Tedere liedjes en keihard provoceren

Hij begon als reli-zanger, maar richtte al snel zijn pijlen op de ‘gristenen’. Woensdag overleed Robert Long (1943-2006)...

Patrick van den Hanenberg

Robert Long was de burgermansschrik van de jaren zeventig. Hij etaleerde zich als homo, in een tijd dat artiesten als Wim Sonneveld en André van Duin op het podium nog consequent poppenkast speelden. En vooral: hij schopte tegen alles wat kerkelijk en ‘gristelijk’ was.

Op de plaat waarmee hij doorbrak, Vroeger of Later, uit 1974, valt hij de katholieke kerk aan met een felheid die in het cabaret ongewoon was: ‘En seks blijft steeds de antichrist/ Hij die door zijn orgaan slechts pist/ heeft steeds voor duizenden beslist.’ (uit Jezus redt). Ook over homo’s zingt hij daar, op een manier die de burgerman diens hypocrisie en angst moest laten voelen. ‘Keer nooit je rug toe aan een homo, want dan zit-ie aan je kont.’

Het zijn thema’s waar Long de rest van zijn carrière op zal terugkomen tot in het cynische Jezus redt nog altijd op de cd ’n Duivels genoegen die deze zomer verscheen. Die cd kwam in de plaats van een gelijknamig theaterprogramma, dat Robert Long vorig seizoen moest afzeggen na een hartinfarct. Dit seizoen stond toch een kleine tournee gepland met het close harmony swing-soul-blues-Deep River Quartet, maar enkele weken geleden werd Long in het ziekenhuis opgenomen met ongeneeslijke vorm van buikvlieskanker, waaraan hij woensdagavond in Amsterdam is overleden.

Robert Long (echte naam Bob Leverman) had eind jaren zestig met zijn band Gloria hits met reli-popliedjes als The Last Seven Days en Our Father. Hij verklaarde dat later in interviews met het argument dat het hem alleen ging om vakmatig goede liedjes. Maar het succes van Gloria, en het glamourleven dat daarbij hoorde, ging hem tegenstaan. Op zijn 30ste zei hij de pop vaarwel, en ging verder als zanger van Nederlandstalige liedjes, waarbij hij de muziek van ondergeschikt belang achtte aan de teksten.

Zonder veel publiciteit kwam in 1974 de lp Vroeger of Later uit. Er werden meer dan 500 duizend exemplaren van verkocht; de plaat stond 118 weken in de hitparade. Naast de tedere liefdesliedjes had Long een aantal keiharde, oergeestige nummers over hypocrisie en angst geschreven. Op zijn tweede lp Levenslang zong hij op een vanzelfsprekende en expliciete manier over homo- en biseksualiteit.

Voor interviews liet hij zich fotograferen met zijn vriend, wat in die tijd niet vanzelfsprekend was. ‘Journalisten vragen altijd of ik getrouwd ben’, zei hij in 1974 in De Tijd. ‘Nee, zeg ik dan, ik woon hier samen met een vriend. Pijnlijke, grote stilte. Verlegenheid. En natuurlijk meteen overschakelen op een ander onderwerp. Zo van: wat hebt u hier toch veel planten.’

Toch liet Long zich niet claimen door de homobeweging. Hij was bewust geen lid van het COC. ‘Als ik alleen al wat tegenwicht zou kunnen bieden tegen de EO-terreur ten opzichte van homofielen, dan is dat al meegenomen. Dan heeft het al zin gehad’, zei hij, ook in 1974, tegen de Telegraaf.

De Evangelische Omroep was, als vertegenwoordiger van het strenge christendom, vaker Longs mikpunt. Met Leen Jongewaard maakte hij drie programma’s, waarbij christelijk Nederland het moest ontgelden. Het duo doorbrak de gezapigheid en het risicoloze amusement, die eind jaren zeventig het cabaret waren binnengeslopen. Vooral Tot hiertoe heeft de Heere ons geholpen (1981) bracht veel mannenbroeders in het geweer. Long beweerde dat God geen lid van de EO wil zijn, omdat deze omroep grossierde in ‘goddeloos gelul en liefdeloos venijn’. Een officiële klacht van een dominee bij de Amsterdamse Officier van Justitie werd ongegrond verklaard. Ten onrechte werd Longs onkerkelijkheid met atheïsme verward. Maar zijn God was niet zo’n ‘narrige lul die je slechte punten geeft en die bij –100 je rijbewijs afneemt’.

In 1988 schortte de EO de samenwerking aan een programma op de radio rond de Olympische Spelen in Calgary op omdat er het lied Country Music was gedraaid, waarin Long zijn weerzin uitte tegen het EO programma Country-trail.

Robert Long bleef zijn hele leven provoceren. In 2000, als ambassadeur van de Stichting Varkens in Nood, noemde hij varkens de joden van de vleesindustrie, hij vergeleek varkensboeren met kampbeulen en minister Brinkhorst van Landbouw met Goebbels. De Land- en Tuinbouworganisatie Nederland (LTO) spant een kort geding tegen hem aan, dat Long wint.

Het was hem te doen om de aandacht. ‘Ik doe weinig onbewust’, zei hij toen. Met bezoekjes aan verantwoorde bio-boerderijen zou hij niet de aandacht van de media trekken. ‘Die komen pas als je roept dat je je moeder gaat neuken.’

Behalve zijn theaterprogramma’s, waarin hij onder meer samenwerkt met Jenny Arean en Dimitri Frenkel Frank, en zo’n twintig albums na Vroeger of Later, presenteerde Robert Long vanaf 1989 jaren het tv-programma 10 voor taal. Hij schreef liedjes voor Kinderen voor Kinderen en Jenny Arean, vulde van 1986 tot 1993 een column in het Algemeen Dagblad, volgde zijn muzikale liefde met smaakvolle cd’s met werk van Gershwin en Jules de Corte, en debuteerde in 1988 met de autobiografische roman Wat wil je nou.

Hoewel zijn latere theaterwerk de felheid van zijn vroegere shows miste, leek het afgelaste ’n Duivels Genoegen een sterk programma te worden. Op de cd met liedjes uit dat programma is vooral Hè gezellig, een humoristisch-zwartgallige beschrijving van een verjaardagsfeest vol gezondheidsgeklaag, ouderwets goed.

\N (ANP) Beeld
\N (ANP)

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden