Recensie Film

Takara dwingt je – subtiel – om weer even zes jaar te zijn (drie sterren)

In hun dialoogloze film laten Igarashi en Manivel ons gissen naar de beweegredenen van hun hoofdpersonage. Na afloop van dit kleinood vraag je je af: is Takara die ochtend wel echt ontwaakt, of was het een allemaal een droom?

Takara - La nuit où j’ai nagé Foto filmstill

Drama

Takara – La nuit où j’ai nagé 
Regie Kohei Igarashi en Damien Manivel.
Met Takara Kogawa, Keiki Kogawa, Chisato Kogawa,

78 min., in 4 zalen.

Takara, een Japans jongetje van een jaar of zes, wordt wakker terwijl de rest van het huis nog slaapt. Zijn vader is zoals gewoonlijk al naar zijn werk, op de vismarkt. Het is hartje winter, buiten sneeuwt het. Slapen lukt niet meer. Takara stommelt wat rond, staart uit het raam, tekent een beetje. Onderwaterdieren: een octopus, een schildpad, een vis. Na afloop van dit 78 minuten durende kleinood vraag je je af: is Takara die ochtend wel echt ontwaakt of ontvouwde deze Japans-Franse coproductie zich vanaf die eerste scène als een lichtjes bevreemdende, lieve droom?

In Takara  La nuit où j’ai nagé, te zien in een handjevol bioscopen als onderdeel van het Previously Unreleased-programma van het Amsterdamse filmmuseum Eye, zet het jonge hoofdpersonage de dag vervolgens lekker naar zijn eigen hand. Hij dwaalt af van het dagelijkse pad naar school, eet een onder de sneeuw verstopte sinaasappel op en beweegt zich met schattige, klungelige zwaaiarmpjes over de spekgladde ondergrond. Hij neemt een boemeltreintje, de camera blijft even hangen bij de medepassagiers, hij valt om tijdens het gooien van een sneeuwbal. Zo kabbelt Takara aangenaam verder, als kersvers zelfbewust zwerfkind.

Een spontaan bezoekje aan zijn vader is het doel van de reis, wellicht, al laten regisseurs Kohei Igarashi en Damien Manivel je in hun dialoogloze film gelukkig gissen naar de precieze beweegredenen van hun hoofdpersonage – als Het Zakmes zonder zakmes. Het verder opmerkelijk ongedramatiseerde verhaaltje krijgt gaandeweg zelfs iets meditatiefs, terwijl je toch ruim een uur kijkt naar een kind dat ogenschijnlijk doelloos wegloopt van huis.

Daarin ligt de bescheiden kracht van Takara - La nuit où j’ai nagé. Waar andere films de spanning zouden opdrijven met plotlijnen vol ongeruste volwassenen en grootschalige zoektochten, daar blijft hier alles tot het eind in de relatief zorgeloze en nieuwsgierige bubbel van een 6-jarige. Mooi: zo dwingt Takara je – subtiel – ook weer even 6 te zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.