Interview Kate Kirkpatrick

Simone de Beauvoir, de willoze muze van Jean-Paul Sartre? Bepaald niet, zegt filosoof Kate Kirkpatrick

Een slaafse discipel, de willoze muze van Jean-Paul Sartre? Bepaald niet, zegt de Amerikaanse filosoof Kate Kirkpatrick. Met haar nieuwe biografie wil ze het beeld bijstellen. ‘Wat De Beauvoir schrijft over ethiek, is relevant voor iedereen.’ 

Beeld Silvia Celiberti

‘De knapste existentialist die je ooit hebt gezien’, schreef The New Yorker over Simone de Beauvoir. ‘Een vrouw die denkt als een man’, meende Vogue haar te complimenteren. Direct na de oorlog was Simone de Beauvoir een intellectuele wereldster, de onconventionele, elegante vrouw aan de zijde van Jean-Paul Sartre.

In de loop der jaren taande haar reputatie, schrijft de Amerikaanse filosoof Kate Kirkpatrick in haar nieuwe biografie Becoming Beauvoir – A Life. Gaandeweg werd De Beauvoir gezien als een aanhangsel van Sartre. In seksueel opzicht: hun befaamde ‘open relatie’ werd steeds meer beschouwd als een duivelspact dat Sartre in staat stelde een uitputtende reeks jonge vrouwen te verleiden, terwijl De Beauvoir gefrustreerd achterbleef. ‘De Beauvoir: Sartres seksslaaf?’, schreef zelfs het eerbiedwaardige Times Literary Supplement in 2001. En in filosofisch opzicht: Notre-Dame-de-Sartre werd ze genoemd, een discipel, een muze, een imitator. Bij haar dood in 1986 velde Le Monde een vernietigend oordeel: De Beauvoir populariseerde de ideeën van Sartre, maar bracht zelf niets nieuws.

Amerikaanse filosoof Kate Kirkpatrick Beeld John Cairns

Becoming Beauvoir is een herwaardering van Simone de Beauvoir. Sinds haar dood hebben nieuwe bronnen aangetoond dat zij geen willoos slachtoffer was van de demonische Sartre, maar een seksueel actieve vrouw die er gepassioneerde relaties op nahield, onder meer met een reeks jonge vrouwen, met de journalist Jacques-Laurent Bost, de Amerikaanse schrijver Nelson Algren en de cineast Claude Lanzmann, de maker van Shoah. In dit turbulente seksleven was Lanzmann curieus genoeg de enige minnaar die ze met tu aansprak, in plaats van met het formele vous.

En De Beauvoir was wel degelijk een belangrijk filosoof, aldus Kirkpatrick. Ze gaf het naoorlogs existentialisme een eigen ethiek en schreef met De tweede sekse een ‘feministische Bijbel’ die nog altijd relevant is.

Maar toch, als je over De Beauvoir schrijft, kom je altijd weer uit op Sartre. In het hart van elke vertelling over het tweetal ligt het beroemde ‘pact’ dat ze sloten in oktober 1929, zittend op een bankje voor het Louvre. Monogamie was niets voor vrije geesten, meenden ze. Sartre, hij was tenslotte filosoof, formuleerde het zo: ‘Wat wij hebben, is een essentiële liefde; maar het is een goed idee als wij ook contingente liefdesaffaires meemaken.’ Ze beloofden elkaar alles te vertellen over hun ‘contingente’ (niet-noodzakelijke of toevallige) minnaars.

Vooral in de jaren zestig en zeventig sprak dit pact erg tot de verbeelding.

‘Sommige mensen vonden het aantrekkelijk vanwege de gedachte dat je vrijheid en een vorm van trouw kon combineren. Anderen, vooral vrouwen, zagen Simone de Beauvoir als een voorbeeld van een vrouw die een intellectueel bevredigend leven kon leiden, dat ook een grote liefde bevatte’, zegt Kate Kirkpatrick in haar werkkamer in King’s College in het centrum van Londen. ‘Ik bestrijd dat ook niet. Ik geloof dat Sartre een grote liefde voor haar was. Alleen is de aard van die liefde vaak verkeerd begrepen.’

Seksueel doofde de relatie al snel. Sartre is een warme, levendige man, maar niet in bed, schreef De Beauvoir aan haar minnaar Nelson Algren.

‘Ja, en ook emotioneel schoot Sartre tekort. Toen haar moeder op sterven lag, nam De Beauvoir tranquillizers voordat ze Sartre zag, omdat ze niet emotioneel wilde zijn. Dat getuigt niet van een gezonde relatie.’

Sartre zag emoties als een inbreuk op zijn vrijheid, schrijft u. Maar ondanks alles was hij voor De Beauvoir de ‘onvergelijkbare vriend van mijn denken’.

‘Sartre en De Beauvoir voerden een constante conversatie, waarin ze elkaars werk lazen, elkaar uitdaagden en bekritiseerden. Veel filosofen kunnen daarvan slechts dromen, om hun leven lang zo’n criticus te hebben.’

Het romantische beeld van Sartre en De Beauvoir is vooral verkondigd door De Beauvoir zelf, in haar memoires. Ze verzweeg haar eigen affaires en dikte haar romantische band met Sartre aan. Waarom deed ze dat?

‘Voor een deel om de privacy van haar minnaars en minnaressen te beschermen. In de jaren vijftig kon ze haar lesbische verhoudingen niet onthullen. Daarmee zou ze te veel lezers van zich vervreemden. Ze kreeg toch al het verwijt dat ze tot een filosofische elite behoorde die niets van gewone vrouwen begreep. Ze kende ook de kracht van het verhaal, en de kracht van de belangstelling voor haar relatie met Sartre. Ik denk dat ze daar munt uit heeft willen slaan. Als ze over Bost en Lanzmann had geschreven, was het verhaal over Sartre verwaterd. Overigens geeft ze toe dat ze niet alles opschrijft, met een heel mooie zin: alleen als er weinig te vertellen is, kun je alles zeggen.’

Uit de brieven van Sartre aan De Beauvoir en de biografie van de Amerikaanse schrijver Deirdre Bair uit 1990 bleek dat hun verhaal minder romantisch in elkaar stak dan veel lezers hadden aangenomen. Sartre bleek De Beauvoir systematisch te hebben misleid.

Toch berust het beeld van De Beauvoir als slachtoffer op het vooroordeel dat alle vrouwen het liefst een monogame relatie hebben, stelt Kirkpatrick. ‘Hoewel haar affaires meestal liefdesaffaires waren, maakt bijna elke pagina die ze schreef duidelijk dat ze alles zou hebben opgegeven als ze Sartre voor zichzelf had kunnen hebben’, schreef The New Yorker.

Maar De Beauvoir schreef al in haar studentendagboek dat ze niet voorbestemd was voor een burgerlijk huwelijk. Toen ze in 1929 haar pact met Sartre sloot, onderhield ze al een amoureuze relatie met René Maheu, een getrouwde man. Sartre was de denkvriend, Maheu de sensuele minnaar. In de jaren dertig verleidde ze Jacques-Laurent Bost, in de jaren vijftig had ze een hartstochtelijke affaire met Nelson Algren. ‘Die affaire was wel bekend, maar na 1990 zijn haar brieven aan Algren gepubliceerd, net als haar brieven aan Bost. De tederheid van haar woorden laat zien dat Sartre minder centraal stond in haar leven dan vaak werd gedacht.’

Na 1945 werden Simone de Beauvoir en Jean-Paul Sartre een intellectueel power couple. Ze gaven de Franse filosofie internationale glamour, mede doordat ze niet alleen ingewikkelde verhandelingen schreven, maar ook romans en toneelstukken. De boodschap van het existentialisme was perfect toegesneden op de naoorlogse wereld, waarin de traditionele moraal in diskrediet was gebracht. De mens is vrij in de wereld geworpen, schreef Sartre, hij is gedoemd zijn leven zelf vorm te geven door zijn keuzes en daden, zonder zich te verschuilen achter religieuze dogma’s of politieke ideologieën. Slechts weinig mensen lazen zijn hoofdwerk L’être et le néant (Het zijn en het niet), maar de boodschap van vrijheid werd uitstekend begrepen. Zo werd het existentialisme een mode met losse zeden, zwarte coltruien en jazzmuziek, niet alleen in de wijk Saint-Germain-des-Prés, maar over de hele wereld.

Ten onrechte werd Simone de Beauvoir naderhand gezien als een slaafse discipel van Sartre, stelt Kirkpatrick. Zij bekritiseerde Sartre juist, omdat zij vond dat zijn existentialisme tot nihilisme kon leiden. Als we vrij zijn, waarom zouden we dan rekening houden met anderen? De Beauvoir gaf het existentialisme zijn eigen ethiek, aldus Kirkpatrick. Onze vrijheid kan alleen bestaan als we ook rekening houden met de vrijheid van anderen.

Het existentialisme van De Beauvoir was meer dan abstracte filosofie, het was ook een levenshouding. Door haar keuzes en daden wilde ze ‘worden wie ze was’, een intellectuele en zelfstandige vrouw die zich niet liet opsluiten in een burgerlijk huwelijk – Becoming Beauvoir, zoals de titel van de biografie luidt. Tegenwoordig lijkt dat misschien weinig spectaculair, maar in haar tijd was het niet gebruikelijk dat een vrouw een eigen carrière nastreefde. Ze moest er hard voor vechten.

Haar ethiek was ook geworteld in haar eigen ervaringen, schrijft Kirkpatrick. In de jaren dertig waren De Beauvoir en Sartre allebei leraar filosofie, onbekend, maar brandend van ambitie. De Beauvoir knoopte lesbische verhoudingen aan met drie jonge vrouwen, die kort daarvoor haar leerlingen waren geweest. Twee van die vrouwen werden ook door Sartre verleid.

Tegenwoordig zou je daarvoor een #MeToo-klacht aan de broek krijgen.

‘Het was natuurlijk een andere tijd. Op dat moment waren Sartre en De Beauvoir nog niet beroemd.’

Een van De Beauvoirs minnaressen zei: we worden als slangen bezworen door deze charismatische mensen.

‘Het zijn geen prettige verhalen. Achteraf besefte De Beauvoir dat ook. Het betekende een ommekeer in haar filosofie, de reden waarom ze naar een existentialistische ethiek zocht. Ze beschrijft dat Sartre en zij ten prooi waren gevallen aan ‘spirituele hoogmoed’, waardoor ze hun verantwoordelijkheid voor de gevoelens van deze jonge meisjes niet erkenden.’

In 1949 werd De Beauvoir een beroemdheid door haar boek De tweede sekse, met de bekende zin: ‘Men wordt niet als vrouw geboren, men wordt tot vrouw gemaakt.’

‘Die zin heeft tot veel misverstanden geleid. Veel mensen geloven dat De Beauvoir de gedachte van een vrouwelijke biologie totaal verwerpt. Het is waar dat ze schrijft dat er geen ‘essentie’ van de vrouw bestaat. Maar ze praat ook over données biologiques, dat wat biologisch gegeven is. Ze schrijft over zaken als zwangerschap, menstruatie, moederschap. Wat zij wil, is dat vrouwen zichzelf worden door hun eigen vrijheid te erkennen, in plaats van zich te conformeren aan wat andere mensen, vooral mannen, willen.’

Is De tweede sekse nog altijd relevant?

‘Ik denk het wel. De Beauvoir zegt dat veel vrouwen worden opgevoed met het idee dat het grootste succes in het leven een zekere vorm van liefde voor man en kinderen is. Met die mythe groeien nog altijd veel vrouwen op.’

Is dat nog steeds zo? Hier op King’s College zie ik meer vrouwelijke dan mannelijke studenten.

‘Het is niet universeel waar, maar het geldt zeker voor sommige vrouwen. De Beauvoir schrijft ook dat vrouwen ‘verdeelde subjecten’ worden. Ze raken verdeeld over de mogelijkheid hun eigen projecten in het leven te volgen, naast het project van de liefde, of dat nu voor een partner of de kinderen is. Mannen voelen die gespletenheid niet.

‘Ik geloof dat wat ze over ethiek te zeggen heeft, niet alleen relevant is voor vrouwen. Soms denk ik: De Beauvoir was een filosoof die de pech had als feminist te worden beschouwd. Haar filosofische verhaal, hoe je in de loop van de tijd jezelf wordt, een ethisch zelf dat rekening houdt met anderen, is voor iedereen interessant.

‘In De tweede sekse schrijft ze dat liefde wederzijds moet zijn en dat het een project is waaraan je elke dag moet werken. Het is niet iets waarop je op een dag uitkomt, waarna je er voor lange tijd van kunt genieten. Jezelf worden betekent ook dat je keuzes steeds moet herhalen.’

Er waait weer een sociaal-conservatieve wind door de samenleving. Dat zie je bijvoorbeeld in de Amerikaanse alt-rightbeweging. Terug naar duidelijke rollen voor mannen en vrouwen. Gelooft u dat het feminisme kan worden teruggedraaid?

‘Alabama wil abortus verbieden, daarover wordt nu een juridische strijd gevoerd. Dat laat zien dat gevechten nooit voorgoed zijn gewonnen.’

Het sociaal-conservatisme lijkt me in de Verenigde Staten sterker dan in Europa. Ik kan me moeilijk voorstellen dat de voorstanders van de Brexit opeens abortus willen verbieden.

‘Het is moeilijk om je dat voor te stellen, zeker als je hier in Londen zit, maar het is gemakkelijk ervan uit te gaan dat dingen niet kunnen veranderen.’

De Beauvoir stelt dat mens bestemd is om vrij te zijn, hoe moeilijk dat soms ook is. Is dat nog altijd een relevante boodschap, in een tijd waarin veel mensen naar oude zekerheden lijken te hunkeren?

‘In sommige opzichten zitten we in een vergelijkbare situatie als na de Tweede Wereldoorlog, toen het existentialisme opkwam, hoe ver die periode cultureel ook verwijderd mag lijken. Toen vroegen mensen zich af wat ze moesten doen in het kielzog van de dood van God, zonder traditionele waarden, religieus of humanistisch. Nu zie je een vergelijkbare onzekerheid bij conservatieven. Er is angst voor de dubbelzinnigheid van het leven, er is een verlangen naar hoe de dingen waren, want toen was er een orde die we zouden moeten volgen.’

Kate Kirkpatrick: Becoming Beauvoir Beeld Bloomsbury

Kate Kirkpatrick: Becoming Beauvoir – A Life. Bloomsbury; 476 pagina’s; € 23,99.

De Nederlandse vertaling verschijnt in maart 2020 bij uitgeverij Ten Have.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden