Sterke verhalen van Toon Tellegen over zijn grote broer

Recensie De seringenboom

Covertje Foto RV

(non-)fictie

Toon Tellegen

De seringenboom – Herinneringen aan mijn broer

Querido; 128 pagina’s; € 18,99.

De zes jaar oudere broer van Toon Tellegen was een held. Hij wilde ‘alleen iets doen als het gevaarlijk was’. Hij liep over dun ijs, hij liep over water. Hij schoot zijn voetbal door winkelruiten. Hij at met gemak 24 boterhammen en 50 gehaktballen. Hij verpestte suffe feestelijkheden met zelfgemaakte bommen. Hij stak zijn vinger in het stopcontact om te zien of het werkte. Hij redde koeien én een angstig piepende prins Bernhard tijdens de Zeeuwse watersnood. Hij nam glorieus wraak op de zemelende dominee, een achterbakse klasgenoot en de schooljuf die kinderen sloeg.

Zijn vermetelheid kostte hem een vinger en hij brak alles wat er te breken viel, maar dat vergrootte zijn heldendom slechts. Het is een wonder, schrijft zijn zes jaar jongere broer, dat hij zijn 18de verjaardag heeft gehaald. Op zijn graf zou moeten staan: ‘Hier ligt x./ Het scheelde niks.’

Voor het broertje, angstiger en behoedzamer, al jong meer een dichter dan een bommenbouwer, was hij een rots van veiligheid. Zijn grote broer zou hem altijd redden. Als het huis in brand stond, als hij bijna verdronk of als ‘de vijand’ weer eens aanklopte: zijn broer zou ertussen springen en hem redden; ‘de vijand zou zich schamen’.

De seringenboom sluit aan bij Een vorig ­leven, waarin Tellegen over zijn jeugd schreef, maar de toon en sfeer zijn anders. Dit boekje is poëtischer en vreemder, en ondanks de ware ondertitel misschien niet zo heel realistisch. De volwassen verteller glijdt steeds terug in het magische denken van de kleine jongen die zijn broer adoreert en dankzij hem het leven aandurft. Of het allemaal écht zo is gebeurd als in deze sterke verhalen doet er niet toe. Via de machtige broer schreef Tellegen een ontroerend, bescheiden zelfportret.

Op zijn 18de vertrok de broer met zijn koffertje, de wijde wereld in. ‘We zagen hem nooit meer terug’, schrijft Tellegen. Behalve dan die ene, laatste keer, die terechtgekomen is in een gedicht: ‘Mijn broer stond plotseling achter mij,/ tikte op mijn schouder en zei:/ “ik ben dood.”

In een ‘aantekening’ achterin lezen we dat de onsterfelijke broer uiteindelijk toch doodging, in 2016, op zijn 80ste. Hij stierf in Tingo Maria in Peru. Dat klinkt niet slecht, als laatste adres van een drieste avonturier. Beter dan Den Briel. Welk grafschrift staat er op zijn steen?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.