Tekst, beeld, licht: alles afzonderlijk te genieten

Tot vlak voor het einde van de nieuwe voorstelling van Heiner Goebbels vertrekken toeschouwers met slaande deuren.

In tegenstelling tot wat de kranten wel schreven, was het dus niet zo dat de boventiteling op een gegeven moment wegviel. Heiner Goebbels (1952) zegt het maar even van tevoren: het laatste deel van zijn voorstelling I Went To The House But Did Not Enter moet je tot je nemen, juist zonder mee te lezen. Het betreft een tekst van Samuel Beckett, en die laat zich in vertolking van het befaamde Britse Hilliard Ensemble ervaren als iets dat je in het onderbewuste raakt en dat je daar ook z’n weg moet laten vinden, zonder te willen ingrijpen.

De Duitse theatermaker/componist geeft een korte inleiding in een benedenzaaltje van het Theater an der Wien, waar zijn ‘Stage Concert in Three Tableaux’ tijdens de Wiener Festwochen drie dagen wordt getoond; daarna zal het (onder meer) te zien zijn in het Holland Festival.

Minzaam legt hij uit hoe hij aan de hand van drie teksten – van T.S. Eliot, Maurice Blanchot en Beckett (plus een kort ‘scherzo’ van Franz Kafka) – deze voorstelling maakte: hoe hij ensceneerde, componeerde, steeds in samenspraak met zijn vaste ploeg medewerkers en nu dus met de vier mannen van het Hilliard, beroemd om hun interpretaties van oude muziek maar nog niet eerder op deze manier op het toneel te zien.

Even later gaat in de Weense bonbonnière het doek op, om zo’n anderhalf uur later weer neer te gaan voor een behoorlijk uitgedund aantal toeschouwers. Tot tien minuten voor het eind vertrekken er mensen, sommigen met slaande deuren.

Goebbels was verrast en ook een beetje gekrenkt, zo zegt hij de volgende dag tijdens een gesprek in het gebouw van de Österreichischer Rundfunk waar hij die morgen aan de lopende band interviews geeft. Hij peinst. Misschien had het beter als theatervoorstelling dan als ‘Szenisches Konzert’ kunnen worden aangekondigd – het Weense muziekpubliek staat mogelijk minder open voor een onorthodoxe muziektheaterproductie als deze, waar theatermensen die wel kunnen appreciëren.

Zou kunnen, hoewel het Hilliard zich in de loop der jaren ook heeft toegelegd op hedendaags repertoire, en de composities van Goebbels niet schokkend of hermetisch te noemen zijn.

Wel is het zo dat I Went To The House veel aan de eigen interpretatie van de toeschouwer overlaat, en dat is precies wat Goebbels wil; in die zin gaat hij door op het pad dat hij insloeg met onder meer zijn Stifters Dinge, een eigenzinnige muziektheaterinstallatie zonder personages. Het publiek kon zich laten leiden door individuele associaties. Eindelijk niemand die je vertelt wat je moet denken – zo luidden de positieve reacties.

Met I Went To The House wil hij, opnieuw, mensen laten kijken en luisteren zonder iets te willen opleggen: voor ieder individu mag het anders zijn. De teksten, de fraaie scènebeelden, het licht, de composities en de stemmen van de mannen, al die elementen zijn afzonderlijk te genieten, zonder dat het geheel een gesamtkunstwerk wil zijn – al zijn er in de werken van Eliot (The Love Song of J. Alfred Prufrock), Blanchot (La folie du jour), Beckett (Worstward Ho) en ook in Kafka’s korte Der Ausflug ins Gebirge gemeenschappelijke thema’s als vergankelijkheid, vergeefsheid en eenzaamheid te ontwaren.

‘Ik had ze al een jaar of tien op m’n bureau liggen, maar ik zag steeds geen kans ze te gebruiken’, zegt Goebbels. Totdat het Hilliard Ensemble bij hem aanklopte met een opdracht. Aanvankelijk wilde het vocale gezelschap een stuk van een minuut of twintig bij hem bestellen – iets waarmee ze zich konden presenteren aan het publiek, ‘iets promotie-achtigs’.

Het liep anders; het plan evolueerde in een hechte samenwerking met als resultaat een countertenor, twee tenoren en een bariton die hun zangkunst aanwenden in een meditatief geheel – en die ook spelen.

Vier mannen in donkere regenjassen die – uiterst precies – een huiskamer ontmantelen en weer aankleden, vier figuren die in verschillende kamers van een huis een verhaal proberen te reconstrueren, vier facetten van eenzelfde persoonlijkheid die ronddoolt in een hotelkamer waar Becketts tekst als een mantra weerklinkt – Goebbels’ lievelingsdeel.

De theatermaker zegt zich niet uit het veld te laten slaan door de ontvangst in de Festwochen van intendant Luc Bondy. Hij stapt straks op het vliegtuig en richt de blik op het Holland Festival.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden