Tenen zijn de kogellagers van het lichaam

Omdat je in de zomer bovengemiddeld wordt geconfronteerd met andermans lichamelijkheid, zijn we benieuwd wat de kunsten erover te vertellen hebben. Aflevering 4: de teen.

Rembrandt, De anatomische les van Dr Deyman (detail), 1656, Amsterdam Museum. Beeld Amsterdam Museum
Rembrandt, De anatomische les van Dr Deyman (detail), 1656, Amsterdam Museum.Beeld Amsterdam Museum

Het begint er al mee dat ik 'm vrij moeilijk kan accepteren zoals- ie is. Bobbeltjes: liever niet. Platte nagels: iew. Eelt: gadver, laat staan als daar ook nog barsten in zitten. Naar handen kan ik met droge ogen kijken, voor een oor draai ik mijn hoofd niet weg (mits schoon), in een wenkbrauw kan ik me werkelijk verliezen en zelfs de meeste navels gaan ongefilterd het gezichtsveld in. Maar de teen, de teen heeft een dingetje. Tenen en ik, ze willen niet samen, en toch móét ik ze bekijken wanneer blootgesteld door iemand op straat. Waarop ongewild een herwaardering van het geheel volgt, in een fractie van een seconde. Om daarna weer te denken, doe normaal, iederéén heeft tenen. En bijna niemand mooie.

Tenen zijn de kogellagers van het lichaam. Onzichtbaar en vaak smerig, essentieel om de boel draaiende te houden, en als ze verslijten staat alles stil. Het ondankbaarste stukje lijf, voor velen te ver van het oog om goed te verzorgen: hoe zouden we met ze omgaan als ze uit onze nek staken?

Ook voor de kunstenaar zijn tenen nogal ondankbaar, zou je denken. Veel werk, weinig eer. Zelden hoofdonderwerp, maar schilder ze maar eens verkeerd; dan is meteen de hele compositie verstoord. De identiteit van de kunstenaar komt het betrouwbaarst tot uiting in de minst nadrukkelijke details, vond de 19de-eeuwse arts en kunsthistoricus Giovanni Morelli, en dus begon hij tenen te tellen. En oren, en handen, trouwens. Morelli deed anderhalve eeuw voordat computers met algoritmes de stijl van een kunstenaar in kaart konden brengen door details te vergelijken - zoals nu wordt gedaan in het Bosch Research Project - met zijn oog wat nu op grote schaal in veel disciplines gebeurt: datavisualisatie en data-analyse. Hij zette gewoon alle oren van een kunstenaar bij elkaar en zag zo welke afweken, en dus niet authentiek konden zijn. Hij keek neer op ieder die een oordeel velde zonder zelf met z'n neus voor een kunstwerk te hebben gestaan. De beroemde Morelli-methode verhief het onopgemerkte detail tot het hoogste, de echte handtekening van de meester. Want, vond hij, in het detail schuilt de essentie en de betekenis van de kunst. Mijn man, Morelli.

Ina van Zyl, Marshmallows, 2001. Beeld Peter Cox, Courtesy Galerie Onrust
Ina van Zyl, Marshmallows, 2001.Beeld Peter Cox, Courtesy Galerie Onrust

Dus kom maar door heilige Johannes de Evangelist met je hallux valgus (knobbelvoet) en platte teennagels - zonder die strakke contourlijnen waren we nooit helemaal zeker geweest dat Sandro Botticelli je schilderde. Doordat Johannes' bobbelige voet op een stenen plateau staat, lijkt het ook of de apostel onze ruimte in stapt. Ineens geniet ik van Dürers apostelvoet - tenenonderkanten, en ik stel me voor dat ook hij ervan heeft genoten ze te tekenen. De teentjes van de arme jongen in Sevilla van Bartolomé Esteban Murillo, vuil, droog en toch mooi, een detail dat een heel oeuvre karakteriseert: deze kunstenaar schilderde de armen met waardigheid. Zelfs de dode voet van Rembrandt fascineert. Per ongeluk hoofdonderwerp geworden, want de meeste artsen uit deze anatomische les gingen verloren bij een brand in 1723 en het lijk bleef over. De voet wordt bijna in ons gezicht geduwd door het perspectief, maar wat een tenen. Zwart en grijswit uitgeslagen, een fractie voor de ontbinding begint, je voelt haast de kou. Het contrast met de onbedorven zachte babyvoetjes van Christus, die vooral Jacopo Pontormo zo goed kon schilderen dat je ze wilt vastpakken, kan niet groter.

Jacopo Pontormo, Maria en Kind en Johannes de Doper (detail), 1529-30. Beeld Galeria Degli Uffizi, Florence
Jacopo Pontormo, Maria en Kind en Johannes de Doper (detail), 1529-30.Beeld Galeria Degli Uffizi, Florence

Er is één kunstenaar die als geen ander onopgemerkte details tot hoofdonderwerp kan maken en een wonderschone, hyperrealistische vorm geeft, en dat is Ina van Zyl. In een interview las ik dat ze als kind iets dwangmatigs had met voeten, ze moest ernaar kijken. Een zielsverwant. Ze schildert elegante zwarte tenen met lichtroze nagels; tenen die aandacht en liefde kregen. Of de zachte kussens van de onderkant van vreemdvormige tenen, zo gekaderd dat ze losgeweekt van het lichaam een indrukwekkend gezag over je blik hebben. Alsof de tenen wraak nemen op al die jaren van wel aanwezig zijn in de kunst, maar niet gezien worden. Ina van Zyl verwerkt in elk schilderij kleuren die je er pas na een tijdje in ontdekt en zo ook hier; blauw, mosterdgeel, groen, roze, rood. Marshmallows, noemde ze het schilderij. Een zoet eerherstel.

Ina van Zyl, Big Toes, 2005. Beeld Tom Haartsen, Courtesy Galerie Onrust
Ina van Zyl, Big Toes, 2005.Beeld Tom Haartsen, Courtesy Galerie Onrust
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden