Voorpublicatie Taal voor de leuk

‘Taal voor de leuk’ is het derde boek dat Paulien Cornelisse schreef over taal: ‘Maar ik begrijp er nog steeds niks van’

Paulien Cornelisse schreef een boek over taal - haar derde inmiddels. Hier leidt ze ‘Taal voor de leuk’ in. 

Beeld Paulien Cornelisse

Taal voor de leuk? Taal voor de leuk? Welke leuk? Wiens leuk? Hoezo ‘leuk’?

 Tja, taal is toch vooral leuk. Vind ik. Maar dat wil niet zeggen dat taal ook altijd makkelijk is. Taal is meestal moeilijk en onbegrijpelijk en raar, en het is een wonder dat we elkaar zo vaak begrijpen.

Dit is mijn derde boek over taal, en nog steeds kan ik denken: taal, argh! Begreep ik er maar wat van.

Ik heb dagelijks gesprekken met mensen. En ik red me heus wel. Maar als ik over zo’n gesprek nadenk, ontdek ik meestal dat ik de helft niet begrijp. Dat gaat over kleine dingen, waar je ook makkelijk overheen zou kunnen denken, maar dat doe ik nu eenmaal liever niet.

Laatst. Ik zat al vroeg in een cafeetje en bestelde koffie. De ober noteerde dat en zei: ‘Komt u ook een hapje ontbijten?’

Dat ‘hapje ontbijten’ vond ik dus ineens heel gek klinken. Zeiden mensen dat tegenwoordig? Had ik iets gemist? Of drukte deze ober zich expres creatief uit, daarmee uitstralende dat hij meer was dan alleen een ober? Was hij ’s ochtends opgestaan en had hij gedacht: ik ga mezelf nóóit meer bedienen van dat pinnige obercliché ‘Dat was het?’. Was dit voor hem een nieuw begin?

Of misschien was het volstrekt normaal om ‘een hapje ontbijten’ te zeggen, en vond ík het alleen maar gek klinken. Hoe kwam dat? Door mijn slaapgebrek? 

Wat ingewikkeld. Een ober denkt iets, daar moet hij woorden aan geven, die woorden moet ik opvangen, en mijn hersenen moeten daar weer een betekenis aan geven. Op elk punt kan het fout gaan. Met elkaar praten is bijzonder omslachtig.

‘Nee’, zei ik, ‘ik kom geen hapje ontbijten.’

‘Prima’, zei de ober.

Het onmogelijke was voor de zoveelste keer gelukt: een geslaagd gesprekje was gevoerd.

Fout

Soms gaat het fout. Een tijdje geleden maakte ik een praatje met een vrouw die had ontdekt dat we in dezelfde buurt woonden. ‘Ik zie je anders nooit!’, zei ze. Het klonk beschuldigend. Wat moest ik daarop zeggen? ‘Sorry, ik zal mijn best doen meer in de buurt rond te lopen?’ Ik was daar niet ad rem genoeg voor en zei op veel te nederige toon: ‘Ik woon hier toch al best lang.’ Jaja, dat zal wel, zag ik haar denken. Dacht ze dat ook echt? Dat weet je dus niet. Dan ga je ‘invullen’, en dat mogen we niet meer sinds we op cursus zijn geweest.

Soms gaat het per ongeluk goed. Toen ik onlangs een nogal schreeuwerige broek aanhad, merkte iemand lachend op: ‘Zo, lekker drukke broek!’ Ik was weer eens niet wakker genoeg om een goed antwoord te geven en besloot stoïcijns te doen alsof het een echt compliment was geweest. En dat bleek het toen, o wonder, ook echt te zijn. De complimentgever ging zelf ook zo’n broek kopen, zei hij.

Stel dat ik alerter was geweest, dan had ik misschien iets sarcastisch teruggezegd, en had ik hem gekwetst. Dan had hij nooit meer durven vragen waar ik die broek vandaan had. We waren langs een afgrond gescheerd. Geschoren? Gescheerd.

Omdat de taal zowel van de spreker als van de luisteraar is, gaat het de hele dag nét goed en bijna fout. Of bijna goed en nét fout.

Beeld Paulien Cornelisse

Uitdrukking

Tijdens het schrijven van dit boek kwam ik er bijvoorbeeld achter dat ik met enige regelmaat de uitdrukking ‘binnen ja en nee’ gebruik. Die uitdrukking blijkt vrijwel niemand te kennen, maar voor mij is ze even normaal als de uitdrukking ‘in een vloek en een zucht’. ‘Binnen ja en nee’ betekent ook ongeveer hetzelfde: heel snel. Het is googelbaar, dus het is niet iets wat alleen binnen mijn familie wordt gebruikt. Maar als je het googelt zie je wel dat het het meest marginale uitdrukkinkje op aarde is.

Daar was ik mij tot nu toe niet van bewust. Ik gebruik die uitdrukking al mijn hele leven, en ik moet dus voortdurend onbegrepen zijn geweest. Andersom gebeurt dat ook — allerlei mensen zeggen dingen die voor henzelf volstrekt duidelijk zijn, en voor mij niet. 

Dit boek is een collectie van stukken over alles wat ik heb geprobeerd te begrijpen. Proberen te begrijpen. Meer kun je niet doen, met taal. Dat klinkt wat fatalistisch, maar het is ook meteen de oplossing voor de meeste problemen die er tussen mensen bestaan. Echt waar! Stel, iemand vindt jou dom en oppervlakkig omdat je te vaak het woord ‘leuk’ gebruikt. Dan kun je zeggen: ‘O ja, wat interessant, bedankt voor het delen, maar ik bedoel met mijn ‘leuk’ iets veel diepzinnigers dan u in staat bent te begrijpen!’ Alstublieft, dank u wel.

Paulien Cornelisse. Beeld Els Zweerink

Avondje voor de leuk 

Vrijdag 2/11 wordt het nieuwe boek van Paulien Cornelisse gepresenteerd in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam (aanvang 20 uur). Gijs Groenteman interviewt haar, ze leest voor en er is onder meer een gastoptreden van de meestal onzichtbare JP van het ter ziele gegane tv-programma Lingo. Een deel van de toegangskaarten is gereserveerd voor Volkskrantabonnees. Zie volkskrant.nl/inclusief.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden