Komedie

Taking Woodstock

Nieuw hoogtepunt in het oeuvre van Lee

In de openingsbeelden van Taking Woodstock zoomt de camera in op velden vol paarse bloemetjes en zacht zoemende bijtjes. Langs een tweebaansweg staat een vervallen motel, met een zwembad zonder water erin. Uit de radio schalt het nieuws over de voorbereidingen op de vlucht naar de maan, en over het aantal Amerikaanse slachtoffers in Vietnam - het laagste in tijden.


‘Dan gaat u toch weg!’ bast een krasse oma tegen een verbouwereerde klant, die verhaal is komen halen omdat hij het motel die betiteling onwaardig acht. Geld terug kan hij ook vergeten. Met een woest gebaar wijst ze de arme klant op het bordje achter de balie: no refunds.



Het is nauwelijks voorstelbaar, maar een paar weken later zal het onooglijke El Monaco Resort in het gat Bethel, New York een ware metamorfose hebben ondergaan. Op instigatie van Elliot, de ondernemende zoon des huizes. De jongeman, een gefnuikte schilder en interieurontwerper, is de voorzitter van de plaatselijke ondernemersvereniging, en heeft zichzelf tijdens een vergadering met een handvol middenstanders een vergunning verkocht om zijn jaarlijkse kunst- en muziekfestival te organiseren. Voor 1 dollar.



Als hij kort daarop verneemt dat de organisatoren van het popfestival in het nabij gelegen Wallkill problemen hebben met hún vergunning, ziet Elliot mogelijkheden om geld bijeen te sprokkelen voor een doorstart van het motel. De rest is zoals dat heet geschiedenis: er streken meer dan 400 duizend hippies neer in Bethel, voor drie dagen ‘peace and music’.



Taking Woodstock, gebaseerd op de memoires van Elliot Tiber, is het zoveelste hoogtepunt in het toch al zo rijke oeuvre van de Taiwanees-Amerikaanse alleskunner Ang Lee. Het is anders dan de titel misschien doet vermoeden, geen muziekfilm en ook geen film over Woodstock, maar een coming of age-verhaal tegen de achtergrond van het mythische popfestival. Een lulletje rozenwater komt tot wasdom. Elliot tongzoent met een breedgeschouderde steigerbouwer, beleeft in een Volkswagenbusje een trip met een prachtig hippie-koppel, breekt met zijn dominante moeder en trekt de wijde wereld in.



De acteurs maken kunststukjes van hun rollen, met name de veteranen Imelda Staunton en Henry Goodman als Elliots Joods-Russische ouders en Liev Schreiber als de transseksueel Vilma. De beeldtaal, ontleend aan Michael Wadleigh’ legendarische documentaire Woodstock, met veel split screen, is rijk.



Doden vallen er niet in Lee’s fijne verbeelding van de tijdgeest. Iedereen is blij en gelukkig, en een uur nadat hij zijn eerste zegeltje lsd heeft genomen, legt de brave Elliot alweer een dekentje over zijn oude vader en moeder die ieder vier space-brownies hebben verorberd. Lee volstaat met een subtiele hint naar het ‘Woodstock van het westen’, het concert van onder meer the Rolling Stones in Altamont, Californië, waarbij niet veel later vier doden vielen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden