The Beatles subliem geremasterd

Het grote dilemma is: welke box moet je kopen? De nieuwe stereomasters of box met nieuwe masters in mono.

Dat ze eraan kwamen, zal geen muziekliefhebber ontgaan zijn: nieuw gemasterde versies van alle albums van The Beatles. Je hoeft geen groot audiofiel te zijn om vast te stellen dat dit hoog tijd werd, want de in 1987 onder supervisie van producer George Martin speciaal voor compact disc geremasterde studiobanden klonken aanmerkelijk minder dan de lp’s waar The Beatles hun reputatie als beste popgroep van de twintigste eeuw aan te danken hadden.

De cd’s van The Beatles zoals die tot vandaag werden aangeboden, klonken dof en weinig dynamisch en waren ook domweg veel te duur.

Maar vanaf vandaag zijn ze dan eindelijk verkrijgbaar: de dertien studioalbums van The Beatles, op een manier die wel recht doet aan hun reputatie. Naar verluidt is er onder supervisie van Allan Rouse, sinds 1971 geluidstechnicus in de Londense Abbey Road-studios, meer dan vier jaar aan de nieuwe masters gewerkt, en het resultaat is er dan ook naar. De 525 minuten muziek zoals die in de box The Beatles Remastered is verzameld, klinkt subliem. De albums die de band opnam van Please Please Me (1963) tot Abbey Road (1969) zijn gestoken in fraaie kartonnen hoesjes met behalve tekst en uitleg, mooie foto’s.

Wie er een dagje voor uittrekt, zal zich geen minuut vervelen want het valt niet genoeg te benadrukken: The Beatles wisten zichzelf op ieder album weer te vernieuwen, zonder dat het ten koste ging van de toegankelijkheid.

Op de eerste vier platen waren ze nog een betrekkelijk conventioneel beatbandje, althans zo klonken ze in de oude mix uit 1987. Dat waren voor die eerste vier platen monomixen. In de verse stereoremaster klinkt het allemaal een stuk minder dof. Het derde album, A Hard Day’s Night, The Beatles-lp met alleen Lennon/McCartney-composities, klinkt kraakhelder, en ook de altijd wat minder beoordeelde For Sale zou je zo weer op willen zetten.

Maar dan moeten de echte meesterwerken nog komen. Help! laat in de nieuwe versie pas goed horen hoe wonderschoon Lennons You’ve Got To Hide Away klinkt zonder die stereo-effecten van weleer. En Rubber Soul (1965) klinkt krachtiger en voller dan op de hele dunne mix van 1987. Er is ruimte voor alle details omdat de cd’s ook niet zo hard zijn opgenomen, een euvel waaraan tegenwoordig het merendeel van de platen lijdt.

Revolver (1966) blijkt in de nieuwe versie net zo warm en diep te klinken als op de oude vinylplaat, maar iedereen die voor 200 euro de box aanschaft, zou toch ook de monoversie er even bij moeten kunnen horen. Taxman heeft in mono een hardere beat, en de strijkers in de monomix van Eleanor Rigby klinken zo mogelijk nog fraaier dan in de stereoversie.

Waarmee we aangekomen zijn bij het grote dilemma waarvoor EMI de consument zet. Welke box moet je kopen? De stereo- of de monobox. Hoe fraai de nieuwe stereomasters ook zijn, de oudste opnamen als Money en Twist And Shout klinken mono harder en onontkoombaarder dan stereo. En wat is eigenlijk de versie van She’s Leaving Home zoals The Beatles hem bedoeld hadden: de stereoversie zoals we die kennen van de eerdere cd of de iets snellere versie op Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band in mono?

Waarom EMI er niet voor gekozen heeft om de nieuwe stereoversie van ieder album te laten volgen door de monoversie, zoals bij veel heruitgaven van jarenzestigrock gebruikelijk is, laat zich raden. Ze gokken erop dat de echte Beatlesfan naast de grote zwarte stereodoos ook in de buidel tast voor de monobox. De nieuwe masters in stereo kosten 200 euro maar de platen zijn ook los verkrijgbaar voor zo’n 20 euro. De monobox bevat minder muziek (Abbey Road, Let It Be en Yellow Submarine verschenen destijds alleen in stereo), ook de tamelijk overbodige ‘mini-documentaires’ van zo’n vier minuten bij ieder album ontbreken hier, maar de box kost vreemd genoeg veel meer (ca. 250 euro). Hiervan zijn de schijfjes bovendien niet los verkrijgbaar. Dat je voor veel minder muziek meer moet betalen is niet uit te leggen, en dat doet toch wat af aan de feestvreugde.

Mooi project dit The Beatles Remastered maar om nu 450 euro te moeten neertellen voor de complete set muziek waaraan EMI al 40 jaar grof geld verdiend heeft, is eigenlijk bespottelijk. Het is dit soort arrogantie dat de platenindustrie altijd zo’n slecht imago heeft bezorgd. In veertig jaar heeft EMI wat dat betreft niks geleerd.

The Beatles in 1964 (AP)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.