Staal is eerder activist dan kunstenaar

Morgen spreekt de rechter zich uit over Jonas Staal, maker van een Wilders-kunstwerk. Wordt hier de kunst misbruikt?..

Is hij een wereldverbeteraar? Een aanjager van het publieke debat? Of een kunstenaar met een uitgekiend gevoel voor publiciteit?

Wat dan ook, Jonas Staal heeft gekregen wat hij wilde: veel aandacht in de pers én discussie op tv. Alleen al door zijn werk De Geert Wilders Werken: een serie ingelijste foto’s van de politicus die Staal twee jaar geleden op zestien plaatsen in Rotterdam en Den Haag op het trottoir had neergezet te midden van waxinelichtjes, witte rozen en knuffelbeertjes. Precies zoals bermmonumenten eruit zien, als een wake voor slachtoffers van verkeer of van zinloos geweld. Of voor vermoorde politici. Reden waarom Wilders het werk zag als een ‘kogelbrief’ en tot tweemaal toe aangifte deed bij de politie.

Morgen doet de Rotterdamse rechtbank uitspraak in de zaak die de Nederlandse Staat tegen Staal heeft aangespannen. De aanklacht luidt dat de Rotterdamse kunstenaar Wilders in zijn functioneren als politicus belemmert en dat hij door de kunstenaar wordt bedreigd. Gestelde eis van justitie: een taakstraf van 240 uur en een voorwaardelijke celstraf van zes maanden met een proeftijd van twee jaar.

Staal ziet de rechtszaak als een performance en zijn bermmonumenten als een kunstuiting. Maar in hoeverre is dat het geval?

Artistiek gezien is het werk van Staal aan de magere kant. Feitelijk bouwt hij met zijn ‘geadopteerde beelden’ bestaande scènes na. Zo parkeerde hij vorig jaar een (zogenaamd) ontploft autowrak in de Rotterdamse binnenstad. Bij andere gelegenheden legde Staal tientallen dode vogels neer op een grasveld, als waren ze slachtoffer van de vogelpest, en liet hij een jonge moslim een koran doormidden scheuren op het Binnenhof.

Ter vergelijk is de installatie van de Britse kunstenaar Mark Wallinger, nu in de Tate Gallery in Londen, een stuk geraffineerder. Wallinger heeft een installatie gebouwd van spandoeken, foto’s, brieven en teddyberen, waarmee de Britse vredesactivist Brian Haw de afgelopen vijf jaar de Irak-oorlog bekritiseerde. Die expositie is precies op de rand van het gebied, een kilometer rond de parlementsgebouwen, waarbinnen het voor Haw verboden is te demonstreren. Door het vredeskamp naar de Tate te verhuizen, bewerkstelligde Wallinger the best of both: hij verleende Haw de mogelijkheid om door te protesteren én gaf de actie extra attentie als een kunstwerk. Waarbij de kunstenaar ook nog eens de vrijheid van meningsuiting aankaartte: zou die in het museum groter zijn dan recht tegenover the Houses of Parliament?

Zo subtiel gaat Staal niet te werk. Zijn ‘kunstwerken’ zijn in de werkelijkheid en de media al geruime tijd bekend en daardoor al schrijnend genoeg. Ze voegen weinig toe aan een krantebericht over 200 doden bij een bomaanslag in Irak.

Niet volgens Staal. Hij zegt te vechten tegen het gebrek aan interesse en morele betrokkenheid bij wat er in de wereld plaatsvindt. Wie maakt zich tegenwoordig nog druk om vogelgriep en zelfmoordaanslagen, om tienerseks en slavenarbeid? Tegenover die ‘vrije markt van informatie’ stelt Staal daarom zijn eigen extreme werk in het domein van de vrije kunstwereld. De methodiek die hij daarbij hanteert is even effectief als voorspelbaar: de meeste werken van Staal zijn gebaseerd op hun shockerende werking. De (anonieme) installaties worden op straat getoond, want ze moeten namelijk niet te arti worden, zoals in het museum, maar juist de onvermoede passant in een klap aan het denken zetten.

De methodiek is inmiddels al meerdere malen beproefd. Een paar jaar geleden liet de Amsterdamse graficus Martijn Engelbregt bij 200 duizend gezinnen een vragenformulier in de bus vallen waarin de ontvangers werden opgeroepen illegalen aan te geven. De Almelose kunstenaar Maarten Steenhagen drukte foto’s van Anne Frank af met het onderschrift ‘Everybody can be famous’.

Staal past in dit rijtje, maar gaat tevens een stuk verder. Hij is eerder activist dan kunstenaar. Wie zijn geschriften op internet leest zal schrikken van het radicale gedachtegoed. Hij laat zich graag voorstaan als de terrorist binnen de kunstkolonie, als strijder voor de bootvluchtelingen, en slachtoffers van kinderporno.

Het paradoxale van Staal is dus, dat alles er op wijst dat hij helemaal geen klassiek kunstenaar wíl zijn, en dat zijn acties en installaties geen artistieke prestaties zijn in de klassieke betekenis van het woord. Maar tegelijkertijd doet hij wél een beroep op het even klassieke adagium, namelijk dat de kunst een vrijplaats is waarin iedereen kan zeggen wat hij wil, zelfs al zou dat kwetsend of bedreigend zijn voor anderen. Gebruikt de ‘activist’ Staal de legaliteit van de kunstwereld niet als alibi om Wilders illegaal te kunnen schofferen?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden