RecensieKieviet – Biografie van de schrijver van Dik Trom

Sympathieke biografie van de schepper van Dik Trom ★★★☆☆

Beeld Claudie de Cleen

Ton van der Lee schreef de biografie van zijn overgrootvader Johan Kieviet, de schepper van Dik Trom. Het levert een mooi, soms wat onhandig portret op van een bevlogen man.

Al bij zijn geboorte was Ton der Lee, schrijver en filmmaker, de gedoodverfde biograaf van Johan Kieviet, de schepper van de kinderboekenheld Dik Trom. Hij en zijn zusje, schrijft hij in zijn nawoord van de biografie Kieviet, deelden op verjaardagen geen snoep uit in de klas, maar boeken van Dik Trom.

Kieviet (1858-1931) was zijn overgrootvader. Die schreef ook tientallen andere boeken, zoals Fulco de Minstreel en Wilde Bob, maar de delen Dik Trom bleken eversellers. Thuis bij Van der Lee lagen hoge stapels; bij elke nieuwe druk kreeg zijn moeder, Kieviets kleindochter, tien exemplaren. Van der Lee (1956) schreef ruim dertig jaar na de dood van zijn overgrootvader zelf ook drie Dik Trom-boeken, over de achterkleinzoon van de oude Dik.

Ook wie nooit een Dik Trom heeft gelezen, kent hem, de stoute dorpsjongen met het gouden hart, altijd in voor een geintje. Hij is de lachende dikkerd die achterstevoren op een ezel zit, op de onvergetelijke tekening van Johan Braakensiek: ‘Het is een bijzonder kind, en dat is-ie!’ Zo staat Dik ook, in brons gegoten, vereeuwigd in Hoofddorp, de geboorteplaats van de schrijver. Van der Lee begon aan de biografie, schrijft hij, om de man die hij nooit had gekend nader te komen. Tijdens de research kwam Kieviet tot leven en kon hij zich beter in hem verplaatsen. Dat is voelbaar. Van der Lee schrijft met sympathie en empathie over de bevlogen schoolmeester die boeken wilde schrijven over echte, niet al te brave kinderen, boeken die die kinderen ook graag wilden lezen. Hij was daarmee zijn tijd vooruit.

Dik Trom op de ezel, tekening van Johan Braakensiek.Beeld Kinderboekenmuseum Het Schooltje van Dik Trom

Met kennis van zaken schetst Van der Lee een sfeervol tijdsbeeld. Hij beschrijft het knusse, eentonige leven in de Noord-Hollandse polder, waar Kieviet opgroeide en jarenlang woonde met zijn gezin, als hoofd van een dorpsschooltje. Later, als hoofd van een grotere school en als gevierd auteur, woonde hij in Wassenaar.

Aan bronvermelding doet Van der Lee niet. Hij schrijft dat hij inzage had ‘in allerlei oude papieren’, maar hij zegt niet welke. Dat is jammer. Een uitputtend notenapparaat is onnodig, maar nu vraag je je vaak af: hoe weet hij dat?

Johan Kievit was de zoon van een timmerman. Hij mocht ‘doorleren’ en werd een gelukkige onderwijzer en later bovenmeester. Het zat hem enorm mee én tegen. Hij trouwde met zijn grote liefde Gesina, die meteen zwanger werd. Toen begon het drama: Gesina kreeg zes doodgeboren kinderen, één kind dat kort bleef leven en daarna, goddank, nog twee gezonde kinderen. Van der Lee schrijft het mooi op, met mededogen, zonder tranen te trekken.

Verlovingsfoto van Johan en Gesina uit 1881.Beeld Kinderboekenmuseum Het Schooltje van Dik Trom

Grote discipline

Kieviet werkte met grote discipline: elke avond schreef hij tien velletjes vol, die hij voorlas aan Gesina en aan de kinderen op school. Hun verhalen, hun emoties en kinderlijke logica waren een grote inspiratiebron. Groot was Kieviets vreugde toen na zijn eerste boeken, die ook doodgeboren leken, Dik Trom zo’n succes werd.

De leesbaarheid van deze biografie wordt op één manier geweld aangedaan. Van der Lee heeft ervoor gekozen zijn personages af en toe ‘van binnenuit’ te beschrijven en ze sprekend op te voeren, zoals in een roman. Het wordt dan een allegaartje: er is in het boek een ‘ik’ die herinneringen heeft aan zijn jeugd en vertelt over zijn overgrootvader – prima. Diezelfde ik beschrijft ook de omgeving en de tijd, en citeert uit kranten, brieven en interviews. Ook dat kan heel goed. Maar het is raar als die verteltrant ineens wordt onderbroken met passages als: ‘‘Wanneer zien we jullie weer?’, vroeg Johan gemoedelijk. ‘Als we de kleine komen bewonderen, natuurlijk’, zei Evert met een blik op de buik van Gesina.’ Het stijlmiddel is vast bedoeld ter ‘verlevendiging’, maar heeft een omgekeerd effect: de dialogen geven de biografie, ook doordat ze zo houterig zijn, iets stunteligs. De inkijkjes in het hoofd van de personages maken het levensverhaal ongeloofwaardig. Hoe weet de auteur dat Johan zich, theedrinkend op het landgoed van een rijke industrieel, onzeker voelde over zijn manieren? Zo dicht je mensen gevoelens toe en neem je hen niet serieus. Zij zijn geen romanpersonages die je naar wens kunt kneden.

Wie over deze onhandigheden heen leest, krijgt in Kieviet een mooi, compleet portret van een ongewone man met een groot hart voor kinderen.

Johan, Gesina en de kinderen.Beeld Kinderboekenmuseum Het Schooltje van Dik Trom

Ton van der Lee: Kieviet – Biografie van de schrijver van Dik Trom

Ambo Anthos; 312 pagina’s; € 24,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden