Showen wat je hebt

De Amerikaanse schrijver Tom Wolfe was in Nederland. Met een eenvoudige boodschap: mensen moeten weer kunnen dromen. Over hun eigen auto, bijvoorbeeld.Door John Schoorl..

Tom Wolfe heeft een witte auto! Maar niet eentje die verschrikkelijk WRRRRROEEEMMMM doet. Hij zou niet weten welk geluid zijn nieuwe CadillacDeVille precies maakt. Hij heeft 'm nog niet. Bij Diamond Back Classics inConway, South Carolina (vlak bij Highway 90) nadert ie zijn voltooiing. Deauto van Tom Wolfe krijgt witte radiaalbanden. Porselein-wit. Hij lacht:huh-huh.

Probeer je maar niet voor te stellen hoe Tom Wolfe een auto koopt. Dathij, zeg maar, met De Autotelegraaf onder zijn arm autoshow naautoboulevard afloopt, afdingt, een oom belt, navraag doet bij een buurman- geen denken aan. Dat in Conway had hij trouwens telefonisch afgehandeld,en voor weer een ander geinig wit-chroom dingetje aan zijn auto belde hijnaar Californië.

Toen de beroemde, miljoenen boeken verkopende Amerikaanse schrijver dieCadillac DeVille High Luxury Sedan (met een 4,6 liter-motor) aanschafte, wist hij ook wel dat hij een nostalgische ouwemannenwagen had gekocht.Lichtgrijs! Niet te geloven! Een erger bewijs van dat je lid bent van degrijze, overvolle ouwemannengemeenschap, bestaat niet.

SEN-SA-TIO-NEEL moest daarom zijn wagen worden, zijn witte wagen. Zijnauto moest opgepimpt worden, want hij, Tom Wolfe, The Real White Pimp, wilnu op zijn 74ste en na veertien boeken wel eens zijn ideale auto. Net alsbij zijn 41 pakken - volgens de laatste statistieken draagt hij zo'n pakvijfenhalf uur - streeft hij naar wit.

Puur wit. Huh-huh.

Witlederen bekleding voor de voorverwarmde/gekoelde stoelen, wit vinylbij de kolossale voetruimte, wit nep-fluweel voor het dak en een witgelakthouten stuur. Aan wit-lederen autohandschoenen wordt gewerkt.

Als hij een over een tijdje van zijn chique appartement op de veertiendeverdieping van dat gebouw aan de Upper East Side in New York de lift naarbeneden neemt, de portier toeknikt en naar zijn garage loopt, ziet hij dewitte Cadillac DeVille glimmen. Kan Wolfe een eindje om met zijn vrouwSheila, of kunnen ze naar Long Island tuffen, naar hun zomerhuis.

Daar staan trouwens nog drie auto's: een Buick Roadmaster Stationwagon(1969), een Saab (2001) van zijn dochter en een 1969 Chevrolet Blazer vanzijn zoon. Neeeeeeeeeeeee Geen geblindeerde, zwaargeschapenterreinwagens voor hem, die verschrikkelijke Sports Utility Vehicles(SUV's). Weg met die wagens van de angst! Die muren van metaal! Lelijksteauto's in de geschiedenis van de mensheid!

Dat ze onophoudelijk voorbij razen in zijn laatste boek, I am CharlotteSimmons, als vervoermiddel van opgefokte Ivy League-studenten, wil nogniet zeggen dat ze hem behagen. Die benzineverspillende SUV's belemmerenzijn uitzicht, zijn uitzicht op de wereld om hem heen - en daar is hijzéér aan gehecht.

Het is allemaal de schuld van O. J. Simpson, gromt Wolfe hees. Deachtervolging in diens witte Ford Bronco in 1994, daar begon het dus mee. Om hem heen hoorde hij mensen zeggen: 'Wat moet zo'n welvarende man met EENTRUCK?' En voor Wolfe het in de gaten had, gold EEN TRUCK als het symboolvan 'conspicuous consumption', zoals de Amerikaaanse econoom ThorsteinVeblen (1857-1929) het noemde, de auto om je positie in de bezittendeklasse te bevestigen.

Auto's? Ja - auto's! Dus daar in kamer 606 van het Renaissance Hotel,op dezelfde verdieping als de Royal Suite waar Tom Wolfe samen met vrouwen zoon bivakkeert, praten we over auto's. Elvis is gestikt, Sam Cookekapotgeschoten in een hotel, Johan Cruijff voetbalt alleen nog met zijntong en andere helden als John Fante (ratelende typemachine) en Art Pepper(blanke blazer) zijn ook niet meer. En hij die er nog wel is, zit een meterverderop in alles Tom Wolfe te zijn - en we praten over brede banden.

Een paar dagen eerder was hij er opeens, in de Amsterdamse Koepelzaal.Hij liep achteloos binnen alsof hij geen eregast van het John AdamsInstitute was, maar toeschouwer. Hij struikelde bijna. Die middag was hijwat later aangekomen uit Parijs, omdat een in de Haarlemmermeer gevondenvliegtuigbom uit de Tweede Wereldoorlog zijn eerste voet op Nederlandsegrond vertraagde. Hij ging very cool achter het spreekgestoelte staan enwat gebeurde? Hij citeerde uit het blote hoofd de Nederlandse dichterWillem Kloos: 'Ik ben een god in het diepst van mijn gedachten.'

Laten we allen juichen ('Tom Wolfe! Tom Wolfe! Tom Wolfe! Tom Wolfe!'),maar het bleef deftig doodstil in de afgeladen Koepelzaal.

Ze wisten daar toch wel hoe groot hij was? Wat hij heeft gedaan alsschrijver, en in fictie én non-fictie heeft gegoten, is de velewerkelijkheden opgezogen, weer uitgespuwd en daarmee de werkelijkheid vormgegeven. Het was te zien, maar toen Tom Wolfe het opschreef was het pasecht te zien en niet meer te ontlopen. En we noemen hem: chroniqueur,parajournalist, ontdekkingsreiziger, maker van sociale röntgenfoto's, dichter van de Amerikaanse aspiratie en journo-satiricus.

New Journalism heet zijn stijl, waarin hij literatuur en journalistiekvermengt, en dat was ook de naam van een boek (1973) waarin hij verwantenals Gay Talese, Truman Capote en Hunter S. Thompson verzamelde. In machtigeartikelen en reportageboeken, zoals The Electric Kool-Aid Acid Test overeen hippiebus en The Right Stuff over straaljagerpiloten, ordende hij opgeheel eigen wijze tijd, plaats en ruimte. Met dezelfde technieken en dejuiste verslaggevershouding ('Ga naar buiten!') beschreef hij nadien indrie romans de jaren tachtig (Bonfire of the Vanities), de jaren negentig(A Man in Full) en het begin van de 21ste eeuw (I am Charlotte Simmons).

Auto's (glimmende, zelfgemaakte auto's die door het stedelijk landschapsnijden, opgedirkte karretjes die mooier bewegen dan vrouwenbenen): daarbegon het allemaal mee. Hij kwam na zijn studie bij de Herald Tribuneterecht. Door een krantenstaking had hij geen rooie cent meer en beslooteen verhaal aan te bieden aan het maandblad Esquire. Het ging overautofreaks in Los Angeles die hun eigen subcultuur creëerden.

Maar hij liep vast, hij kreeg het verhaal over die maniakale hot-roddersniet op papier. Tik dan je aantekeningen maar uit, zei de redacteur. 'sAvonds om acht uur begon hij zijn memo aan zijn redacteur en schreef dehele nacht door aan het 48 pagina's lange The Kandy Kolored Tangerine-FlakeStreamline Baby.

Tom Wolfe was nieuw-journalistiek geboren.

In die tijd, begin jaren zestig, reed hij zelf in een Ford Stationwagon(1953) met houten strippen aan de zijkant waaruit paddestoelen groeiden.Ver daarna kocht hij een gestroomlijnde Cadillac Civil uit 1977, en in 1987de grootst denkbare familiewagen, een nieuwe Buick Roadmaster Stationwagon.En nu dus die witte Cadillac DeVille.

Zijn autogeschiedenis vertelt dat hij een echte Amerikaan is: alles doenom te showen wat je hebt. Een vertegenwoordiger van de hoogst denkbarebeschaving op aarde: de Amerikaanse middenklasse - en hij weet zeker dathij de enige Amerikaanse schrijver is die dit vol trots op een Amsterdamsehotelkamer zal meedelen. Die andere schrijvers, en dan vooral die zogehetenlinkse types (al heet dat, gelooft hij, niet meer zo), scharen zich onderde charming aristocracy. Zij schrijven alleen voor elkaar en kijken neerop het volk in het land en de politici die ze kiezen.

Verkeerd! Verkeerd!

Een paar weken geleden was Wolfe nog onder het volk om de stockcar-raceste zien in Bristol, Tennessee. Dit is Bush-country: 160 duizenduitzinnige rednecks kijken naar een freefight-wedstrijd met rubber enstaal. Alsof je met zijn allen zit opgesloten in een megafoon, een langegalmende VRRRROEMMMM.

HEER-LIJK, al die verschillende mensen - da's wel wat anders dan wathij doorgaans op de Upper East Side voorbij ziet schuifelen. En daar liepTom Wolfe met zijn handgemaakte geruite overhemd, zijn crèmekleurige paken zijn two tone-schoenen. Want de laatste keer dat hij zichkledingtechnisch aanpaste - tijdens autoraces van ex-dranksmokkelaarsdacht hij met een gebreide das, suède-schoenen en een Borsalino-hoed nietuit de toon te vallen - vroeg iedereen zich af wie dat rare, groenemannetje was.

Voorafgaand aan de Bristol 500 kreeg een dominee het woord. Hij zei:'Dear God, geef die racers uw zegen, ook hun fans. In naam van uw zoonJezus Christus.' O yeah, zegt hij zachtje in de hotelkamer, en zijn ogenglimmen in dat fragiele, grappige hoofd. Als dat aan een van de kusten wasgebeurd, hadden ze de dominee aangehouden voor het aanzetten tot haat.

Wat hij maar wil zeggen, is dat aan de kusten andere mensen leven daninside America. Dat wordt maar voor het gemak religious right genoemd, maarhij moet een beetje lachen om die term. Want tot de Tweede Wereldoorlogwas iedereen religieus, of deed er alles aan om op een religieus iemand telijken.

En opeens lijkt de koning van de literaire dynamiek, Thomas KennerlyWolfe jr., geboren in Richmond, Virginia, een sombere cultuurfilosoof, enwel hierom:

1. God is dood, hij zegt het Friedrich Nietzsche na. Wij mensen zijngeen kinderen van God meer.

2. We zijn de weg kwijt, of, wat Nietzsche wederom voorspelde: wekampen met de totale ondergang van alle waarden. De impact hiervan zalgroter zijn dan de Irak-oorlog of de terroristische aanslagen.

3. Dit alles manifesteert zich in het seksueel verkeer, in TestosteronValley. Een groot deel van de religieuze moraal had met seks te maken, enals er seks is zonder moraal, dan moeten we opnieuw naar onszelf gaankijken.

4. De neurowetenschappers maken ons duidelijk dat ons hoofd niet meeris dan een machine. Dit begrip zal leiden tot een verdere rationalisatievan de wereld en het einde van de magie. De geest is uit de machine.

Maar mister Wolfe, wat betekent dit alles voor de auto?

Stilte.

Woh, hoe moet ie nou de toenemende rationalisatie, magie, stockcarracing, Nietzsche, seks en auto's aan elkaar knopen?

Huh-huh.

Well, zegt Wolfe. De enige manier waarop we de totale ondergang totstilstand kunnen brengen, is weer auto's te bouwen met échte vinnen, zoalsin de jaren vijftig. De terugkeer van de irrationele auto. Met koplampendie op borsten lijken. Ja, of zoiets als de Edsel - die Ford die van vorenop een vagina leek. We moeten weer kunnen dromen, zo ook over een auto.

En op een kladblok tekent hij DE AUTO.

'Hey, weet je wat we doen?', zegt hij bij het afscheid. 'Als mijnCadillac DeVille helemaal klaar is, dan kom je langs en gaan we een ritjemaken in mijn witte wagen. Allright?'

Een FAN-TAS-TISCH idee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden