Postuum Stanley Donen (94)

Stanley Donen, de man die filmmusical Singin’ in the Rain naar de top van de filmcanon regisseerde (1924-2019)

De vrijdag op 94-jarige leeftijd aan een hartaanval overleden Hollywoodregisseur Stanley Donen trakteerde de wereld op een waterballet in vier hemelse filmminuten – het van puur dansplezier en levenslust spattende titelnummer van Singin’ in the Rain, de filmmusical uit 1952. Met die doorweekte Gene Kelly, de zwierende, zingende, stampende en parapluzwaaiende ster in de regen op de studiostraat van Los Angeles – voor altijd in de top van elke film- of musicalcanon.

Stanley Donen op het filmfestival in Cannes, in 1984. Beeld AFP

Een krappe vijftig jaar later, toen Donen een ere-Oscar in ontvangst mocht nemen als goedmakertje voor de keren dat hij over het hoofd werd gezien door de Academy, demonstreerde de Amerikaanse regisseur nog éénmaal zijn talent, live op het podium voor al z’n collega’s. Dansend met die Oscar tegen z’n wang gedrukt, zingend en sprekend – het fraaist getimede muzikale dankwoord in de Oscargeschiedenis. Bij die gelegenheid in 1997 gaf Donen ook zijn bescheiden definitie van z’n vak. Regisseren? Dat was je omringen met de beste mensen: Gene Kelly, Fred Astaire, Cary Grant, Audrey Hepburn, Frank Sinatra, Sophia Loren. En dan zorgen dat je ‘the hell out of the way’ blijft – op de set niet in de weg staan. ‘Maar je moet er wel zijn, zodat je de credits krijgt’.

Donen deelde die credits, in verschillende van zijn vroege films: óók ster Kelly staat op de titelrol als regisseur. Dat co-regisseren ‘de hel’ is, en je het ook best ‘vechten’ mag noemen, is een andere uitspraak van Donen – minder vaak aangehaald dan die op het Oscarpodium. Kelly, die al een gearriveerde ster was toen hij Donen onder z’n hoede nam en als choreograaf bij z’n films betrok, zag z’n jongere compagnon niet als gelijkwaardig. Dat Donens eerste vrouw er na de scheiding vandoor ging met Kelly hielp ook niet bij hun werkrelatie.

Opgegroeid in een weinig artistiek milieu in Columbia, South Carolina – vader had een damesmodezaakje – beleefde de in 1924 geboren Stanley geen heel vrolijke jeugd: op school en straat gepest als een van de weinige joodse kinderen in de buurt, vluchtte hij zoveel mogelijk de filmzaal in. Twintig, dertig keer naar de musical Flying Down to Rio uit 1933, met Fred Astaire en Ginger Rogers. Al op z’n zestiende vertrok Donen naar New York, waar hij vlot emplooi vond als achtergrondzanger- en danser in een Broadwayproductie mét Kelly.

In Los Angeles werd Donen aanvankelijk ingehuurd als choreograaf, niet als regisseur: hem vroeg je erbij voor innovatieve dansscènes, waarvan de studio dacht: dat lukt nooit. Hij was het die Kelly liet dansen met een spookversie van zichzelf in Cover Girl (1944), en met tekenfilmmuis Jerry in Anchors Aweigh (1945). Ook liet Donen z’n jeugdidool Fred Astaire op het plafond dansen in Royal Wedding (1951), door de camera vast te zetten en een om een rad heen gebouwde woonkamer te kantelen – voor de tijd zeer vernieuwende opnamen.

Al op zijn 25e brak Donen door als (co)regisseur met On the Town, zijn en Kelly’s musical over drie vers aangemeerde matrozen te New York, uit 1949. Anders dan gebruikelijk en zeer tegen de wens van MGM-studiobaas Louis B. Mayer, filmden Donen en Kelly de dans- en zangnummers ook op echte New Yorkse straten, niet enkel in een studiodecor.

Ook na het succes van Singin’ in the Rain werd Donen in Amerika lange tijd niet voor vol aangezien: musicals golden als vermaak, niet als kunst. Dat zijn filmstijl voor die tijd verrassend los, abrupt en beweeglijk was, viel wél op (en in de smaak) bij een groepje Parijse filmcritici, die later zelf naam zouden maken als cineast: François Truffaut en Jean-Luc Godard.

Toen het musicalgenre eind jaren vijftig aan populariteit inboette en de Hollywoodstudio’s even genoeg van hem hadden, vond Donen een nieuwe werkomgeving in Londen, waar in de jaren zestig de muziek- en filmwereld openbrak. Daar regisseerde hij vlotte, soms ietwat experimentele komedies en romantische thrillers, nu geheel op eigen titel. Hollywood haakte al vlug weer aan. Charade, z’n voor Universal geregisseerde Hitchcockiaanse spionagethriller met Cary Grant en Audrey Hepburn, werd in 1963 de grootste hit in z’n carrière.

Na zijn zestigste zou Donen geen bioscoopfilms meer regisseren; hij zwaaide af met de weggehoonde en geflopte komedie Blame it on Rio uit 1984, waarin hoofdrolspeler Michael Caine het aanlegt met de 17-jarige dochter van z’n beste vriend. Achter de schermen bleef Donen wel actief als producent, ook regisseerde hij nog muzikale scènes voor de tv-serie Moonlighting en de videoclip Dancing on the Ceiling met Lionel Richie.

Stanley Donen huwde vijf maal. Een van zijn drie zoons is de producent van de tv-serie House of Cards.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.