ColumnMerlijn Kerkhof

Stelling: de 300 miljoen is er voor merken, niet voor mensen

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Merlijn Kerkhof, Rutger Pontzen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, ­muziek, theater of beeldende kunst.

Lang geleden, in het precoronaceen, om precies te zijn op de laatste dag van januari, vlogen mijn vriendin en ik naar Costa Rica. Zij, violist, had haar viool in het bagagerek opgeborgen. Ze zou in maart soleren in het Vioolconcert van Dvořák. Twee weken niet studeren, dat kan niet in haar wereld, dus speelde ze ook op vakantie door. De meeste mensen zouden het een offer noemen. Voor een musicus komt hooguit het woord toewijding bovendrijven. Het is normaal.

Twee dagen na de afkondiging van de maatregelen die optredens onmogelijk maken, zei ze bij het opstaan dat ze een zeurende pijn in haar handen voelde; dat krijg je als je van de ene op de andere dag stopt met spelen. Soms hoor ik haar zeggen welke concerten ze zou hebben gehad. ‘Vandaag had ik in Paradiso gestaan, op Klassifest.’ ‘Vandaag was de eerste uitvoering van Dvořák geweest.’ Medelijden hebben met je partner, weet ik nu, dat is knap kut.

Woensdag kreeg ik medelijden met iemand anders, namelijk minister Ingrid van Engelshoven. Een dag eerder had ze zich laten interviewen door het Platform Arbeidsmarkt Culturele en Creatieve Toekomst (ACCT). Ze zei van alles, maar eigenlijk niks. ‘Dit seizoen is voor de culturele sector helaas toch echt verloren’, was het citaat waar Nu.nl een nieuwsbericht aan ophing. Onder kunstminnaars leidde die ‘apathische houding’ tot woede. Ze had toch drie weken de tijd gehad om een plan te bedenken waarmee ze de cultuursector kon redden? De teneur op sociale media was dat Van Engelshoven, machteloos, ongeïnteresseerd en incapabel, de cultuur in de steek liet. Je moet je enorm eenzaam voelen, dacht ik, als je de kunst probeert te verdedigen in een kabinet met VVD en CDA.

’s Avonds schoof ze aan in de talkshow M en bereikte mijn medelijden een hoogtepunt. Happend naar adem uh’de ze zich door de aanvallen heen van vooral Jeroen Smit, die de mythe mocht herhalen dat Duitsland 50 miljard vrij maakt voor de cultuursector (dat bedrag is bestemd voor het hele midden- en kleinbedrijf). Van Engelshoven had het als een triomf willen presenteren dat ze 300 miljoen had losgeweekt, maar het lukte niet.

Toen ze benadrukte dat de cultuursector de eerste was die extra geld kreeg, namen mijn medelijdenwaarden wat af. En toen even later bekend werd dat de sierteelt op 600 miljoen kan rekenen en er 50 miljoen naar patataardappelboeren gaat, was ik definitief van mijn meelij verlost.

Natuurlijk kun je van 300 miljoen best wat Stradivariussen kopen, orkesten onderhouden zelfs, en toch is het niet genoeg. De kunst- en cultuurwereld, die nu al tien jaar de lul is, die door de bezuinigingen van Rutte-I en verdere ingrepen op gemeentelijk niveau invalide is geraakt, heeft tot 1 juni al bijna een miljard aan schade, en de schade zal almaar oplopen. De nieuwe regeling moet instellingen redden die ‘essentieel zijn voor de sector als geheel’ – in de eerste plaats het reeds gesubsidieerde circuit. Over de zzp’ers in de sector, die goed is voor bijna 3,8 procent van het nationaal inkomen, gaat het niet, terwijl het aantal zzp’ers 60 tot 70 procent bedraagt.

Deze regeling is er, kortom, voor merken, niet voor mensen. Als Van Engelshoven zich alsnog geliefd wil maken, zou ze daar nog heel even naar kunnen kijken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden