Schubert: Sonatas D840 en D959

Bitterzoete harmonieën * * * * *

Frits van der Waa

De muziek van Schubert is niet zo moeilijk te begrijpen, maar ze laat zich niet makkelijk doorgronden. Een van de musici die meer dan menig ander het vermogen bezitten om bloot te leggen wat er schuil kan gaan onder die schijnbaar eenvoudige noten is de 31-jarige pianist Severin von Eckardstein. Op zijn eerste geheel aan Schubert gewijde cd combineert hij de sonate in A D959, een van de drie 'grote' sonates die Schubert in zijn laatste levensjaar schreef, met de onvoltooide sonate in C D840.
Dit tweedelige werk is een mooi torso, met een openingsdeel dat een brede en naar Eckardstein terecht opmerkt Bruckneriaanse cadans heeft, wat tegenwicht krijgt in het tweede, wat avontuurlijker andante-deel met bitterzoete harmonieën en een onverwacht fel slot. Maar het is in de grote, zo'n veertig minuten durende Sonate in A dat Von Eckardstein zijn kunnen ten volle kan ontplooien; een grote greep op de muzikale architectuur, een vermogen om melodieën onafhankelijk leven in te blazen en ze toch organisch in elkaar op te laten gaan, en een behandeling van de klank die maakt dat de akkoorden eerder aandoen als gekleurde timbreblokken dan als gestapelde tonen. Het zijn kwaliteiten die zich loszingen van het feit dat de Steinway voor Schuberts muziek eigenlijk een te nieuwerwets instrument is. Wie goed luistert, kan de pianist een heel enkele keer zachtjes horen meezingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden