smeltend schuim

Ambachtelijke tradities en technische innovaties hoeven elkaar niet uit te sluiten, zo blijkt in het Textielmuseum in Tilburg. Traditionele stoffen zijn daar met nieuwe technieken bewerkt en nieuwe materialen kregen een ambachtelijke behandeling....

Er klopt iets niet aan de trui Argyle Pullover van het ontwerpduo Luna Maurer/Roel Wouters. Het ruitmotief is weliswaar klassiek. Maar onderin loopt het patroon helemaal schots en scheef – alsof de weefmachine op hol is geslagen. Het is eigenlijk een kledingstuk dat je eerder verwacht in de vuilnisbak dan op een paspop in de tentoonstellingszaal van het Textielmuseum in Tilburg, waar doorgaans de prachtigste creaties zijn te bewonderen.

Toch zit er wel degelijk een logica achter het exposeren van deze mislukte trui. Het motief wekt de illusie dat de trui gekreukeld op de grond ligt. Wat in eerste instantie een weeffout lijkt, is in werkelijkheid een vernuftig dessin dat met een uiterst complex weefprocedé (het patroon werd uitgetekend op een computer) tot stand kwam.

De Argyle pullover (2004) is te zien op High Tech Low Tech, een tentoonstelling die het spanningsveld verkent tussen ambachtelijke tradities en technische innovaties bij de verwerking van textiel. Getoond wordt werk van echte textielontwerpers als Ulf Moritz en Simone van Eerdenburg maar ook van ‘duizendpoten’ als Wieki Somers, Scholten & Baijings en Hella Jongerius.

Deze ouderwetse trui met high-techpatroon is niet het enige werk dat bezoekers van het Textielmuseum op het verkeerde been zet. Iets verderop hangt in een halfopen vitrinekast een eenvoudige lap witte katoen die elke stoffenhandel in zijn assortiment heeft. Maar als het licht in de vitrinekast wordt gedempt, gloeit een abstract lijnenspel van zachtgroene banen na. In het witte katoen zijn stroken fluorescerend stof mee geweven. Wás er maar een stoffenhandel waar je dit lichtgevende katoen per strekkende meter kon kopen.

De oh’s en ah’s die deze expositie oproept, zijn dus niet alleen van verbazing maar ook van hebberigheid. Het is maar goed ook dat er overal bordjes hangen met ‘niet aanraken’, want de drang om deze stoffen door de vingers te laten glijden is bijna niet te beheersen. Gelukkig is veel van dit high tech textiel vervaardigd in het Textiellab, de fabriekshal in het Textielmuseum waar bezoekers vrij kunnen rondwandelen langs de computergestuurde weeftouwen en andere ingenieuze machines, en kunnen ze af en toe ook wat stalen textiel betasten.

Bij tafellakens en servetten van Chris Kabel gaat het om alledaags materiaal (kant) dat met een moderne techniek is bewerkt. Met een laser is een symmetrisch patroon van streepjes en puntjes in het kant gesneden. Leuk detail: de gaten bevinden zich precies op de vouwlijnen, waardoor het voortaan een koud kunstje is om het servet in de juist vorm te draperen. Hetzelfde uitgangspunt (nieuwe bewerking van traditioneel materiaal) hanteert Tjeerd Veenhoven, die stroken kant met een oubollig motief op hete platen schuim heeft gelegd. Het kant hecht zich aan het smeltende schuim, wat handige wandpanelen oplevert met bloemetjesbehang in een bizar reliëf.

Omgekeerd worden er ook hypermoderne materialen getoond die juist met ambachtelijke handwerktechnieken zijn verwerkt. Zo ligt er ook een klein lapje stof uitgestald van ontwerpster Mariëlle Leenders. Door prachtige, donkerroze katoen zijn heel kunstig kleine blokken blauw zijde geweven. Pas als het textiel met de naastliggende föhn wordt verwarmd, geeft het zijn geheim prijs. Door de stof loopt lang ragfijn geheugenmetaal dat bij warmte krimpt, waardoor dit ‘intelligent textiel’ opbolt in regelmatige golven.

Bij de Bobbin Lace Lamp van Niels van Eijk is de enige link met textiel de manier waarop het materiaal is verwerkt. Deze gekantkloste kroonluchter bestaat uit vijfhonderd meter lichtgeleidend glasvezel. Het halogeenlicht dat door de draden wordt geprojecteerd, wordt alleen zichtbaar daar waar een knoop zit en de draad breekt.

Maar het zijn niet alleen maar futuristische snufjes met een hoog Chriet Titulaer-gehalte die worden gepresenteerd. Bij sommige ontwerpen is eigenlijk alleen het idee high tech. Ontwerpster Diane Steverlinck maakte een plaid van oud karton, dat ze net zo lang kneedde tot een soepel materiaal ontstond. Vervolgens bekleedde ze dat aan de binnenkant met linnen. Dit intrigerende kleed van geplooid karton maakt echt niet minder hebberig dan lichtgevende gordijnen of computergestuurde truien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden