Smeltend beeld van Coen als afrekening met kolonialisme

Met smeltende beelden uit de koloniale tijd wil de Indonesische kunstenaar Iswanto Hartono zeggen dat de herinneringen aan Nederland langzamerhand verdwijnen. 'De Japanse bezetting is veel intenser beleefd.'

Iswanto Hartono werkt in de Oude Kerk in Amsterdam aan het beeld van Jan Pieterszoon Coen.Beeld Guus Dubbelman / Volkskrant

In de Oude Kerk in Amsterdam staat een wassen beeld van de ooit vereerde, nu enigszins verguisde, Jan Pieterszoon Coen - compleet met lont. Die lont is donderdag, bij de opening van de tentoonstelling waarvan het beeld deel uitmaakt, ontstoken. En hij zal blijven branden tot 15 november - de slotdag van de tentoonstelling. Het beeld van Coen zal dus voortdurend van aanzien veranderen en uiteindelijk worden gereduceerd tot een vormeloze hoop gestold kaarsvet.

Wat de maker, de Indonesische kunstenaar Iswanto Hartono (1972) hiermee wil zeggen? De fik in het kolonialisme natuurlijk. Maar ook dat de herinneringen aan Nederland in het vroegere overzeese gebiedsdeel langzaam vervagen. Een nuchtere vaststelling. Zonder spijt maar ook zonder wrok.

'Poëtisch commentaar'

De brandende Coen was in zijn oorspronkelijke staat een replica van een standbeeld dat tot 1942, toen de Japanners het verwoestten, op het Waterlooplein in Batavia stond. Het wordt geflankeerd door andere, verdwenen of nog bestaande, constructies uit de koloniale tijd: de voormalige Nieuwe Kerk in Batavia, de sterrenwacht, de vuurtoren Vlakkenhoek op Sumatra, en Fort Belgica op het eiland Bandaneira. Die zullen de komende weken hetzelfde proces ondergaan als het standbeeld van Coen.

Een 'poëtisch commentaar' van Iswanto Hartono op het verdwijnend besef dat Nederland en Indonesië een gedeeld verleden hebben. Dat viel hem pas op toen hij, een jaar of tien geleden, in Delhi studeerde: daar was het Britse verleden, in gebouwen en instituties, nog overal zichtbaar. Anders dan in zijn eigen land.

In Nederland mag Jan Pieterszoon Coen dan enigszins omstreden zijn, Indonesiërs oordelen tamelijk mild over hem - gesteld dat ze het überhaupt nog over hem hebben. 'Coen staat in de eerste plaats bekend als gouverneur-generaal en grondvester van Batavia, en pas in de tweede plaats als de man die op grote schaal heeft gemoord op de Banda eilanden', zegt Iswanto Hartono. 'Hij was een snoeiharde kolonisator, maar hij geniet ook een zeker respect. Het oordeel over hem is dus nogal dubbelzinnig.'

Nederlanders op hun beurt, zijn zich er volgens Iswanto Hartono niet altijd van bewust dat oude beelden van de koloniale verhoudingen nog altijd pijnlijk kunnen zijn. Daarnaar verwijst zijn draadstalen replica van het omstreden Gouden Koets-paneel 'Hulde der Koloniën': in fel kunstlicht werpt de constructie scherpe schaduwen op een wit gestucte muur van de Oude Kerk. 'Ik vraag mij af of een koets waarop dienstbare Javanen staan afgebeeld nog wel door de straten van Den Haag zou moeten rijden. Misschien kan hij beter in het Rijksmuseum worden tentoongesteld. Met een verklarende tekst.'

Overigens geselt hij ook zijn eigen regering met het verleden. Zo liet hij in 2009 in een stelsel van zinken waterbakken - een verwijzing naar de kanalen van Batavia - een bootje ronddrijven waarin de toenmalige president Yudhoyono broederlijk naast Jan Pieterszoon Coen zat. Daarmee wilde Iswanto laten zien dat corruptie een constante is in Indonesië: de VOC is er ooit aan bezweken, dat zou ook het lot van Yudhoyono kunnen zijn.

Japanse bezetting

In zijn eigen familie roept het kolonialisme associaties op met de kalme jaren vóór de Japanse invasie en de dekolonisatieoorlog die daarop volgde. Hij toont vooroorlogse foto's van jachtpartijen in weelderig groen waaraan zijn grootvader deelnam. 'De Japanse bezetting duurde slechts drie jaar, maar ze is veel intenser beleefd dan de 350 jaar Nederlandse overheersing die eraan voorafging. De dwangarbeid, de zogenoemde troostmeisjes die hun diensten aan de Japanse soldaten moesten aanbieden... Het is in het collectief geheugen opgeslagen. In de gangbare perceptie zijn de Japanners de bad guys. Meer dan de Nederlanders.'

En de oorlog tegen de Nederlanders van 1945 tot 1949? Die is gehuld in de romantiek die overwinnaars kunnen koesteren. 'De mensen praten erover met een glimlach op de lippen.' Maar die glimlach verdwijnt als het gaat om Raymond Westerling, de commandant van de 'speciale troepen' die oorlogsmisdrijven op Zuid-Celebes hebben gepleegd.

Obama met Yudhoyono en zijn vrouw.Beeld reuters

Dat is ook de ervaring van historica Anne-Lot Hoek, die het optreden van de Nederlandse troepen op Bali onder de loep neemt. Ze doet dat als onderdeel van het door het kabinet-Rutte gefinancierde wetenschappelijke onderzoek naar de dekolonisatie. 'Ik heb vrijwel geen vijandigheid ondervonden, maar dat betekent niet dat ze er niet is. Eén keer ontmoette ik een oude veteraan die Nederlands geweld had ondervonden en die in eerste instantie niet met mij wilde praten. Na een tijdje brandde hij alsnog los. Hij vond het prettig zijn verhaal na zo'n lange tijd te kunnen doen. In een dialoog verdwijnen tegenstellingen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden