Interview Splinter Chabot

Splinter Chabot: ‘Mensen die afwijken brengen een samenleving vooruit en geven haar kleur’

Splinter Chabot: ‘Voor mij betekent het liberalisme dat ieder mens een kunstenaar is’ Beeld Marie Wanders

In plaats van ‘normaal. doen.’, zou Splinter Chabot (22) liever zien dat de VVD ‘doe! gek!’ als slogan had. De JOVD-voorzitter stemt dan ook ‘niet per se’ op de partij. Wie is deze dwarsdenker, die nu met Splinter, in de politiek zijn eigen programma heeft?

Eigenlijk wilde Splinter Chabot ‘liever niet’ dat V mee zou lopen tijdens de opnamen met SGP-fractievoorzitter Kees van der Staaij voor zijn programma Splinter, in de politiek. ‘Ik ben bang dat het straks een heel ongemakkelijk gesprek gaat worden’, zegt Chabot op een ijskoude ochtend, eind januari, op een steenworp afstand van het Haagse Binnenhof. Met andere politici voert Chabot persoonlijke gesprekken over hun idealen en onzekerheden, ‘maar bij Van der Staaij zou het heel gek zijn als ik de Nashville-verklaring niet zou aanstippen.’

Dit protestantse ‘antihomopamflet’ riep begin januari veel weerzin op: het suggereert dat homoseksualiteit te genezen is en stelt dat het huwelijk een verbond is tussen man en vrouw. Van der Staaij gaf aan achter het manifest te staan; Chabot valt op mannen.

Uiteindelijk stemde Chabot toch in met het bezoek van V. ‘Het zal wel goed komen. Volgens mij zijn Van der Staaij en ik allebei conflictmijdend.’

Stilte

Een kwartier later, op het Binnenhof. Met schouderklapjes en een grote glimlach begroet hij de drie crewleden van Splinter, in de politiek. Fem, de opnameleider, knoopt zijn donkerblauwe beertjessjaal en maant hem moederlijk (‘Het vriest!’) maar tevergeefs zijn zwarte overjas te sluiten. Een dichte jas ‘ziet er niet uit’, sputtert Chabot tegen. 

Dan bereidt hij de crew voor op het interview met Van der Staaij, dat op de boekenmarkt van het Plein zal plaatsvinden. ‘Ik val op mannen en ga hem vragen waarom ik van hem niet zou mogen trouwen. Dat kan ongemakkelijk worden. Als er een stilte valt, moet die goed worden gefilmd.’

‘Bijzonder kind’

Het gaat hard met Splinter Chabot. De 22-jarige politicologiestudent is voorzitter van de JOVD (‘Maar dat wil niet zeggen dat ik ook VVD stem’), zit regelmatig aan tafel bij De Wereld Draait Door, en heeft nu een eigen televisieprogramma: op 15 februari gaat Splinter, in de politiek (Avrotros) van start, waarin hij op zoek gaat naar de mens achter de politicus. 

Premier Rutte noemt hem ‘extreem creatief, extreem druk, geestig, talentvol en integer’. Volgens zijn peetoom, fotograaf Anton Corbijn, was hij een ‘bijzonder kind, net wat anders dan de anderen’.

Wie is Splinter Chabot? Hoe was zijn jeugd? En hoe moe wordt hij van de vergelijking met zijn vader, schrijver en dichter Bart Chabot?

‘Om die vergelijking kun je niet heen’, zegt hij een week na zijn gesprek met Van der Staaij, in het kantoor van zijn producent Posvideo in Amsterdam-Zuid. ‘We hebben dezelfde spraaksnelheid, dragen ongeveer dezelfde bril. Hij is mijn vader en daar ben ik hartstikke trots op. Maar ik heb natuurlijk ook genen van mijn moeder: dat ik acht politieke boeken achter elkaar lees, zal mijn vader niet snel begrijpen.’

Voor dit stuk heeft V zijn vader niet gesproken. ‘Vaak wordt gevraagd of we samen geïnterviewd willen worden. Maar als je dat doet, blijf je bezig. Hij heeft zijn podium, ik heb het mijne.’

Illusie van wereldvrede

Chabot groeide op in de keurige Haagse wijk Benoordenhout, als derde van vier broers: Sebastiaan (29), Maurits (25), Splinter en Storm (21). Moeder Yolanda werkte fulltime als arts, vader Bart schreef thuis zijn boeken en gedichten. ‘Een hecht, liefdevol gezin, met veel vrolijkheid aan de keukentafel, wat in ons geval een professionele pingpongtafel was’, zegt Chabot. ‘Als papa brood smeerde, blies hij het boterhammenzakje in de lucht.’ Met gebolde wangen doet Chabot voor hoe dat eruit heeft gezien. ‘‘Een luchtballon!’, riep hij dan. Nou, zo begin je de dag vrolijk hoor.’

De jongens werden beschermd opgevoed. Educatieve programma’s als Klokhuis en Villa Achterwerk waren toegestaan, maar het Jeugdjournaal was lange tijd uit den boze – te veel nare beelden. Het ‘grotemensenjournaal’ mocht pas rond de brugklas worden opgezet. Chabot: ‘Op die manier konden we opgroeien met de illusie van wereldvrede.’

Er kwamen weinig mensen over de vloer. ‘Alleen peetoom Anton kwam weleens langs. Voor mijn vaders werk is veel aandacht nodig, dan is het prettig als er ook een plek is met privacy.’

Aardigheid en enthousiasme

Goede manieren zijn erin gestampt. ‘Altijd u zeggen tegen onbekenden. En nog steeds wachten we met eten totdat mama, de baas van het gezin, zit. Dat zit zo in ons systeem, dat als mijn vader een hap neemt, wij nog steeds fluisteren: ‘Papa, mama zit nog niet...’’

De opvoeding heeft effect gehad. Wie je ook spreekt over de gebroeders Chabot, iedereen benadrukt hun aardigheid en enthousiasme. Op de vraag aan peetoom Anton Corbijn of Splinter als kind geïnteresseerd was in zijn werk, reageert hij: ‘Ik geloof het wel, maar dat is altijd moeilijk in te schatten bij de mannelijke tak van de Chabot-familie, want ze zijn van nature veel te enthousiast. Je weet dus niet wat echt is, zal ik maar zeggen.’

Chabot was een kleurrijke scholier. Hij zat niet op hockey of voetbal, maar speelde viool en reed paard. Op het Vrijzinnig-Christelijk Lyceum (VCL) persifleerde hij als brugger de conrector tijdens het ‘Sinterklaascabaret’, gekleed in rokje en panty.  Ook naast het podium kleedde hij zich flamboyant: nooit een trui, altijd een gekleurd overhemd.

Het liefst had hij zich nog extravaganter gekleed. ‘Maar zeker op de middelbare school ben je onzeker, wil je niet teveel afwijken. Het is leuk om iemand afwijkend te vinden, maar moeilijk om het zelf te zijn. Mijn ring heb ik toen snel afgedaan.’ Nu draagt Chabot er vier, twee aan iedere hand.

Roddelschool

Tot de derde klas durfde Chabot nauwelijks op het schoolplein komen; daar stonden de populaire, oudere leerlingen. Eén keer ging hij naar buiten, en stapte naar een groep ‘prachtige dames’ toe, waar een vriendinnetje van hem bij stond. ‘Ik wist niet wat ik moest zeggen, dus bood ik ze maar een kauwgumpje aan. Dat wilde iedereen wel. Toen waren mijn kauwgumpjes op en ben ik, hup, meteen weer naar binnen gelopen.’

Aan zijn vriendinnen durfde Chabot, rond de tweede klas, te vertellen dat hij bepaalde jongens leuk vond. ‘Ik zat daar al lang mee. Ik was al anders, maar dan wilde ik niet ook nog op dát vlak anders zijn. Ik twijfelde voortdurend. De ene dag dacht ik: gelukkig, ik val wel op meisjes. Dan had ik de ‘illusie’ dat het goed zat. Maar dan was het de volgende dag: o nee, toch niet. Ik vrees dat God niet bestaat, maar heb Hem tijdens mijn puberjaren regelmatig gevraagd: ‘Kan dit nu even niet?’’

Volgens broer Sebastiaan, die nu in Amerika aan zijn eerste roman werkt, worstelde Splinter ‘binnenskamers, op zijn zolderkamertje, waar de rode gordijnen overdag toch wel vaak dicht bleven. Hij moest er voor zichzelf elke dag opnieuw uit komen.’

‘Veel vriendinnen van toen’, zegt Splinter, ‘spreek ik nu te weinig, maar ik zie ze nog wel als belangrijke mensen in mijn leven omdat ze er in die moeilijke fase voor me waren. Wat ik knap vind, is dat ze eindeloos mijn gezeur erover hebben aangehoord.’

Niet alle vriendinnen hielden hun mond. ‘Het VCL is nogal een roddelschool. Na een tijdje vermoedden de meesten wel dat ik op jongens viel.

Naar buiten treden

‘Tijdens Valentijnsdag in de vierde had ik een roos naar een jongen gestuurd. Ik had daarbij niet bedacht dat hij nieuwsgierig zou worden naar de afzender ervan. Ongeveer een jaar later – hij had door het roddelcircuit een idee gekregen – kwam hij na gym naast me fietsen. ‘Splinter, die roos, wie heeft die nou gestuurd?’, Ik schrok me dood, zei dat ik het niet wist. ‘Echt niet?’, zei hij.

‘Dat was niet gemeen van hem bedoeld, maar meer van: zeg het nou maar, waar doe je zo moeilijk over? Ik vind het bijzonder dat een populaire jongen zoiets een-op-een vraagt. Veel volwassenen zullen hem dat niet nadoen.

‘Een paar maanden later stond ik met een vriendin op een leeg schoolplein. Het sneeuwde. Op een afstandje pakte die jongen zijn fiets. ‘Als je het nu niet zegt’, zei de vriendin, ‘kun je het nooit zeggen.’ Toen riep ik hem, en vertelde dat de roos van mij was. ‘Oké, maar val je dan ook op mannen?’, vroeg hij. Ik zei dat ik dat nog niet wist. ‘Nou, dat hoeft toch ook niet.’

‘Ik heb nog nooit gezegd dat ik homo ben, want ik heb mijn broers ook nog nooit horen zeggen dat ze hetero zijn: ze zeggen dat ze een vriendinnetje hebben. Ik vond dat ik het recht had om het ook zo aan te pakken. Na de middelbare school heb ik tijdens Kerstavond tegen mijn ouders en broers gezegd dat ik een leuke jongen had ontmoet.’

Voor de familie was dat geen nieuws. Splinter had er al aan gerefereerd. Broer Sebastiaan herinnert zich een zondagochtendontbijt, waarbij Splinter, toen een jaar of 10, de Volkskrant dichtvouwde, en zei: ‘Later, als ik groot ben, ga ik een reis maken door alle landen waar ik verboden ben.’

Splinter Chabot in 2005. Beeld Privéarchief

Toen Splinter later met zijn paardrijlaarzen in de gang stond, sloeg Sebastiaan de krant open. Wat had zijn broertje gelezen? Hij zag een artikel over homo’s in Maleisië die ‘op heterdaad betrapt waren’ en daar stokslagen voor hadden gekregen. Sebastiaan: ‘Wat hem toen typeerde en nog altijd typeert, is dat hij van deze berichten niet in zijn schulp kruipt, maar zich juist genoodzaakt voelt daarheen te gaan, naar buiten te treden.’

Onafhankelijk van de VVD

Na zijn eindexamen, in 2014, gaat Chabot in Amsterdam op kamers wonen – inmiddels woont hij, vanwege de opnamen in Den Haag, weer bij zijn ouders. Hij begint met politicologie, heeft tijd over en wordt actief voor de JOVD, de jongerentak van de VVD. Nu is hij landelijk voorzitter, een functie eerder bekleed door VVD-coryfeeën als Mark Rutte, Hans Wiegel en Ed Nijpels.

Sinds 2000 is de JOVD, vanwege subsidiewetgeving, organisatorisch gelieerd aan de VVD. Maar in politiek opzicht is de jongerenorganisatie onafhankelijk, benadrukt Chabot. ‘Toch word je als JOVD-voorzitter direct gelinkt aan de VVD, of aan rechtse politiek. Maar ik ben liberaal. Dat is echt wat anders, zeker als je naar de huidige koers van de partij kijkt. Hoe de partij zich nu profileert... zwaardere straffen in bepaalde wijken, de houding ten opzichte van het kinderpardon; allemaal niet liberaal.’

Over het klimaatbeleid: ‘Tja, Dijkhoff die Jetten in een interview wegzet als drammer. Dat is oncollegiaal, en bovendien goedkope verkiezingsretoriek. Jetten zou een drammer zijn omdat hij niet zou bijdragen aan het draagvlak voor het klimaatakkoord. Als je het zo bekijkt, is Dijkhoff ook een drammer: zijn houding draagt ook niets bij.’

Prince en David Bowie

Grote voorbeelden van Chabot zijn de overleden muzikanten David Bowie en Prince. ‘Zij breken dwars door alle hokjes heen: man/vrouw, homo/hetero. Ze laten zien dat je als persoon niet eendimensionaal bent, maar duizenddimensionaal. Je bent een discobal: de ene keer rood, dan groen en dan blauw. Met hun vrijheidsgevoel infecteren ze een samenleving, zorgen ze dat ‘gekke’ dingen iets normaler worden gevonden.’

Zwarte zwanen

Over de VVD-slogan ‘Normaal.doen.’ zegt Chabot: ‘Voor mij betekent het liberalisme dat ieder mens een kunstenaar is. Ik zou zeggen: doe punt gek punt, of: doe uitroepteken gek uitroepteken. Mensen die afwijken, ik noem ze zwarte zwanen, brengen een samenleving vooruit, geven haar kleur.’

Dat Chabot kritisch is op de VVD, is ‘alleen maar goed’, zegt premier Rutte telefonisch. ‘De JOVD móét de liberale luis in de pels zijn. Als JOVD-voorzitter was ik nog veel kritischer.’ Heeft Chabot gelijk als hij stelt dat de VVD zich niet liberaal profileert? ‘Gelul! Dat is gelul’, zegt de premier. ‘De VVD is dé liberale partij van Nederland. Met ‘Normaal.doen.’ bedoelden we dat je normaal moet doen als het bijvoorbeeld om de behandeling van hulpverleners gaat. Daarbuiten mag je zo gek doen als je wilt.’

De VVD-top heeft al eens kunnen kennismaken met de kritiek van Chabot. In 2018 gaf hij een vlammende speech op het partijcongres, ter ere van de 70ste verjaardag van de partij, waarin hij onder meer ‘het rechtspopulistische geluid’ van de partij hekelde. Aan het einde jutte Chabot de aanwezigen op tot een luidkeels ‘hieperdepiep hoera’. 

‘Dat was een class act’, zegt Mark Rutte, met fractievoorzitter Klaas Dijkhoff op de eerste rij aanwezig. ‘Daar kon zijn vader nog een puntje aan zuigen. En ik ook trouwens. Splinter en ik zijn allebei dwarsdenkers, maar ik ben jaloers op dat cabareteske van hem.’ 

Anton Corbijn krijgt ‘hoop’ van zijn petekind. ‘Het is belangrijk dat er jong politiek talent rondloopt dat niet uit is op polarisatie en eventuele verschillen wellicht weet te overbruggen.’

Stemwijzer

Wie Chabot vraagt welke politici hem aanspreken, hoort inderdaad vrijwel het gehele politieke spectrum voorbijkomen: Diederik Samsom (PvdA), Hans Wiegel (VVD), Mark Rutte (VVD), Femke Halsema (GroenLinks), Peter Kwint (SP), Sylvana Simons (Bij1).

Stemt Chabot wel VVD? ‘Ik weet nog niet wat ik ga stemmen, ik vul vooraf altijd de Stemwijzer in. Ik wilde de laatste Tweede Kamer-verkiezingen op Diederik Samsom stemmen, maar hij verloor de lijsttrekkersverkiezing van Lodewijk Asscher. Voor Samsom heb ik veel respect. In Rutte-II stapte hij over zijn schaduw heen en nam hij verantwoordelijkheid tijdens de crisis.’ Waar hij uiteindelijk op heeft gestemd, zegt hij niet.

‘Hij mag flirten met allerlei gedachten’, zegt premier Rutte. Lachend: ‘Maar uiteindelijk moet hij terugkeren in de moederschoot.’ 

Het is nog maar de vraag of dat gebeurt. De VVD-liefde lijkt bij Chabot ver te zoeken. Waarom zit hij dan bij de JOVD? ‘Wat me aanspreekt, is dat het een grote, liberale organisatie is, met drieduizend leden en veel interne discussie. Lang niet iedereen stemt VVD. We hebben GroenLinks- en Forum voor Democratie-stemmers; het liberalisme is zo breed dat veel mensen er hun ei in kwijt kunnen.’

De huidige premier is ook JOVD-voorzitter geweest, wat leidt tot vragen over Chabots politieke ambities. ‘Splinter, sta ik hier met de toekomstige premier?’, vroeg Dionne Stax in haar programma Dionnes Diner.

Die kans is nihil. ‘Ik ga bijna zeker de grotemensenpolitiek niet in’, zegt Chabot. ‘Besturen, wat ik nu doe bij de JOVD, is prachtig, maar dat is iets anders dan politiek bedrijven. Daarbij moet je rekening houden met allerlei belangen, en je voegen naar het partijstandpunt. Ik accepteer geen autoriteit, daarom stond ik op de basisschool ook altijd op de gang.’

Modeliefhebber

In zijn vrije tijd ontwerpt Chabot kleding, en ook tijdens Splinter, in de politiek blijkt zijn liefde voor mode. Met Rutte draagt hij een overhemd met Delfts blauw – een verwijzing naar het tere vaasje waarmee Rutte het land vergeleek. De reacties op Ahmed Marcouch, burgemeester van Arnhem, zijn heftig, ‘zwart-wit, dus trekt Chabot een wit hemd met zwarte stippen uit de kast. Met SGP-leider Van der Staaij draagt hij een roze overhemd en regenboogsokken. ‘Ja, dat is wel een beetje een statement.’

Televisiewereld

Dan liever een carrière in de televisiewereld. ‘Televisie is een sleutel die vele deuren opent. Ik ben nieuwsgierig en als je ziet wie ik voor Splinter, in de Politiek allemaal heb kunnen interviewen: van Sheila Sitalsing (de Volkskrant) tot Wouter de Winther (De Telegraaf) en van Peter Kwint (SP) tot Mark Rutte (VVD).’

In 2017 lanceert DWDD zijn televisiecarrière als hij daar mag aanschuiven als tafelheer. Nu zit hij er regelmatig, ook als politiek deskundige. Waarom is hij zo’n geschikte tafelheer? Presentator Matthijs van Nieuwkerk: ‘Als je je niet een hoedje schrikt als je ouders je Splinter noemen, maar deze naam aantrekt als een maatpak; dan heb je humor, een goed stel hersens, veel zelfvertrouwen en draag je het vrolijke lot van buitenbeentje in grootse stijl.’

En nu heeft hij dus zijn eigen programma. In Splinter, in de Politiek schaatst hij met Asscher (PvdA), neemt hij kranten door met Rutte (VVD) en jogt hij met Jetten (D66). Chabot stelt hen persoonlijke vragen over stress, en over de (on)mogelijkheid om jezelf te blijven in de politiek. Alleen Thierry Baudet (FvD), Geert Wilders (PVV) en Jesse Klaver (GroenLinks) werkten niet mee.

Zoals aangekondigd snijdt hij aan het eind van het gesprek met SGP-leider Van der Staaij de Nashville-verklaring aan. ‘Waarom zou ik van u niet mogen trouwen?’, vraagt Chabot. Een pijnlijke stilte valt er niet. Van der Staaij, bekend met dit soort interviews, beantwoordt de vragen geroutineerd, zich daarbij beroepend op de Bijbel. ‘Daarin is het huwelijk niet neergezet als menselijke uitvinding, maar als een orde die door God is ingesteld, als een levenslang verbond tussen een man en een vrouw.’

‘Ik wil u heel erg bedanken’, zegt Chabot tot slot. ‘Wie weet tot een ander moment. Ofwel hier in dit leven, ofwel bij de grote heer himself.’

In het café, even later, vertelt Chabot dat de mening over homoseksualiteit van Van der Staaij hem niet raakt. ‘Ik denk dat Van der Staaij langer wakker ligt over deze kwestie dan ik.’ Lachend: ‘Ik heb wel andere dingen te doen in bed.’

En wat bedoelde hij met die laatste opmerking, over ‘de grote heer himself’? ‘Als er een hemel zou bestaan, denk ik dat ik daar ook toegelaten zou worden. Ik geloof niet dat God iemand de toegang daarvoor zou weigeren, alleen omdat diegene van iemand houdt.’

Het zesdelige Splinter, in de politiek is vanaf vanavond elke vrijdag te zien om 21.20 op NPO 3

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.