REPORTAGE

Stellen Macbeth en Cobain versmelten in nieuw koningsdrama

Gerardjan Rijnders smolt de stellen Macbeth en Cobain samen in een nieuw koningsdrama: MACBAIN. Theatergroep Dood Paard voert het stuk op. Een reportage in drie bedrijven.

Gillis Biesheuvel en Manja Topper als de hoofdpersonen in Gerardjan Rijnders' MACBAIN, gebaseerd op de levensverhalen van de stellen Macbeth en Lady Macbeth en Kurt Cobain en Courtney Love.Beeld Ivo van der Bent

1. Foul is Fair

Macbeth: 'Ik ga niet meer terug: ik huiver bij de gedachte aan wat ik heb gedaan; het nog eens zien durf ik niet.'

Lady Macbeth: Slappeling! Geef mij die dolken. Slapers en doden zijn net een schilderij; alleen een kind is bang voor een duivel van verf. En als hij bloedt, dan schilder ik de gezichten van die twee ermee, want schuldig moeten ze eruit zien.'

Onvervalste Shakespeare en wel zijn bloederigste stuk: Macbeth. Maar de setting is verre van klassiek. Op de speelvloer staat een knalgroene bank, daarachter zitten de acteurs. Als poppenkastpoppen piepen hun personages er keer op keer bovenuit, soms bestijgt er eentje de rugleuning als was het een glanzend ros. Hun rekwisieten zijn talrijk: van achter de bank komt een overvloedig plastic banket voorbij met vlees, schaaldieren, kaas en druiven. Er zijn enge beesten, er is een kleine roze pony, er liggen babypoppen in het rond. 'We zijn popsterren, hè', roept Manja Topper ter verduidelijking. En hop, verder gaat het met het Schotse drama.

Ja, dat is Dood Paard. Theatercollectief dat de canon bepaald niet schuwt, maar er onveranderlijk een eigen draai aan geeft. Dit zijn de repetities van MACBAIN, waarin we te maken krijgen met Macbeth, maar ook met grungelegende en Nirvana-voorman Kurt Cobain. En daar waar Macbeth steeds wordt geflankeerd (om niet te zeggen gepusht) door zijn Lady, zo is Cobain nooit los van Courtney Love. Theatermaker Gerardjan Rijnders schreef het nieuwe stuk, waarin hij dit legendarisch griezelige viertal met elkaar verbindt.

Manja Topper schminkt zich.Beeld Ivo van der Bent
Beeld Ivo van der Bent

Dood Paard was meteen weg van die tekst, maar maakte er nog wat meer theater omheen: de voorstelling begint met een proloog, een 'teaser' zou je kunnen zeggen, in de vorm van een interview met de twee popsterren. Gevolgd door bovengenoemd Shakespeariaans intermezzo, als een poppenspel. En dan de apotheose: twaalf bedrijven Rijnders, poëtisch en duister. Drie delen dus, gespeeld door Manja Topper en Gillis Biesheuvel, met Nirvananummers in middeleeuws arrangement en een complex plexiglazen decorstuk, dat op deze repetitiedag nog niet klaar is.

Na hun moppie Macbeth schuiven de acteurs samen met componist en muzikant Wessel Schrik aan voor een gesprek. 'Herkende je de muziek?', vraagt hij vrolijk. Niet iedereen is nog zo direct vertrouwd met de sound uit Seattle van begin jaren negentig. Schrik was tiener in die tijd. Het was gróót, toen. Bij Dood Paard klinkt het haast barok, denk: Smells Like Teen Spirit met een twist.

Speels, dat is ook van toepassing op het spel met de poppen. Biesheuvel: 'We vonden dat Gerardjans tekst zo veel meer tot zijn recht zou komen als we Macbeth ernaast zouden houden. Daarom hebben we een verkorte versie gemaakt, met precies díé elementen die we nodig hebben.' Topper: 'Zo zetten we het verhaal nog even snel uiteen, en niet meteen te zwaar. Plus dat we op die manier een link leggen met Kurt en Courtney - hun naïeve manier van doen soms, Kurts 'ding' met poppen en het gesol met hun baby.' Biesheuvel: 'Na deze prelude hoeven we bij Gerardjan niks meer uit te leggen, dat kan mooi op zichzelf blijven staan. En Wessels muziek verbindt de drie delen.'

2. Smells Like Teen Spirit

Interviewer: 'Jij hebt een moeilijke jeugd gehad. Een zware puberteit. Kun je daar iets over vertellen?'

Kurt: 'Ik was ongeveer 13 en worstelde met het gebruikelijke prepuberale 'haat je ouders wou dat je nog steeds met poppen kon spelen maar in plaats daarvan voel je je buitengewoon raar in het gezelschap van meisjes'-syndroom.'

(...)

Interviewer: 'Het was natuurlijk verschrikkelijk, die fantastische plaat komt uit... enneuh al die dingen...'

Courtney: ' Nouhaaa, euhh, weet je, ik bedoel, euh, ik ben niet geflipt, mijn teksten zijn dat wel... en weet je, weet je... weet je... ik bedoel mensen, moeten gewoon, gaan gewoon werken, dat doe ik gewoon, doe ik ook, weet je, ik moet gewoon geld verdienen, ik moet gewoon weer aan het werk, ik bedoel dat doe ik... ik ben er ook gewoon goed in, weet je... en dat is dus wat ik doe...'

Topper en Biesheuvel zitten op de groene bank, zij in een rood satijnen jurkje, hij in een pyjamabroek ('geen gestreepte, dat is net té veel Kurt'). Het is een paar dagen later, ze repeteren het interview waarmee de voorstelling van start gaat. Topper: 'We wilden Kurt en Courtney even laten zien in het begin. Zo even neerzetten, daar op die bank.' Kurt Cobain, een getroebleerd kunstenaar, volgens de overlevering stil en bedachtzaam als hij niet is gedrogeerd. Telg uit een gebroken gezin, getekend daardoor. Gezicht, gitarist én zanger van Nirvana, hetgeen hem in korte tijd een roem brengt die hij helemaal niet aankan. Drugs en ellende zijn z'n deel, op 27-jarige leeftijd pleegt hij (in 1994) zelfmoord. 'A Shakespearean character of the rock community', lees je. En dan Courtney Love. Frontvrouw van de band Hole en actrice, heftig, op het hysterische af, mediageil en ook al niet vies van heroïne. In 1992 bevalt ze van hun dochter Frances Bean Cobain. Tot op de dag van vandaag spreekt dit tragische rockpaar tot de verbeelding, ook al door de met mysterie omgeven dood van Kurt en Courtneys mogelijke rol daarbij. 'In mei komt een nieuwe film uit: Kurt Cobain: Montage of Heck', zegt Biesheuvel. Ook hij en Topper zijn geïntrigeerd door het stel. Ze keken naar interviews en doken in dagboeken. Samen kwamen ze tot een tekstcompilatie. 'Er hangt me een preténtie omheen - en het gaat vaak helemaal nergens over', zegt Topper. 'Wat hen vooral bond was tomeloze ambitie.'

En de drugs. En misschien ook dochter Frances. Al blijkt een kind vaak te veel voor hen, Kurt doet zijn best. 'Maar uiteindelijk laat-ie haar gewoon vallen, op haar hoofdje', zegt Biesheuvel. Verschrikkelijk. Een obscure wereld.

Gillis Biesheuvel schminkt zich.Beeld Ivo van der Bent
Beeld Ivo van der Bent

3. Nevermind

Koningin: Ooit was ik jouw droom

Koning: Ja

Koningin: Nu ben ik jouw nachtmerrie?

Koning: Nee
Ik ben mijn eigen nachtmerrie geworden
Daar valt niet mee te leven

Koningin: Wat heb jij te vrezen?

Koning: Iemand niet uit een vrouw geboren
Een bos dat op stap gaat

Koningin: Nou dan?

Koning: Misschien ben ik niet uit een vrouw geboren
Ben ik uit de hel geschoten
Misschien ben ik een wandelend bos
Misschien ben jij een wandelend bos

Koningin: (lacht)
'These woods are made for walking'
'And that's just what they'll do'
'One of these days these woods...'

Het begon er eigenlijk allemaal mee dat Gerardjan Rijnders zich afvroeg: wat zeggen die Macbeth en zijn Lady nog tegen elkaar als dat stuk afgelopen is? Die gedachte liet hem niet meer los, zegt Biesheuvel, net voor de repetitie van het slotdeel. Hij heeft al een kroon op zijn hoofd, Topper loopt nog even wat rook (uit de rookmachine) op te zuigen (met een bladzuiger).

Het ziet er hilarisch uit. Maar dan gaan ze er eens even goed voor staan en dan vergaat het lachen je toch wel. Rijnders' tekst is een gruwelijk mooi, duister gedicht van twee mensen die gekweld door angst en schuld, bedwelmd door roem en machtswellust, koortsig en half gedrogeerd keer op keer een poging wagen steun te vinden bij elkaar - en daarin falen.

Gillis Biesheuvel en Manja Topper als de hoofdpersonen in Gerardjan Rijnders' MACBAIN, gebaseerd op de levensverhalen van de stellen Macbeth en Lady Macbeth en Kurt Cobain en Courtney Love.Beeld Ivo van der Bent

Onmiskenbaar Shakespeare, maar het doet ook denken aan het wanhopige stel George en Martha uit Who's Afraid of Virginia Woolf. En Kurt en Courtney zijn nooit ver weg natuurlijk, met flarden van zijn songteksten en haar destructieve uitstraling.

Twaalf bedrijven zijn het, kort, maar taalbouwwerkjes op zich. Behendig laten Topper en Biesheuvel de ritmische strofen van hun lippen rollen, terwijl de inmiddels onheilspellende soundscape een eigen rol opeist. De poppen zweven nu door de ruimte, als tamelijk angstaanjagende verwijzing naar de (vermeende) dood van een zoon of de al dan niet gewenste afwezigheid van een kind, van verloren onschuld misschien: een rode draad door de hele voorstelling, die een steeds verstikkender sfeer krijgt. Geplet door een wandelend bos, vrij naar Shakespeare. Daar is de tegenkleur van de lichtheid uit het begin van de enscenering.

Schrijver Gerardjan Rijnders komt binnenkort kijken. Biesheuvel en Topper: 'Tuurlijk is dat eng.' Maar er is duidelijk wederzijds vertrouwen en ze zijn lyrisch over Rijnders' strofen, in al hun complexiteit. 'Ik vind dat ook enórm leuk om te doen', zegt Topper onder bijval van Biesheuvel. Met een lach: 'Zeker zo leuk als spelen met die bladzuiger. Of poppen.'

MACBAIN gaat op 31/3 in première in Frascati, Amsterdam.

Dood Paard

Gerardjan Rijnders (1949) schreef zijn eerste stuk Dollie of avocado's bij de lunch, omdat hij geen subsidie wist te bemachtigen voor een enscenering van Het jachtgezelschap van Thomas Bernhard en zich daarop genoodzaakt zag zelf iets te schrijven. Daarna is hij blijven schrijven. Rijnders is regisseur (Globe, Publiekstheater, Toneelgroep Amsterdam) en toneelschrijver. Zijn stukken zijn in meerdere talen vertaald.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden