ReportageFilmfestival Venetië

Tegen de achtergrond van oorlog en conflict filmt gelauwerd documentairemaker Gianfranco Rosi het leven

Regisseur Gianfranco Rosi ( 56 ) is de enige documentairemaker op het filmfestival van Venetië die meedingt in de hoofdcompetitie. Zijn nieuwe film Notturno maakte hij in de betwiste grensgebieden van Libanon, Syrië en Irak: oorlog op de achtergrond, leven op de voorgrond.   

Gianfranco Rosi op het filmfestival van Venetië.Beeld Corbis via Getty Images

‘Als hier nu iets gebeurt’, zegt Gianfranco Rosi, gebarend naar de perszaal van het festivalpaleis op het Lido-eiland, ‘heb je helemaal niets aan mij als filmmaker. Ik zou niet wéten hoe ik het vast moet leggen.’

De 56-jarige, in Eritrea geboren cineast, met Italiaans en Amerikaans paspoort, filmt zijn documentaires zelf, met een forse camera. ‘Ik ben een reporter van niks. Ik moet eerst lang nadenken over de juiste afstand waarop ik iets film.’ Met zijn nieuwe film Notturno is hij dit jaar de enige documentairemaker in de hoofdcompetitie, die achttien films telt. Maar daar kijkt niemand van op. Rosi won hier in Venetië al eens  de Gouden Leeuw, die hij kreeg uitgereikt door juryvoorzitter Bernardo Bertolucci, voor zijn portret van omwonenden van de Romeinse ringweg, Sacro GRA. En vervolgens won hij in Berlijn de Gouden Beer voor Fuocoammare. Die film, over de bewoners van het door uit Afrika gevluchte schipbreukelingen overspoelde eilandje Lampedusa, werd tevens genomineerd voor een Oscar. Verbluffend fraai gefilmde vlechtwerken van miniverhalen zijn dat, die gaandeweg de film samenkomen: iets onthullen over de toestand van de mens, die zich al of niet handhaaft in een vaak donkere wereld. Niet bekroond met zo’n festivalhoofdprijs, maar even indringend, is zijn portret van een uitgebluste doch trotse Mexicaanse kartelmoordenaar, El Sicario, Room 164.

Zijn nieuwe documentaire Notturno (‘nachtelijk’) is in een periode van drie jaar gefilmd, langs de door strijdende partijen betwiste grensgebieden van Libanon, Syrië en Irak, en is impressionistischer dan zijn eerdere werk. ‘Vooraf probeerde ik me te verdiepen in de oorlogen en onderlinge conflicten van de bevolkingsgroepen. Maar ik kwam er niet uit. Ik dacht: het komt wel zodra ik er ben. Maar na die drie jaar filmen begreep ik er eigenlijk nog minder van. Voor mijn film was het ook niet nodig: die gaat over het alledaagse leven van de mensen, te midden van de destructie.’

Dat die landsgrenzen ooit getrokken zijn door westerse machten, na de Eerste Wereldoorlog, zonder rekening te houden met de culturen en etniciteiten van de plaatselijke bewoners, wordt voorafgaand aan zijn film in tekst in beeld gebracht. ‘Zo ontkiemde een ramp: decennia van corrupte regimes en buitenlandse bemoeienis.’

Rosi blijft weg van het front en brengt geweld nooit rechtstreeks in beeld, maar haalt de oorlogsdreiging steeds weer zijn film binnen. Soldaten die op hun wachtpost over de vlakte turen; de vijand is nog niet in zicht, maar wordt al wel verwacht. Of de eenzame eendenjager in z’n kano, peddelend door het riet in een juweel van een nacht, betoverend fraai uitgelicht door het schijnsel van vlammende olietorens, en muzikaal begeleid door het nachtelijke orkest van rivierfauna, dat een samenspel vormt met de salvo’s van vuurgevechten in de verte. Alsof dat doffe geratel ook bij dit landschap hoort, ermee samenvalt. 

Notturno is bij uitstek een documentaire voor vertoning op een zo groot mogelijk doek, met een geluidsontwerp dat de kijker omringt. Vol beelden die je ook zo aan de muur zou kunnen hangen, als je het filmbeeld bevriest. ‘Het maakt me ook niet uit of de kijker op zekere momenten in mijn film weet: o, nu zijn we hier, nu weer daar. Dat je weet: o dit is Syrië, en dat Irak. Nee, de mensen vormen de link tussen de beelden, niet de geografisch getrokken grens.’

Notturno

Notturno opent met groepen dravende soldaten bij een kazerne, die om de zoveel seconden opduiken vanachter de camera. ‘Je hoort de laarzen en die vechtkreten die ze slaken. En dan verdwijnt het geluid weer, tot de volgende groep voorbijrent. Ik kon ze niet zien aankomen, terwijl ik draaide. Maar wel voelen.’

‘Is het een metafoor?’ vraagt een Italiaanse journalist in de zaal, met de nodige gesticulatie. Rosi knikt. ‘Dit is ook wat daar gebeurt. Er is oorlog, dan een beetje vrede, al is de echo van de voorbije oorlog er nog wel. En dan gebeurt er steeds weer iets waardoor het conflict oplaait.’

Een van de producenten van Notturno is Orwa Nyrabia, huidig artistiek directeur van Idfa. ‘Het laatste staartje van mijn eerdere producentenbestaan’, zei de Syriër er eerder over tegen de Volkskrant. ‘Een eer, want Rosi behoort tot de groten.’

Rosi prijst zijn producent uitvoerig, als hij zijn film na de eerste vertoningen voor de pers toelicht. ‘Dan belde ik Orwa op met vragen: kan ik dit zo wel doen? Ik wilde per se voorkomen dat mijn film verstrikt zou raken in een soort ideologische benadering.’

Nyrabia, tegen de goeddeels Italiaanse filmpers: ‘Gianfranco kwam niet naar de regio om middels zijn film uit te leggen, of te decoderen, wat voor ons – de mensen uit die streken – soms ook niet te bevatten is. Dat hij zich zo opstelde als filmmaker, is iets uitzonderlijks.’

Notturno

Gianfranco Rosi op Idfa

Notturno gaat in november in première op de aanstaande editie van International Documentary Festival Amsterdam, waar Gianfranco Rosi dit jaar hoofdgast is. Hij geeft een masterclass in Amsterdam en programmeert een top-10 van zijn favoriete documentaires. Ook het eerdere werk van de cineast wordt op het festival vertoond.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden