Stray Dogs: overwegend taai en naar binnen gekeerd

Stray dogs
Drama
Regie: Tsai Ming-liang
Met: Chen Shiang-chyi, Lee Kang-sheng, Lee Yi-cheng, Lu Yi-ching
In 7 zalen, 138 minuten

null Beeld Homegreen Films
Beeld Homegreen Films

Zonder Tsai's speelsheid van weleer wordt het relaas over leven in de metropool taai en slepend.

Veertien minuten duurt het shot tegen het einde van Stray Dogs - de Taiwanese filmer Tsai Ming-liang (Vive l'Amour, The Wayward Cloud) specificeerde de lengte van zijn sleutelscène in enkele interviews, vorig jaar na de wereldpremière op het filmfestival van Venetië. Hoofdrolspeler Lee Kang-sheng staat schuin achter de vrouw die ooit zijn vrouw was. Het is donker, ze zwijgen en ze raken elkaar niet. Beiden kijken naar iets dat buiten het beeldkader is te zien. Hij neemt af en toe een slok uit een fles, trillend. Zij begint langzaam te huilen, bijna in slow motion. Dan, in de laatste minuut, legt hij zijn hand op haar ene schouder, zijn hoofd op haar andere.

Het handelsmerk van de regisseur is ook in zijn tiende film, in Venetië winnaar van de grote juryprijs, op grote afstand te herkennen. De pogingen van zijn personages om echt contact te leggen, hun worsteling met liefde, seks en de financiële noodzaak om mee te draaien in de mallemolen van de moderne Aziatische metropool, filmt hij met geen tot weinig woorden. In die minutenlange, ononderbroken en vrijwel onbewogen shots lijkt nauwelijks iets te gebeuren, maar Tsai Ming-liang gebruikt hun lengte om zijn personages af te pellen, om stilzwijgend hun ziel bloot te leggen, alsof hij je zijn speelfilmvariant voorschotelt van Andy Warhols Screen Tests.

Waar is de speelsheid gebleven?

Tsai's vaste hoofdrolspeler Lee Kang-sheng, die deze werkwijze van de regisseur eens omschreef als 'een marteling', speelt in Stray Dogs een alcoholistische vader die zijn geld verdient als reclamebordvasthouder naast drukke verkeerswegen in het centrum van Taipei. Met zijn jonge zoon en dochter slaapt hij in een verlaten appartementencomplex, samen op hetzelfde matras. Overdag struint het kroost supermarkten af op zoek naar gratis eten; een proeverij van vijfkruidenpoedersaus toont aan dat Tsai zijn gevoel voor droog-absurde humor sinds zijn debuut in 1992 niet is verloren.

Maar de lichtpuntjes zijn spaarzaam. Tsai, die aangaf dat het filmen hem steeds meer uitput, brengt daarbij bekende thema's (botsing tussen stad en natuur, arm tegenover rijk) zonder daar echt iets wezenlijks over te willen zeggen. En waar zijn fascinatie voor maatschappelijke losers en allerhande weirdo's in zijn eerdere werk dikwijls met vrolijkmakende energie werd opgediend (culminerend in de bizarre, kleurrijke seksmusical The Wayward Cloud uit 2005, waarin een vrouw de liefde bedrijft met een watermeloen), is Stray Dogs overwegend taai en naar binnen gekeerd.

Aan die fraaie scène van 14 minuten gaan talloze minder geïnspireerde impressies van grotestadssomberte vooraf. Het zijn beelden die net wat te veel gaan slepen, zo zonder speelsheid. De watermeloen van Stray Dogs is een witte kool met daarop een getekend gezichtje, die als symbool voor de afwezige moeder door Lee Kang-sheng de ogen wordt uitgestoken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden