Apatosaurus, die op weg naar volwassenheid tijdelijk zijn familie verliest en ontdekt hoe je in een wereld vol woeste rivieren, roofzuchtige vogeldino's en onverwachte medestanders dapper en verantwoordelijk kunt zijn.

Desondanks etaleert The Good Dinosaur vooral tijdens de puntgave eerste scènes de vindingrijkheid die zo kenmerkend is voor de scenaristen en animatoren uit de Pixarstal. Het dinogezinnetje leeft in een tijd waarin de komeet die het dinoleven had zullen wegvagen rakelings langs de aarde is gescheerd en heeft inmiddels de agrarische samenleving omarmd. Ze bewerken het land met hun snuit, zaaien mais via een stellage op de rug en besproeien de akker met hun bek. Zoals Pixar het eerder aannemelijk maakte dat speelgoed leeft, superhelden gewone mensen zijn en een rat geweldig kan koken, zo is het hier tot in de kleinste charmante details voorstelbaar dat dinosauriërs werken als zelfvoorzienende boeren.

Wanneer de plot op gang komt, schuift de film meer richting automatische piloot. Originele karakterschetsen maken plaats voor een avonturenverhaaltje: Arlo, de jongste dino van het gezin, ziet toe hoe zijn vader tijdens een wilde storm verdrinkt in de lokale rivier en moet getraumatiseerd op zoek naar zijn familie én een nieuwe, stoere versie van zichzelf. Met een oermensjongetje dat zich gedraagt als een hondje trekt Arlo langs valse aasgier-achtige dino's, een agressieve slang en een opvallend goedaardig T-Rexgezin, in een tocht die op meerdere manieren aan die van Simba in The Lion King doet denken. Zonder de liedjes, overigens. Best spannend, technisch hoogwaardig geanimeerd bovendien (let vooral op de waterreflecties en de glanzende dinohuid na een regenbui), maar ook minder ambitieus dan Pixar kan zijn, zelfs al is het om de jongere doelgroep te bedienen.

De kleine, slimme of onverwacht komische momenten die zich toch een weg naar het eindresultaat drongen - de snavels van de aasgieren die als omgekeerde haaienvinnen door dicht wolkendek klieven, een tripscène op besjes - mogen zo in elk geval extra worden gekoesterd.

The Good Dinosaur. Regie: Peter Sohn. Met: (de stemmen van o.a.) Raymond Ochoa, Jeffrey Wright. Ook Nederlands gesproken. 100 min., in 246 zalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden