Sloop bedreigt 'symbool van het jaar 2000'

De bestuurders van dit land volharden in hun stijfkoppige hardleersheid. Ze blijven de dienaren van het 'luisterrijk gierigaardsstelsel' dat Holland op zijn smalst typeert....

Hilde de Haan en Ids Haagsma

Nu is het weer de gemeente Dronten in Flevoland. Aan het eind van deze maand gaan burgemeester en wethouders de raad voorstellen het multifunctionele centrum de Meerpaal te slopen.

Als je langs de sombere doos van 70 bij 50 meter op het centrale plein van Dronten, De Rede, loopt, kun je zelfs een beetje begrip opbrengen voor dat besluit. Het centrum ziet er vermoeid, lusteloos uit. Even kun je nog ontroerd glimlachen om het houten, in de grond wegzinkende restaurant De Souffleur. Dat oogt wel erg eigentijds met zijn scheve vormen, maar om de hoek slaat de wanhoop toe.

Het zwarte pannendak van de Hema zet zich zonder pardon voort in de hoekige doos van staal en glas. De achterkant, bij het parkeerterrein, oogt al even morsig. Het heeft er veel van weg dat het raadsbesluit slechts een formaliteit is. De moord op de Meerpaal heeft zich al eerder voltrokken.

De Meerpaal verdient het niet om te verdwijnen. Vooral niet omdat het een essentieel onderdeel is van de jonge geschiedenis van het stadje Dronten. Steden horen hun verleden te koesteren, uit eerbied voor vorige generaties maar nog meer uit respect voor latere generaties die moeten kunnen zien en begrijpen hoe een stad is gegroeid.

Maar de stadsbestuurders van Dronten hebben andere plannen. Schuin tegenover de Meerpaal halen bulldozers al panden weg. De gemeente beschouwt zijn gebouwen als tijdelijke vulsels die je, naar de waan van de dag, als ware ze een beeldmerk op het briefpapier, naar eigen goeddunken om de zo veel tijd kunt vervangen.

Eens stond Nederland op zijn kop voor de Meerpaal. Van verre, en vooral uit Duitsland en Engeland, kwam men kijken naar dat fenomeen van architect Frank van Klingeren (1919). Zoiets was nog niet eerder vertoond: een indrukwekkende hal als een overdekt stadsplein, als een plaats van samenkomst, als een ware Agora. Of zoals Van Klingeren het zelf destijds formuleerde: 'Een instrument, een situatie, waarin van alles kan gebeuren met: 60 procent perfectie, 20 procent hinder en 20 procent ontmoeting.'

Congressen, massameetings, beat, symfonieorkest, dans, spontane opwelling, markt, volkskerstzang, restaurant, massa-eetpartijen en de brullende leeuw op het witte doek, dat alles en nog veel meer moest kunnen in de Meerpaal. Afzonderlijk, maar liefst ook tegelijk zodat er onderlinge uitwisseling zou plaatsvinden.

Het was 1968. De verbeelding was even aan de macht, zeker achter het tekenschot van Van Klingeren. Hij ontwierp een simpele, rechthoekige doos van staal en glas, zodat de Agora ook echt zichtbaar was. Aan de zijkant plaatste hij twee uitstulpende, witte stenen doosjes, de een op de grond, de ander lichtvoetig op ranke kolommetjes. Die lage doos was groot, leek in de voorgevel te zijn geschoven en bevatte de ingang met een stalen luifel. Links daarvan was dat scheefgezakte restaurant, eerlijk gestut door stoere dukdalven, meerpalen dus. Humor in de architectuur is levensgevaarlijk, maar dit was goede humor in het net op het water veroverde Oost-Flevoland.

In het gebouw was de ruimte licht en vooral leeg en open, met in de hoek een opvallend ovalen amphitheater als een open en uitnodigende arena. Het idee van een multifunctioneel centrum was destijds verrassend. Van Klingeren maakte een goed bouwwerk in de beste traditie van het heldere, open en vooral menselijke bouwen waarmee Nederland deze eeuw een klein beetje naam heeft gemaakt.

Van Klingeren wilde geen relikwie van het verleden, hij wilde, schreef hij in 1968, 'een symbool van het jaar 2000'. Het bleek echter moeilijk om de verbeelding achter het tekenschot te verplaatsen naar de stugge bewoners van de nieuwe polder. In het begin enthousiasmeerde de Agora, maar toen kwamen de klachten. En al gauw meer dan de 20 procent die Van Klingeren voorspelde. Bezoekers van het amfitheater klaagden over geluiden elders in het gebouw en omgekeerd. Het had wellicht met een beetje goede planning kunnen worden opgevangen, maar Dronten was blind voor het 'symbool van het jaar 2000'.

In 1987/'88 werd de Meerpaal ingrijpend verbouwd door L. Reinalda en H.L. Bakker, ondanks heftig verzet van Van Klingeren. Het gebouw moest geschikt worden gemaakt voor een commerciële exploitatie en de openheid werd opgevuld door nieuwe vertrekken, het amfitheater werd met een glazen wand ommuurd zodat de Meerpaal toch nog een 'relikwie van het verleden' werd.

Inmiddels geeft zelfs het bestuur van Dronten toe dat de verbouwing de oorspronkelijke opzet danig heeft verminkt. En het werd erger en erger. Steeds meer glas verdween, ramen werden geblindeerd en de van zijn karakter beroofde Meerpaal werd een geliefd object voor vandalisme.

Dorre, fantasieloze cijferaars van het ingenieursbureau DHV hebben geheel naar de wens van de opdrachtgever, de gemeente, berekend dat sloop en nieuwbouw goedkoper is dan herstel. Over cultuur en historie, over continuïteit en piëteit, geen woord.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden