Sebastiao Salgado

De Braziliaanse fotograaf Sebastiao Salgado wordt vaak verweten dat hij goed geld verdient aan het leed van vluchtelingen en landlozen....

De mensheid stevent af op de ondergang, en degenen die dit lot zouden kunnen keren vieren feest of laten anderszins hun verantwoordelijkheid uit handen vallen. 'Van de wereldbevolking is vijftien procent vertrokken naar de toekomst', zegt Sebastiao Salgado, 'en we laten 85 procent achter.'

Salgado is een geëngageerd man. Weliswaar verplaatst hij zich per baby-Benz naar het kantoor van zijn fotobureau Amazonas Images langs een kanaaltje bij Gare de l'Est in Parijs, maar de opbrengst van zijn project Terra uit 1997 (een fotoboek en een reizende tentoonstelling), anderhalf miljoen dollar, is gestoken in een school voor Braziliaanse landlozen.

Er zijn mensen die zijn werk commerciële esthetisering van lijden en misère noemen. Salgado's kale hoofd wordt er wat roder van en zijn stem wordt Portugees-zangerig op falset-hoogte: 'Wat moet ik dan doen? Slechte foto's gaan maken? Mijn tentoonstellingen armoedig presenteren?'

In 1993 zette Salgado een nieuwe standaard in de fotojournalistiek met de publicatie van Workers, een groot boek met tientallen reportages over eerlijke handenarbeid, van tonijnvissers op Sicilië tot staalarbeiders in Oekraïne. Een geschiedkundig project; veel van wat hij vastlegde staat op het punt te verdwijnen of sterk van karakter te veranderen. Wereldberoemd werd zijn serie over de tienduizenden mannen die, gehuld in weinig meer dan een versleten korte broek, zwoegen in de modder van een goudmijn in het Braziliaanse Serra Pelada.

Dit voorjaar rondde hij een nieuw project af, over de mondiale volksverhuizing die zich de afgelopen decennia in toenemende mate voordoet. Mensen die vluchten voor honger en oorlog, mensen die zoeken naar materiële vooruitgang in de grote stad en zij die alles overhebben voor het binnendringen in een van de gefortificeerde reservaten van de westerse rijkdom. In het Engels heten het boek en de expositie Migrations, in het Frans Exodes. De fotoreportages proberen de grote vraagstukken van het menselijk bestaan een vorm te geven, en ze zijn prachtig en schrijnend ineen.

U bent econoom. Dat is een wezenlijk element in de manier waarop u als fotograaf werkt. Hoe kijkt u aan tegen de ontwikkeling van stijgende koersen en nieuwe economie?

'De tentoonstelling is een rontgenfoto van de wereld van vandaag. De huidige economie gaat over globalisering, de verdeling van de welvaart in de wereld. Wij, het noordelijk deel van de bevolking, leven al in de toekomst: de tgv, een mooie auto, een prachtig kantoor, hoge bankrekeningen. Alles wat de wereld produceert wordt door vijftien procent van de bevolking geconsumeerd: goederen, gezondheid, zekerheid, huisvesting. De vraag is hoe we die andere 85 procent kunnen laten meedoen in dat nieuwe leven dat we hebben gekozen.

'In maart heeft de Europese Unie een wet aangenomen die bepaalt dat het vet in chocolade voor vijf procent mag bestaan uit ander vet dan dat van cacao. De kwaliteit van de chocolade neemt af. Nestlé en Mars maken grotere winsten, maar de importen uit Ivoorkust, Liberia, Brazilië en Aziatische landen neemt af. En het interesseert ons niets.

'Landbouw is tegenwoordig een industrie en dat verandert de verhoudingen op de hele planeet. Brazilië heeft de grootste veevoorraad, op India om religieuze redenen na, van honderdtwintig miljoen runderen. Maar het exporteert bijna niet. De kwaliteit is niet goed genoeg, en de prijs niet concurrerend. De vs hebben 93 miljoen runderen. Dat land kan snel produceren en makkelijk over de hele wereld distribueren. Daar kan Brazilië niet tegenop. Maar we kappen wel ons regenwoud om er vee te laten grazen.'

U bent somberder geworden. In Workers schrijft u nog dichterlijk: 'In de geschiedenis bestaan geen afzonderlijke dromen; de ene dromer blaast de volgende dromer nieuwe adem in.' In Migrations meldt uw inleiding: 'Overal regeert het individuele overlevingsinstinct. Als ras lijken we te koersen naar zelfvernietiging.'

'Bij het maken van Workers raakte ik gefascineerd door de menselijke capaciteit om materiaal te transformeren. Bijvoorbeeld de aanleg van het Indira Gandhi Kanaal in Rajasthan, waar tienduizenden Indiërs sinds 1958 werken aan een negenhonderd kilometer lang kanaal met veertigduizend kilometer aan kleinere irrigatiekanalen. Het is overweldigend als je zoiets in een woestijn ziet ontstaan.

'Evolutie was iets moois. Natuurlijk, er waren problemen, oorlogen. Maar in het algemeen geloofde ik dat we ons in een positieve richting bewogen. Zo begon ik ook aan Migrations. Toen ik eens in Bangladesh was, merkte ik dat de textielindustrie daar niet voor de eigen behoefte werkte, maar voor de wereld. Ze kregen garen uit India, weefden er stoffen van die op de Filipijnen tot kleren werden gemaakt en die in de vs of in Nederland werden verkocht. In principe niks mis mee.

'In 1996 ging ik voor het eerst in twintig jaar terug naar Sao Paolo, indertijd een hele prettige stad om te wonen. Nu is het een ramp. Er wonen twintig miljoen mensen, van wie honderdduizenden op straat. Brazilië veranderde in die tijd van een landelijke samenleving - tachtig procent van de bevolking leefde op het platteland - in een stedelijke: bijna tachtig procent woont nu in een grote stad. Aan oude vrienden vroeg ik wat er was gebeurd. Hoe bedoel je, vroegen ze. Dus ze waren er al aan gewend geraakt. Terwijl Sao Paolo na Lagos in Nigeria misschien wel de meest gewelddadige stad ter wereld is. Zoveel mensen worden doodgeschoten. Ik heb twee zoons, van 25 en 26. Ze lopen daar een grote kans te worden vermoord. Na het parkeren moet je eerst tien keer in de rondte kijken voor je uitstapt. Ze stelen je auto en je geld. Je dochter loopt een grote kans te worden verkracht en vermoord. Daar voltrekt zich een soort burgeroorlog. Maar de mensen schikken zich in dat leven.

'In Rwanda kwam ik voor het eerst in 1971, als medewerker van de International Coffee Organisation. De eerste theeplantages werden er opgezet. In 1991 kwam ik er voor Workers. Rwanda leverde de beste thee ter wereld, en had een hoge productie. Ze werd gemengd met thee uit Ceylon, uit India. De Rwandese thee stond het hoogst genoteerd aan de beurs in Londen. En drie jaar later voltrok zich daar dat vreselijke geweld. Ik realiseerde me dat het de werkelijke intelligentie van de mens is om zich aan de omstandigheden aan te passen. Maar die evolutie is niet noodzakelijkerwijs naar boven, het kan net zo goed een ontwikkeling in neerwaartse zin zijn.'

Het viel u op dat steden als Sao Paolo en Mexico City een veel grimmiger sfeer kennen dan de nieuwe miljoenensteden in Azië. Hoe komt dat?

'Het adellijke systeem in Portugal was in de zestiende eeuw zo dat de oudste zoon het bezit in het vaderland erfde, terwijl de tweede in lijn een enorm gebied in zijn beheer kreeg in Brazilië, soms groter dan Portugal zelf. De staat bleef eigenaar, maar zij waren er wel señor. Brazilië is nu modern als je kijkt naar industrie en dienstverlening, maar in de landbouw is er nog sprake van een feodaal systeem. Als die drie sectoren zich niet in dezelfde richting ontwikkelen krijg je problemen.

'In Latijns-Amerika zijn de gemeenschappen gebroken door de urbanisatie. De mensen kwamen in families, maar die raakten gedesintegreerd. Meisjes kwamen in de prostitutie, jongens werden bandieten. Dat gebeurt in Lima, in Mexico, Sao Paolo. Azië is anders. In Bombay zag ik bijvoorbeeld dat de mensen die in de stad komen werken een band houden met de landelijke gemeenschappen waar ze vandaan komen. In de weekends keren ze daarnaar terug.

'Het milieu is een gemeenschappelijk probleem. In het rijke Westen is er sprake van vervuiling, maar in de Derde Wereld gaat het om vernietiging. Zo dreigt er nu in de Braziliaanse senaat een wetsvoorstel in stemming te komen dat de grootgrondbezitters het recht moet geven om niet zoals nu twintig procent van het regenwoud te kappen, maar vijftig procent. De grootgrondbezitters hebben een derde van de macht in de senaat, ze domineren de pers. Als deze wet wordt aangenomen, kunnen we er zeker van zijn dat de helft van het Amazone-woud verloren gaat, en wel heel snel.

'En dat is het punt, we zijn een dubbele natie, met een dominante klasse. Latijns-Amerika staat voor grote desintegratie. Dat geweld is een inheemse ziekte.'

Wereldwijd zijn honderdtien miljoen mensen op weg, schrijft u: vanwege oorlog en honger, het magnetisme van de grote stad en de verlokkingen van het rijke westen. Is die derde reden de globale variant van de goudmijn in Serra Pelada: samen op zoek naar individueel geluk?

'Sommigen halen het, anderen niet. Er staat een muur om Europa, een muur onder de vs en in Azië staan er muren om Japan, Australië en de rijke Arabische staten. Ik ben op al die plekken geweest. Je kunt de mensen niet stoppen, of je zou ze moeten doodschieten. Bij Gibraltar wordt vijf procent van de overstekers gepakt door de Spaanse grenspolitie. Er zijn mensen die vanuit Zaïre te voet naar de Middellandse Zee lopen. In 1996 stuurde de Amerikaanse grenspolitie 1,6 miljoen mensen terug naar Mexico en zuidelijker, wetend dat het dubbele aantal wel binnenkwam. Uit mijn geboortestad werken tweehonderd mensen in de vs. Ze hebben geen geld voor een ticket. Maar ze lopen en lopen. Op elke goederentrein naar de vs zitten twee- tot driehonderd mensen.

'Interessant is dat in Californië en West-Europa de bevolkingsgroei zich vrijwel alleen voordoet onder migranten. Dus over niet al te lange tijd vormen zij de meerderheid. In Azië zie je iets soortgelijks. In Tokio tref je Bengalezen, Pakistani, Iraki en zelfs Brazilianen. Op de lijst inkomsten van Brazilië uit het buitenland staat het bedrag dat migranten naar huis sturen op de tweede plaats, na de opbrengst uit de koffie-export.'

Mede dankzij u is een project gestart dat op uw geboortegrond het regenwoud opnieuw laat groeien.

'Een familieboerderij in Brazilië is kleiner dan duizend hectare. Een grote farm is vijftigduizend hectare. Landlozen komen nu hooguit aan een boerderij van honderd hectare. Mijn vader, nu 93 jaar, had zeshonderd hectare, waarvan meer dan de helft bos. Er stroomden rivieren met krokodillen, grote vogels, apen. Langzaam maar zeker kromp dat in. We zetten er vee op en teelden nog wat rijst, aardappelen en bonen. Alles raakte ontbost, niet alleen bij mijn vader, maar in de hele streek. Nu is het een woes tijn.

'Acht jaar geleden besloot ik met mijn zus de boerderij te behouden en het regenwoud te gaan herplanten. Dat was een soort droom, een utopie. Nu hebben we 35 hectare opnieuw beplant met 82 duizend bomen. Uiteindelijk willen we er anderhalf miljoen planten. Met universiteiten hebben we een project opgezet dat wordt gesteund door enkele bedrijven. De Wereldbank is bereid de fondsen die we werven te verdubbelen.

'We hebben een milieuschool opgezet voor mensen uit de buurt. Ze leren er dat er zonder bos geen water is, dat door branden ook belangrijke bacteriën doodgaan, dat wegenbouw tot erosie leidt. Het is een groot gevecht om de mentaliteit te veranderen. We leren mensen om water te zuiveren, om mest te maken van plantenafval. Om geen branden meer te stoken. Want in vijf minuten is die 35 hectare afgebrand. In juli beginnen we met de bouw van een school waar alle basisschoolleerlingen een cursus kunnen krijgen. En we hebben een lespakket gemaakt over kunst, fotografie, journalistiek en milieu.'

U probeert de wereld te verbeteren.

'Ik geloof niet dat ik de wereld kan verbeteren. Fotografie kan de wereld niet veranderen, niet alleen. Wel met anderen. Fotografie met humanitaire instellingen, fotografie met kranten, met televisie. Dan kun je misschien iets veranderen. Maar je bent deel van een systeem. Toch geloof ik dat we een andere samenleving kunnen opbouwen. We hebben er de gereedschappen voor, het geld, en de technologie. Hoe kunnen we leven met onze vijftien procent? Dat kan dus niet. We hebben een wereldeconomie opgebouwd. Dan moeten we er ook met de hele wereld van leven.'

De huidige tijd kent veel cynisme. We kunnen niet zoals tijdens de Tweede Wereldoorlog zeggen dat we het niet wisten, schrijft u zelf. We weten alles, maar het wordt er niet beter op. Boodschappers als u wordt verweten voor eigen gewin te koketteren met schoonheid.

'Natuurlijk is er cynisme, maar er zijn ook veel mensen die vechten tegen het cynisme. Je kunt de steun betwisten die een organisatie als Artsen zonder Grenzen krijgt, geld voor hulp op korte termijn terwijl je het misschien beter voor de lange termijn kunt gebruiken. Maar je kunt niet de ethiek bestrijden van het werk dat zij doen. Artsen zonder Grenzen is niet fout, de wereld zit verkeerd in elkaar.

'Zo is het ook met mijn fotografie. Ik veroorzaak de problemen niet. Fotografie is er alleen maar om ze te laten zien. Als je arme mensen fotografeert, hoef je dat niet armoedig te presenteren. Uw krant toont mijn foto's, Artsen zonder Grenzen toont mijn foto's, de beweging van de landlozen. Iedereen kan het zien. Fotografie is een vormentaal, je toont vormen. De critici zouden zich moeten bekommeren om de ethiek van de huidige samenleving.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden