Komedie

Stand Up Guys

Eerlijk is eerlijk: waarom deze acteurs het script niet terzijde hebben geschoven is een raadsel. Dit zwalkende verhaal duurt te lang

Stand Up Guys is typisch zo'n film die nooit had gewerkt met andere hoofdrolspelers. Als Al Pacino, Christopher Walken of Alan Arkin dit script over een stel bejaarde gangsters terzijde hadden geschoven, had regisseur Fisher Stevens met lege handen gestaan.

Neem alleen al die beginscène. Al Pacino stapt voor het eerst sinds 28 jaar de vrijheid in: de gevangenisoverall verruild voor een slechtzittend pak, plastic zak in de hand. Christopher Walken, met bandplooibroek tot halverwege de buik opgetrokken, komt hem ophalen aan de poort. De zonnebrillen gaan af. 'You look like shit'. 'Jij ziet er nog slechter uit.'

Meer dialoog is ook niet nodig: het zijn oude bekenden. En zo voelt het voor de kijker ook: met hun oude films in het achterhoofd heb je hun personages al ingekleurd. Ze mogen nu een misschien slecht geknipte coupe hebben (Pacino) of zonsopgangen schilderen (Walken), maar dit zijn gevaarlijke mannen, weet je instinctief. Schurken uit de tijd dat gangsters cool waren, liepen alsof ze voortdurend een seventies-soundtrack in hun hoofd hadden en zich aan een erecode hielden.

Samen brengt dit duo een nacht en een dag door. Oude vossen zijn het die hun streken nog niet zijn verloren. Ze bezoeken een bordeel en een nachtclub, snuiven bloeddrukverlagers, halen een wegkwijnende oude vriend op uit een bejaardentehuis (Arkin) en laten zich nog even gelden. Al doet het er niet zo toe wat ze precies doen: het plezier van Stand Up Guys is om Pacino weer eens zo te zien, met vlagen van gevaarlijke, bijna hysterische energie. En Walken, die onderkoeldheid lijkt te hebben uitgevonden. 'Net als vroeger, hè, jongens?' Ja, Arkin, net als vroeger.

De zeventigers weten zo het middelmatige materiaal tot grotere hoogten te tillen. Want eerlijk is eerlijk: waarom deze acteurs het script niet terzijde hebben geschoven is een raadsel. Dit zwalkende verhaal duurt te lang, de oude-mannen-nieuwe-tijd-grappen zijn voor de hand liggend, de toon is inconsistent.

Misschien was het ijdelheid - een hoofdrol is nu eenmaal een hoofdrol en die zijn op hun leeftijd nu eenmaal dun gezaaid. Of wellicht vonden ze het gewoon weer eens leuk om te dollen met wapens en mooie vrouwen. Hoe dan ook: niets is een excuus voor de viagragrappen waar Al Pacino zich lijdzaam aan onderwerpt. Voor dit type acteurs zou zelfspot een grens moeten hebben.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden