ColumnMerlijn Kerkhof

‘Testen voor toegang’ moet geen blijvertje worden

null Beeld

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, ­muziek, theater of beeldende kunst.

Tot zaterdag had ik de coronatests kunnen ontlopen. Die horrorverhalen over lekgeprikte schedels waarin een halve doos wattenstaafjes was blijven steken: ik had ze openlijk afgedaan als aanstellerij, maar stiekem hield ik er rekening mee dat die klagers toch eens gelijk zouden kunnen hebben, en dat de nasale penetratie inderdaad erger zou zijn dan die keer dat twee kaakchirurgen met heel hun gewicht mijn verstandskies eruit probeerden te wrikken (gelukt).

Zaterdag moest ik er toch aan geloven. Bij een aantal evenementen was onder de noemer ‘Testen voor toegang’ publiek toegestaan, mits dat publiek per app, ik vermoed om boomers af te schrikken, een negatieve coronatest kon overleggen. Die test kon worden afgenomen bij een handjevol locaties van één testorganisatie, Lead Healthcare. Een openbare aanbesteding werd niet nodig geacht. O ja: dit hele testproject kost, als het inderdaad nog maanden door loopt, het Nederlandse volk 1,1 miljard euro. Ter vergelijking: toen het eerste kabinet-Rutte bezuinigde op cultuur, werd er 200 miljoen van de cultuurbegroting van 900 miljoen afgesnoept, wat het einde van tal van culturele instellingen betekende.

Afijn.

Ook het Zondagochtendconcert in het Concertgebouw in Amsterdam deed mee aan de pilot. Sergej Chatsjatrjan zou soleren in het Vioolconcert van Brahms. Geweldige violist, daar moest wel een recensie van komen. Na een kaartje te hebben geregeld, meldde ik me aan op de site testenvoortoegang.nl, waar ik een afspraak maakte voor een test.

Zaterdagmiddag werd ik verwacht in een soort crystal meth-lab in Maarssen aan het Amsterdam-Rijnkanaal. Het was een half uur fietsen, dus ook een half uur terug. Zou ik tien minuten binnen zijn, dan kostte deze onderneming me dus ongeveer evenveel tijd als het pauzeloze concert.

Het zweet stond me op mijn voorhoofd toen ik werd doorverwezen naar een hokje, waar ik plaats mocht nemen bij een blonde vrouw achter zo’n doorschijnend plastic masker. Ik hield mezelf voor dat ik toch een grote neus had en dat het dus wel mee zou vallen. Ze haalde een soort tie-wrap tevoorschijn, zei dat het ‘niet prettig’ zou voelen, tien seconden zou duren en – tsjak! – daar ging-ie.

Ze begon pas met aftellen toen hij er al vijf seconden in zat. ‘Is het wel voor iets leuks?’, vroeg ze terwijl ze een draaibeweging maakte. Een traan rolde vanaf de bovenkant van mijn oogbol naar beneden en ik dacht: hoe dan?

21 minuten nadat ik het hokje verliet, kreeg ik de uitslag: negatief. Voor de zekerheid hadden ze er een smiley bijgezet.

Het enige snelle aan deze sneltest, was de uitslag zelf. De vraag is of de drempels die met zulke tests worden opgeworpen – tijd, fysiek ongemak –, niet te groot zijn. Ik vrees van wel. Hoeveel mensen zouden bereid zijn dit wekelijks te ondergaan? Dit experiment komt gewoon te laat. De cultuurmensen die voor deze test-events hebben gelobbyd, hebben zichzelf in de voet geschoten als deze routine een voorwaarde voor concertbezoek blijft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden