REPORTAGE

Situatie in Polen nog geen probleem voor Fotomaand Krakau

Krakow Photomonth Festival

Het internationale fotofestival in Krakau moet zich staande houden in het toenemend conservatieve, xeno- en homofobe Polen. Vooralsnog slaagt het daarin op soms overrompelende wijze.

When the Twins were still beautiful. Beeld Thomas Kuijpers

Crisis, What Crisis?!, is het op het eerste gehoor weinig originele thema van de met Pinksteren geopende Fotomaand in het Poolse Krakau. Het thema sluit evenwel nauw aan bij de actualiteit in de fotografie én bij de politieke situatie in Polen. Waar het festival de blik richt op nieuwe visuele vertelvormen, dreigt de nationalistisch-conservatieve Poolse regering ruimdenkende en vooruitstrevende culturele initiatieven juist op de korrel te nemen.Van die dreiging is bij de veertiende editie van het festival nog niets merkbaar.

Uiteenlopende gezindten bevolken in het pinksterweekeinde de straten van de historische binnenstad. Onder de kastanjebomen vieren jonge meisjes in witte gewaden en met bloemetjes in hun haar Maria Meimaand. Duizenden uitgeputte, rillende marathonlopers hullen zich na de finish in goudkleurige isolatiedekens en even lijkt het zo alsof de stad wordt overspoeld door de vluchtelingen waartegen de Poolse regering stelling neemt. In het park wordt met foto's Krakaus zoon paus Johannes Paulus II geëerd. En tegenover het stalinistische betonpaleis van het Nationale Museum demonstreren tientallen skinheads, in bedwang gehouden door de politie, tegen homo's.

Sportfanaten, devote roomsen noch de beangstigende hooligans vormen de primaire doelgroep van Fotomaand Krakau. Maar met de opkomst van vooral jonge Polen bij het tiental locaties waar wordt geëxposeerd, is er toch een hoopvol groot publiek voor het festival. Dat festival schuwt ernst en een appel op de intelligentie niet, maar weet tegelijk met humor en weldoordachte multimediale presentaties te overrompelen.

Krakow Photomonth Festival, nog t/m 12/6

Consistent

Knap aan het crisisthema is dat het consistent is uitgewerkt op alle exposities, terwijl die niet aan eenvormigheid lijden - de verdienste van de Duitse hoofdcurator Lars Willumeit. Een crisis is een veelkoppig monster, dat zich manifesteert op politiek, fotografisch, artistiek, cultureel en persoonlijk terrein. Het is niet alles treurnis, ook de eruit voortvloeiende mogelijkheden worden belicht.

De fotografie zelf is een mooi voorbeeld van zo'n ambigue crisis. Als gevolg van de teruglopende oplagen van gedrukte media hangen veel traditionele persfotografen hun camera definitief aan de wilgen. Tegelijk neemt het aanbod van digitale, technisch hoogwaardige fotografie nog steeds sterk toe, waardoor het fotografen moeilijker wordt gemaakt zich te onderscheiden. Prijsval, inkomens- en beroepsverlies zijn het gevolg.

Ook op de autonome fotografie hebben de overdaad van en de gewenning aan hoogwaardig beeld hun weerslag. Fotografen realiseren zich dat mooie, indringende of ontroerende foto's alléén niet langer volstaan om een publiek voor hun werk te interesseren. Uiteraard is het, in de eerste plaats, hun eigen passie die hen op zoek doet gaan naar nieuwe uitingsmogelijkheden.

Multimediale producties

Het festival, in het spartaanse hoofdkwartier van een voormalige 19de-eeuwse sigarettenfabriek, toont talrijke vormen van multimediale producties. Poppy, het jaren en continenten omspannende, succesvolle documentaire project van de Nederlanders Robert Knoth en Antoinette de Jong is daarvan een voorbeeld. Bij hun zoektocht naar het spoor van ellende dat de productie, handel en het gebruik van heroïne trekt, combineren ze op een 10 meter breed projectiescherm een mix van hun eigen foto's en video's met van internet geplukt materiaal. Zo maakt een obscuur filmpje van een kind-junkie die staand, stuiptrekkend op straat de high ondergaat na een shot deel uit van de presentatie, net zo goed als de prachtige landschapsfoto's uit Afghaanse valleien waar de papaver bloeit. Het huiveringwekkende beeld van dat jongetje hadden we nooit zelf kunnen maken, al hadden we een jaar de tijd gehad, vertelde Knoth zaterdag aan het Poolse publiek. En waarom zou je het dan niet van internet halen, als dat het grote verhaal dient?

Talrijke mengvormen zijn er te zien in Krakau. Annette Behrens' project richt zich op een vakantiehut voor SS'ers die in vernietigingskamp Auschwitz (een uurtje rijden vanaf Krakau) werkten. Haar expositie bevat archieffoto's uit het privéarchief van een SS-commandant, haar eigen kleurenfoto's van die hut, documenten die verband houden met het werk van de commandant (een bestelformulier voor Zyklon B) en, in al zijn banaliteit indrukwekkend: een vloertegel uit de hut waarover eens de SS-laarzen schuifelden, wellicht bij een dansje met de dames.

Geldstromen

Het beleid van de conservatieve Poolse regering laat, aldus directeur Aga Dwernicka van Fotomaand Krakau, een verschuiving zien van geldstromen. Experimentele en vernieuwende kunstvormen krijgen met kortingen te maken, terwijl er meer geld wordt uitgetrokken voor steun aan de katholieke kerk en het traditionele gezinsleven.

Fotomaand Krakau is niet alleen van de overheid afhankelijk voor subsidie. Ook de stad steunt het festival, alsmede private instellingen.

Fotografen-kunstenaars

Nog een stap verder verwijderd van de traditionele werkwijze van de fotograaf (lees: opname maken, bewerken in studio of op computer en afdrukken) is een kunstenaar als Thomas Kuijpers. Hij presenteert in een afgeschermd deel van een zaal, als een kapel in een kathedraal, zijn verzameling memorabilia van de Twin Towers in New York. Zijn filosofie: wij kunnen onze herinnering aan het World Trade Center niet los zien van de horrorbeelden van 9/11, maar daar kan verandering in worden gebracht. Met de posters, schilderijen, handdoeken en toeristische frutsels doet Kuijpers een even vrolijk stemmende als geslaagde poging om de terreur van toen - voor even - te overstijgen met een bombardement van foto's uit de tijd dat de torens nog prachtig waren. Zelf maakte Kuijpers geen foto - een fotograaf zonder camera.

Zo zijn er meer fotografen-kunstenaars die zich archiefbeeld of foto's van anderen toe-eigenen en daar een draai aan geven. Zoals het Oost-Europese collectief Sputnik, dat installaties maakt met foto's uit de sovjeticonografie van frisgewassen pioniers, kraakheldere modernistische architectuur en overvloedige oogsten, maar ook uit het duistere geheime verleden van massamoorden en de KGB.

En prachtig is het ook hoe het Italiaanse driekoppige collectief Discipula de slang van leugenachtig photoshoppen in zijn eigen staart laat bijten. Ze benutten de computerverbeelding van het omstreden ontwerp voor de Garden Bridge in Londen om twijfel te zaaien over de gepropageerde esthetische en groene kwaliteiten van de brug.

Sputnik - The Lost Territories. Beeld Sputnik Photos

Verkennen

Zo verkennen kunstenaars en fotografen in Krakau op uiteenlopende manieren de achterkant van beeldinfomatie en de coulissen van het wereldtoneel. Er is het intieme en ongemakkelijke zelfonderzoek door de Poolse Aneta Grzeszykowska, die haar lichaam als een fotografisch patholoog-anatoom ontleedt en de afzonderlijke delen - borst, handen, aangezicht, romp - als macabere stillevens presenteert. En er is het monnikenwerk van de Zwitser Yann Mingard, die de besloten wereld van fokprogramma's, zaadveredeling, het gesleutel aan het DNA van flora en fauna en de opslag van plantenzaden in de bodem van Spitsbergen minutieus vastlegt.

En dan de olifant in de kamer: de vluchtelingenstromen en het daarmee samenhangende opbloeiende nationalisme in Polen en andere Europese landen. Het beest wordt niet genegeerd, maar speelt ondanks zijn forse omvang geen hoofdrol. Er is de tentoonstelling New Europe van de Engelse Paul Graham, met foto's van rond 1990 die visionair mogen heten. Zijn werk toont een continent op drift, met een onderstroom van onvrede, een plek waar individuen - gemeenschapszin is nergens zichtbaar - allen onderhevig zijn aan hun eigen kater. En het fameuze Refugee Republic, de nauwgezette visie op een Syrisch kamp in Irak van fotograaf Dirk Jan Visser en tekenaar Jan Rothuizen, wordt getoond.

De kwade geest van oorlog, onderdrukking en vlucht waart dus wel rond, maar toont zich in Krakau meer in projecten over de Tweede Wereldoorlog en de naweeën van de communistische dictatuur dan over de actualiteit.

Paul Graham - Woman smoking cigarette, uit de serie New Europe. Beeld Pace/Mac Gill Gallery

In het najaar moet Fotomaand Krakau een nieuwe aanvraag indienen voor overheidssubsidie. Als directeur Aga Dwernicka (34) de politieke signalen uit Warschau juist interpreteert, is de kans aanwezig dat ze het zonder die subsidie moet stellen, tenzij ze bereid is fotografie te programmeren die getuigt van vaderlandsliefde en die geen controverse oproept. Ze wijst niet bij voorbaat elke overheidsbemoeienis met de programmering af: 'Zolang ik mezelf maar geen geweld hoef aan te doen. We moeten onze weg vinden in de nieuwe situatie en bekijken waar we in de praktijk mee te maken krijgen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.