Sjok en och

De Golfoorlog, de Eerste, was rijk aan nieuwe taal. Verscheidene journalisten signaleerden termen als 'smart bombs', 'daisy cutters', 'surgical strikes', 'friendly fire' en 'collateral damage.'

Max Pam maakte er nog een boekje over, Klein Woordenboek van de Golfcrisis (uitgeverij Bert Bakker, 1991).

Over de taal van deze nieuwe oorlog lees je bijna niets.

Hoe zou dat komen? Het klinkt navrant, maar de Eerste Golfoorlog had haast iets feestelijks. Dat gaat nogal ver, maar toch is het zo.

De hele westerse wereld stond achter de Eerste Golfoorlog. De overtreding was evident, de dader deed het met opzet en zou het zeker opnieuw doen als hij niet gestraft werd, het slachtoffer was onschuldig en (relatief) goedaardig, kortom, er was geen twijfel dat hier moest worden opgetreden. Saddam Hussein had erom gevraagd, en hij kon het krijgen.

Het nooit eerder vertoonde hightech spektakel, dampend opgediend door de geboren standwerker Norman Schwarzkopf, maakte het vertier compleet. Het kon! De westerse wereld had een methode gevonden om een geopolitiek vergrijp te corrigeren zonder dat er een druppel onschuldig bloed vloeide!

Dit was het begin van een nieuw tijdperk, het tijdperk van de nieuwe oorlog (al leek dat woord ook meteen heel ouderwets). Schoon, spannend, en moreel bevredigend als de showdown aan het eind van een John Wayne-film, waarbij de bad guy in het stof bijt en het vredige dorpsleven zijn loop herneemt. Bij dat nieuwe tijdperk hoorde een nieuwe taal, was de boodschap van die stukjes en dat boekje van Pam, een nieuw vocabulaire dat we in de toekomst vaker nodig zouden hebben.

Hetgeen dus niet het geval blijkt.

Hét knelpunt van deze campagne, net als toen, is het sparen van burgerlevens, toch gebruikt niemand de term collateral damage. De ene surgical strike na de andere treft nachtelijk Bagdad, maar dat woord hoor je niet. Een enkele keer wordt gesproken van 'smart bombs', maar vooral ter aanduiding van wat voorafging aan de J-DAM (Joint Direct Attack Munition).

Ook die bravoureuze briefings ontbreken. Toen brachten een sympathieke, zwarte minister van Defensie en een goedlachse generaal ons de klinkende resultaten van een terechte actie, nu moeten we het doen met een diepgelovige havik en een paar flairloze, microfoonschuwe managers die moeizaam maar tevergeefs proberen hun dubieuze operatie af te schilderen als een succes.

We zitten in onze maag met deze oorlog, niemand is er écht enthousiast over, Europa kan geen standpunt bepalen, Engeland negeert zijn eigen publieke opinie, de VS durven niet all-out te gaan en wat destijds het ei van Columbus leek, blijkt gewoon het ei van '91, dat niet goed bleef tot 2003.

Er wordt ook weinig over deze oorlog gepraat, valt me op. Op televisie wel, al is dat ook snel minder geworden, maar in privé-kring wordt het onderwerp gemeden. De hele onderneming is pijnlijk, ongemakkelijk en gênant. Het liefst willen we het maar zo snel mogelijk achter ons laten. Zo opgetogen als we toen de nieuwe termen turfden, zo beteuterd turen we nu naar het tafelblad.

De enige uitdrukking die van deze oorlog zal overblijven is waarschijnlijk 'shock and awe'.

'Sjok en och', zeggen wij in huize Hedenlands.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden