Macy Gray

Onze gids deze week Macy Gray

Soulster Macy Gray gidst ons langs haar favorieten

Macy Gray Beeld Els Zweerink

De Amerikaanse soulster en actrice Macy Gray vertelt in kleedkameroutfit over haar favoriete jurken, films en zangeressen. Voor het beste nachtleven (en de mooiste mannen) moet je naar Europa, vindt ze.

De soulvedette hangt een beetje onderuitgezakt op een bankje in de kleedkamer van TivoliVredenburg. Hier in Utrecht maakt Macy Gray zich op voor haar concert. Voordat ze de soundcheck ingaat staat ze de Volkskrant te woord. ‘Sorry dat ik me niet even heb omgekleed’, verontschuldigt ze zich. ‘Ik voelde me niet lekker en ben even bij de dokter langsgegaan. Even een beetje opladen. Ik ben ook de jongste niet meer.’

Macy Gray is 51. Ze is een graag geziene gast op de Nederlandse poppodia sinds ze in 1999 doorbrak met I Try van haar debuutalbum On How Life Is. Onlangs bracht ze haar tiende plaat uit, Ruby, dat niet verwijst naar een persoon met die naam maar naar de kleur robijnrood. ‘Die kleur associeer ik met opwinding en passie. Het hoort een beetje bij de muziek op mijn nieuwe plaat. Die heb ik gemaakt terwijl ik voortdurend in een soort extase was. Zo blij met de mensen om me heen. Ik had weer hetzelfde gevoel als toen ik twintig jaar geleden begon. Een continue staat van opwinding over wat me allemaal overkwam.’

Ze is dan ook apetrots op haar nieuwe plaat, waarop ze haar rauw raspende stem laat schitteren. De liedjes laveren ergens tussen soul en jazz. ‘Mijn nieuwe platenmaatschappij brengt vooral jazz uit. Maar ik zei meteen tegen ze: je gaat me niet als jazzzangeres presenteren, want jazz verkoopt niet. Ik ben een popzangeres. Altijd geweest, ook al hou ik erg van jazz.’

Werken aan Ruby begon in 2016. Gray was gevraagd een liedje te zingen met popster Ariana Grande. ‘Voor Leave Me Lonely meldde ik me bij de producer thuis. Ik zong wat in en hij raakte steeds enthousiaster over mijn stem en wilde met mij een plaat maken in de stijl van Nina Simone 2020. Het leek me erg veel eer, maar we zijn wel aan het werk gegaan. Er meldden zich andere producers, het label liet me met grote band en koor werken. Alles kon. Ik werd zelf ook steeds enthousiaster.’

Maar dat ze met Ruby een Nina Simone-niveau heeft gehaald, dat gaat haar weer te ver. ‘Die vrouw laat zich door niemand evenaren. Ze was veel te goed en origineel. Ik heb tijdens de opnamen ook nooit aan haar gedacht hoor. Ik heb me volledig op mijn eigen muziek gefocust.’

De nieuwe liedjes gaan, zo zegt ze, gewoon over het leven zelf. Over hoe ze zich voelt nu ze de 50 gepasseerd is. ‘Eigenlijk pak ik de draad weer op van mijn eerste plaat. On How Life Is ging over een vrouw van 30, deze over een vrouw van 50. Nog steeds best gelukkig, en altijd proberend overal het beste van te maken.

‘Ik ben een sloddervos en een beetje lui. Ook een beetje onpraktisch. Ik had me voor de foto best even kunnen omkleden. Daar is nu geen tijd meer voor. Nou ja, dan maar zonder bh. Kom, let’s get on with it.’

Beeld Els Zweerink

1. Videoclip: Rod Stewart: Baby Jane (1983)

‘MTV heeft mijn leven veranderd. Dat kan ik gerust zo stellen. Er was altijd wel muziek in huis. Vooral soul. Mijn vader draaide veel James Brown, mijn moeder Gladys Knight. Ik woonde in een klein plaatsje, Canton, Ohio. Alles was daar nog behoorlijk gescheiden. De jongens luisterden naar rock, de meisjes naar Michael Jackson. Ik kende haast geen andere muziek dan die ik thuis hoorde of zelf speelde op de piano.

‘Toen kregen we in 1983 ineens MTV, dat de hele dag videoclips uitzond. Een nieuwe wereld ging voor me open. Ik vond alles fantastisch en was niet voor de buis vandaan te slaan. De eerste clip waar ik verliefd op werd, was die van Rod Stewart, Baby Jane. Die vrouw daarin met haar roze pak, die saxofoon speelt. Ongelooflijk sexy.

‘Ik kende die hele Rod Stewart niet, maar had meteen zoiets van: dit wil ik ook. Ik had ook niet echt een voorkeur voor een bepaald soort muziek. Ik hield van reggae en van Herbie Hancock. Alles kwam voorbij en ik zoog het allemaal in me op. Ik weet niet wat er zonder MTV van me geworden was.’

2. Film: 400 Blows (Les Quatre Cents Coups, François Truffaut, 1959)

‘Ik wilde na mijn school zo snel mogelijk weg uit Canton. Ik wist dat ik kon schrijven en had mijn zinnen gezet op Californië en dan vooral Los Angeles. Ik schreef me in op alle universiteiten waar ze opleidingen in schrijven hadden.

‘Ook schreef ik me in voor scenarioschrijven. Ik had eigenlijk geen idee wat het inhield en wist ook niet hoe belangrijk het zien van films voor die studie was. We keken de hele dag film, wat weer een andere wereld voor me opende.

‘Veel Hollywood, veel geschiedenis en elke week een buitenlandse film. 400 Blows was de eerste film die ik zag met ondertitels. Ik had nooit zoiets gezien. Alles aan die film fascineerde me. Ik leerde dat dit een nouvelle-vague-film was, wat me toen niks zei. Ik vond gewoon het verhaal leuk. Een jongetje dat moeite had met opgroeien, daar kon ik me in herkennen. Diepere betekenislagen boeiden me niet.’

‘Een jongetje dat moeite had met opgroeien, daar kon ik me in herkennen.’

3. Regisseur: Steven Spielberg

‘Nee, zelfs van Steven Spielberg had ik nog nooit gehoord. Die kwam regelmatig langs. De USC was ook een beetje zijn universiteit, begreep ik later. Er kwamen wel meer grote regisseurs college geven. George Lucas vertelde over Star Wars maar Spielberg vond ik leuker.

‘We keken met de hele klas naar Jaws en moesten daar toen een paper over schrijven. Als ik nu vertel dat ik les gehad heb van Spielberg geloven mensen dat niet. Zelf had ik niet door hoe bijzonder dat was. Ik was naar de USC gekomen omdat ik weg wilde uit Canton. Niet omdat ik zo graag regisseur of filmproducer wilde worden.

‘Roem heeft me nooit geboeid. Spielberg was gewoon een docent die geweldig kon vertellen. Hem over Jaws horen vond ik leuker dan de film zelf. Maar ik wist ook dat het filmvak niet echt iets voor mij was. Schrijven vond ik leuk, maar scenario’s maken is een andere tak van sport dan liedjes of verhaaltjes schrijven.’

‘Spielberg kon geweldig vertellen. Hem over Jaws horen vond ik leuker dan de film zelf.’ Beeld Getty

4. Acteur: Marlon Brando

‘Hoewel het niet iets voor mij was, had ik het wel erg naar mijn zin daar. De hele dag film kijken is natuurlijk ook niet verkeerd. En ik zal er ook wel iets van opgestoken hebben, want sinds ik in 2002 gevraagd ben voor een rolletje in Training Day, gewoon door iemand die mijn plaat leuk vond, word ik regelmatig gevraagd voor film- of tv-rollen.

‘Nooit heel groot, maar altijd heel leuk om naast zingen te blijven doen. Doordat ik weleens voor de camera heb gestaan, begrijp ik hoe moeilijk het is om goed te acteren. Dat doe je niet zomaar, dat moet echt in je zitten. Iemand als Samuel L. Jackson bijvoorbeeld is helemaal verslingerd aan acteren, dat zie je aan alles. Of hij nu in een goede of slechte film speelt, altijd geeft hij zich helemaal.

‘Sam is een favoriet, maar mijn lievelingsacteur is Marlon Brando. Vooral toen dat nog een mooie jonge vent was in films als A Streetcar Named Desire (1951) en On the Waterfront (1954). Altijd als ik die films zie, kan ik mijn ogen niet van hem afhouden.

‘Wat een lekker ding was dat zeg. Tuurlijk, die films zijn fantastisch, maar het was Marlon die het verschil maakte. Ik geloof niet dat ik ooit mooiere mannen gezien heb dan hij. Toen dan, want in The Godfather was hij gewoon een oude man.’

‘Mijn lievelingsacteur is Marlon Brando. Vooral toen dat nog een mooie jonge vent was in films als A Streetcar Named Desire (1951).’

5. Boek: Nina Simone: I Put A Spell On You (2003)

‘Ik ben helemaal geen boekenlezer. Sinds ik van school ging en geen boeken meer hoefde te lezen, heb ik ze ook nauwelijks aangeraakt. Ze interesseerden me domweg niet. Ik pak graag een tijdschrift als Wired over nieuwe techniek en wetenschap. Dan wil ik best mijn hersens even pijnigen. Maar boeken schrikken me af. Geen idee waarom.

‘Al moet ik zeggen dat sinds ik mijn dochter met haar scriptie moest helpen ik wel aardigheid heb gekregen in biografieën. Zij wilde iets schrijven over de autobiografie van Nina Simone en vroeg me of ik mee wilde lezen. Dat deed ik en ik was verbijsterd. Wat een fantastische vrouw en wat een krankzinnig turbulent leven. Geen idee of het allemaal waar is wat ze schreef, het is natuurlijk haar verhaal. Maar wat heeft die een hoop ellende meegemaakt.

‘Ze kon fantastisch pianospelen maar mocht geen carrière maken als klassiek pianist omdat ze zwart was. Het liefst had ze het bij pianospelen gehouden, maar toen ze een baantje in een club vond, moest ze erbij gaan zingen. Dat deed ze natuurlijk geweldig, maar haar hart lag eigenlijk bij de klassieke piano en daar heeft ze nooit in mogen excelleren.’

6. Zangeres: Billie Holiday

‘Scenarioschrijven was niks voor mij. Ik merkte dat muziek me toch wat beter lag toen ik wat liedjes ging schrijven voor schoolvrienden. Nooit echt met de bedoeling om zelf te gaan zingen. Ik had ook helemaal niet het soort stem dat in de jaren negentig populair was. Mariah Carey en Whitney Houston zongen met die lange uithalen in hun stem. Dat belten kon ik helemaal niet en wilde ik evenmin.

‘Ik houd van Billie Holiday. Ik heb mezelf haar rustige maar diepe manier van zingen bewust aangeleerd. Een goed deel van de jaren negentig was het vooral een soort imiteren. Langzaam gaf ik iets van mezelf in mijn zangstem. Wat ik van Billie ook zo goed vind, is dat je al haar teksten woordelijk kunt verstaan.’

Billie Holiday in New York, 1947. ‘Ik heb mezelf haar rustige maar diepe manier van zingen bewust aangeleerd.’ Beeld Getty

7. Mode: Valentino

‘Mijn favoriete modehuis is dat van Valentino. Betaalbaarder en ook mooier dan Gucci en Versace. Nu klink ik als een kenner, maar dat ben ik niet hoor. Ik haat modeshows, maar vind het natuurlijk wel fijn om iets moois aan te trekken als ik het podium op ga.

‘Ik heb thuis enkele jurken van Valentino hangen, maar die pas ik allang niet meer. Vind nieuwe Valentino’s toch te duur, dus wat ik nu weleens doe is een foto van zo’n jurk maken en die doorspelen aan mijn vaste kleermaakster. Ja, dat is natuurlijk een beetje valsspelen, maar wel een stuk goedkoper. Het merk interesseert me niet, het gaat me om het model.’

‘Ik heb thuis enkele jurken van Valentino hangen, maar die pas ik al lang niet meer.’ Beeld Getty

8. Land: Spanje

‘Ik mag dan wel over de 50 zijn, ik houd nog steeds erg van het nachtleven. Hoewel ik niet meer zonder LA zou kunnen, waar al mijn vrienden en kennissen wonen, is het nachtleven daar echt helemaal niks. Best gek voor zo’n wereldstad, maar je hebt er geen behoorlijke clubs, waar je van die lekkere oude soul hoort. En ook al geen goede drugs.

‘Als ik me echt in het zweet wil dansen, ga ik liever naar Europa. Ik heb een zwak voor Amsterdam, de eerste stad waar ik gewoon lekker wiet mocht roken en ook vanwege de casino’s. Een andere hobby van mij. Ik zou hier best willen wonen, maar vrees dat ik dan niet achter de blackjack-tafel vandaan kom.

‘Daarom kies ik voor Spanje. In Madrid en vooral Barcelona is het geweldig uitgaan. Het eten is er veel beter dan in LA, waar elke week weer een nieuwe sushi-tent wordt geopend. Daar heb ik echt genoeg van.

‘En dan natuurlijk de mannen. Ook niet onbelangrijk als ik uitga natuurlijk. Sorry, ik wil je niet beledigen hoor. Ook Nederlandse mannen zijn mooi, maar ik vind ze nergens zo aantrekkelijk als in Spanje.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.